Binnen twee weken, op 26 mei, wordt ze vijftig. Al kan ze zonder enige moeite heel wat kaarsjes op haar taart  liegen. Of het een groot feest wordt bij De Madammen of ten huize Anja Daems valt te betwijfelen. Het is niet zo aan haar besteed. “Vijftig worden, dat is beseffen: ineens voel ik me wel oud, of oud-er. Met een innerlijk dat nog dertig blijft. Het is raar.”

Evi Renaux

Wie haar radio- en tv-carrière overloopt, durft misschien te geloven dat Radio 2-Madam Anja Daems binnenkort haar vijftigste verjaardag viert. Maar als je tegenover haar mag zitten ontbijten, durf je te geloven dat ze een grapje maakt. Maar we klinken er met plezier op.

Eerlijk Anja, ik dacht dat je er nog ver van zat.

Toch niet. En het gebeurt op een maand dat je ineens zegt: ik ben oud. Oud-er.

Dat is toch niet oud. Er zijn er die beweren dat het dan pas begint?

Dat vind ik echt niet. En pas op, ik heb vriendinnen die ouder zijn, en de clichés, “je bent maar zo oud als je je voelt”, en “het is maar een leeftijd”; ik heb die zelf allemaal gebruikt. En nu denk ik: oh, ik ben wel vijftig. Mijn papa wordt 74, en toen ik-weet-niet-welke-zangeres stierf, zei mijn mama tegen hem; “maar ja, die is al 74!” Waarop hij riep: “zeg, hey!” Dan besef je: voor jezelf is die leeftijd anders dan voor andere mensen. Dus ineens voel ik me wel oud. Els Dottermans begreep het en zei onlangs tegen mij: “het innerlijke klopt niet meer met wat je ziet.” Dat is heel raar. Want mijn innerlijke blijft dertig, denk ik. En even onzeker ook als toen. Ik blijf denken: “wat moet ik nog allemaal doen?” En toch staat mijn teller al op een halve eeuw.

Ik dacht dat er gaandeweg meer rust zou komen. Is dat dan een illusie?

Weet je wat er wel meer rust geeft? Dat je vaker denkt: “laat de boel, de boel maar zijn.” Maar daarnaast heb ik wel een onzekere job. Ik ben op Radio 2 één van de oudste aan het worden. Soms zeggen collega’s: “En hoe zit dat met uw generatie?” En dan kan ik verbouwereerd kijken, maar eigenlijk klopt dat wel. Sommigen kunnen mijn kinderen zijn. Maar omdat ik nog zo’n jonge dochter hebt, lijkt het alsof alles ineens niet klopt. Of zo voelt het toch. Daarnaast, zien dat ik fysiek ouder word, daar heb ik het nu even moeilijk mee. Terwijl ik dat bij andere vrouwen niet zie gebeuren. Mijn rimpels zijn precies dieper.

Ik zie ze niet, Anja.

(De fotograaf neemt afscheid en zegt: “je ziet er nog altijd goed uit”) Nog altijd!? (verbouwereerd) Chris Lomme is er heel kwaad om als je dat tegen haar zegt, weet je dat? Nog altijd!? (lacht) Ik wil het relativeren hoor, ik word vijftig jaar in heel goede gezondheid. Wat een mooi geschenk.

“Fysiek zien dat ik ouder word, daar heb ik het nu even moeilijk mee.”

En je kan terugkijken op zoveel moois. Ben je niet gezegend?

Ja, dat is zeker zo. Deze ochtend kwam er een jongere collega binnen die wat sakkerde over de eerste werkdag. Dan kan ik wel zeggen: ‘Zeg, wat positiviteit hé? We hebben hier eten, een geweldige job, de zon schijnt…’ Dat is allemaal zo. Maar toch, wacht maar tot jij er bent.

Ik geloof je. Ik had het lastig met dertig.

Is dat waar? Bij mij begon alles pas op mijn dertigste, met De Notenclub en Herexamen. En daarna kwam nog zoveel op professioneel vlak. Op mijn veertigste ben ik dan mama geworden, iets daarvoor had ik Fred leren kennen. En nu word ik vijftig, en alles is er. Nu moet ik beginnen puzzelen.

Vind je dat?

Ja. (aarzelend) Ik ben nu zo oud als ik denk dat mijn moeder moet zijn. Ik ben dit jaar voor het eerst sinds jaren terug naar het Daems-familiefeest geweest. En ik zie op de parking een auto met twee meisjes op de achterbank, waarvan ik denk dat het mijn nichtjes zijn. Dat blijken al de kinderen van mijn nicht te zijn. (lacht) Nogal confronterend. Het maakt me ook bang, want hoe ouder je wordt, hoe meer je bezig bent met verlies. Mijn dochter zei me enkele dagen terug: “mama, als jij later dood bent, dan ga ik bij oma en opa wonen”. Als ik het nu vertel, dan schiet ik al vol. Ik antwoordde dat zij er dan misschien ook niet meer zullen zijn, maar als kind sta je niet stil bij de vergankelijkheid.

Nu wel?

Ik ben daar heel melancholisch over. Ik kan zitten huilen in de auto en denken: “laten we dit vasthouden, wat er nu is”. Ik ben zo gezegend, mijn ouders zijn nog gezond, net als heel wat mensen in de familie. Ik moet toegeven, ’s nachts lig ik wel eens wakker van kwaaltjes en kankers. Maar goed, dat zijn nachtelijke gedachten. (lacht)

Wil je jouw leven nu gaan herdenken? Iets helemaal anders gaan doen?

Nee. Want met een jong kind gaat het niet meer over ‘uw eigen leven’. Was ze er niet, dan had ik misschien nu wel op een keerpunt gestaan. Mijn dochter is negen en van zodra je mama bent, leef je in dat ritme. En het houdt me wel bezig dat ik pas later mama ben geworden. Ik kan eens wild zeggen: “op mijn zestigste ga ik dat of dat doen”, maar dan is zij twintig. Wie weet waar zij dan nog nood aan heeft? Ik kan het dus niet herdenken, want ik leef in functie van. We zien wel wat het gaat worden.

“Ik kan mijn leven niet herdenken, want ik leef in functie van een jong kind.”

Ongetwijfeld alleen maar moois.

Ben ik van overtuigd. En weet je, ik vind het ook niet erg. Want zo’n kind is de mooiste spiegel. Dat maakt je meer mens. Ze zegt bijvoorbeeld veel nee. En toen wees mijn schoonzus mij erop dat ik dat ook doe. Dat klopt. En die spiegel is goed, want die kan je in andere facetten van je leven gebruiken. Mijn man zegt bijvoorbeeld op alles ja. Ik denk sneller: “oh nee, laten we dat niet doen want…”, terwijl hij op alles ja zegt. Hij heeft er soms dubbele boekingen door, maar ik leerde wel dat door vaker ja te zeggen, je fijnere dingen meemaakt. Uit angst zeg ik vaak nee, maar dan mis je wel mooie dingen.

Wordt je verjaardag intiem gevierd, of met een groot feest?

Ik hou niet zo van grote feesten, dus ik ga er geen geven. Ik babbel graag met iedereen. Vanaf meer dan tien mensen heb ik het gevoel dat ik word opgeëist. En dansfeesten, dat is ook niet aan mij besteed.

Wie weet word je verrast.

Dat kan. Ik zou het niet weten. Maar ik ben niet iemand die op zo’n dingen hoopt.

Waarop hoop je voor de komende vijftig jaar?

Wat ik vooral hoop, is dat mijn familie zo lang mogelijk zo gezond mogelijk blijft… en ik ook. Dat is echt zo’n cliché, maar hoe ouder je wordt, hoe belangrijker dat is. Dan hoop ik ook dat ik zo lang mogelijk een geweldige job kan blijven doen.

Aan je pensioen denk jij nog lang niet?

Volgens MyPension is dat in 2033. En dat getal boezemt me wel wat onzekerheid in. Want hebben ze tot zolang nog plannen met mij?

Alles komt sowieso altijd goed.

Mijn vriendinnetje Jackobond zegt het mooi: “Alles komt altijd goed, niet zo heel erg goed, maar wie zegt dat dat moet?” (lacht) Ik hou dat steeds in gedachten. Och, alles heeft altijd een reden, daar geloof ik steevast in. Dus ik probeer me niet te veel te laten beperken in het leven.

Soms moet we gewoon ook even geduld hebben, voor iets gebeurt of goed komt.

Dat is helemaal waar. We willen te vaak alles nu. Maar als ik dan al terug kijk, dan is het wel zo dat ik nooit een plan heb gehad. Ik heb zoveel leuke dingen mogen doen. Ze kwamen op mijn pad. Door je op een bepaalde manier te gedragen, komen de dingen wel. En als ze niet komen, dan zijn ze niet voorbestemd. Soms zie ik mensen zoveel moeite doen. Maar als het te veel moeite vraagt, dan is het je weg niet. Altijd gelukkig zijn, dat geloof ik ook helemaal niet. Soms moet je de donkere kant zien, om de andere te appreciëren. Best veel geleerd toch, in die voorbije vijftig jaar? (lacht)

(foto Ivan Ruck)