BRUSSEL “Waarom drukken we geen geld bij? We hebben dat gedaan om de banken te redden. We moeten dat ook doen om het klimaat te redden.” Aan het woord is Bart Staes, Europees parlementslid voor Groen. De 60-jarige Antwerpenaar vecht op 26 mei voor zijn politiek voortbestaan. Wordt hij niet herverkozen, dan is zijn carrière voorbij.

 

Bart Staes is een spraakwaterval. Hij praat honderduit over zijn verhuizing destijds van Izegem naar Antwerpen, over zijn twee kinderen die eveneens activisten zijn geworden, over zijn enthousiasme voor de klimaatbetogers, over zijn werk in het Europees halfrond. “Mijn rapport voor een nieuw pesticidenbeleid is onlangs met een overweldigende meerderheid goedgekeurd. Daar ben ik bijzonder fier op.” Over de Brexit, dat de gemoederen blijft bedaren, slaakt hij een zucht. “Dat zal voor veel ongemakken zorgen. Ik denk dat later zal blijken dat dat een vergissing was.”

Die Brexit lijkt ironisch genoeg de burgers wel dichter bij de Europese Unie te brengen. Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker gaat nog slagen in zijn opzet.

Crisissen creëren soms nieuwe kansen. Maar dat is niet de verdienste van Juncker. Die man is werkelijk een karikatuur van zichzelf geworden. Zijn meest recente miskleun was de ontvangst van klimaatactiviste Greta Thunberg. Hij begon daar te praten over het doorspoelen van toiletten. Juncker is géén waardig gezicht voor Europa.

Heeft die man een alcoholprobleem?

Dat wordt gezegd, en ik kan dat geloven. Al kwam ik nooit zó dicht in zijn buurt dat ik de alcohol rook. Maar ik heb me vaak afgevraagd of zijn gedrag daarmee te maken had. Ik heb meegemaakt dat hij ’s morgens vroeg vanuit het niets begon te spreken over buitenaardse dreigingen. Je zal dat echter niet terugvinden in de notulen van het parlement, want dat is geschrapt. Die man begon nochtans met een aureool van een intelligente, progressieve christendemocraat. Ik vind dit spijtig.

U bent blij dat hij straks afscheid neemt?

Zeker. Al vraag ik me af wie in zijn plaats zal komen. Dat wordt wellicht Manfred Weber, de kandidaat van de christendemocratie, maar een grijze muis zonder charisma en bestuurservaring. Ik ben geen voorstander van dat systeem met spitzenkandidaten. Dat bezorgt de Commissievoorzitter aan de grootste fractie. Ik vind dat moet gekeken worden naar de kwaliteit van iemand.

En u, neemt u straks afscheid van de politiek? U staat op de tweede plaats, terwijl uw partij maar één Europese zetel heeft.

Ik heb Petra De Sutter zelf aangebracht als lijsttrekker. Zij is een zéér sterke politica. Ik heb het partijcongres vijf jaar geleden gezegd dat ik de lijst nog één keer wou trekken. Ik hou me aan die belofte. Maar ik hou geen rekening met een afscheid. Het resultaat van de provincieraadsverkiezingen sterkt me in de overtuiging dat wij twee zetels kunnen halen. Het wordt een gevecht, maar dan wel een haalbaar gevecht, en geen mission impossible zoals in 2004. Al heb ik ook dat tot een goed einde gebracht.

Wat zou u doen als u niet herverkozen wordt?

Dan is mijn carrière voorbij. Enfin, mijn carrière in de actieve politiek. De volgende verkiezingen zijn pas binnen vijf jaar. Dan zal ik iets anders moeten doen. Ik zou ontgoocheld zijn. Elke vezel in mijn lichaam is al twintig jaar dag en nacht bezig met dit parlement. Maar ik hou geen rekening met dat scenario.

Het Vlaams Instituut voor Biotechnologie is een marketingbedrijf geworden, een lobbygroep voor de ggo-industrie.

Als u toch verkozen wordt, krijgt u gezelschap van ex-partijgenoot en ex-dorpsgenoot Geert Bourgeois. Zou dat een blij weerzien zijn?

Dat is veel gezegd. (lacht) Ik waardeer hem wel. Hij is de man die de N-VA op het pad van de democratische rechtstaat houdt. Maar wij verschillen op vele domeinen van mening. Toen de VU uit elkaar spatte, heb ik er geen seconde aan gedacht om hem te volgen naar de N-VA. Die partij staat helemaal los van de VU. Ik trok mee met Spirit, maar na het kartel met SP.A ben ik naar Groen overgestapt.

Bent u nog een Vlaams-nationalist of mag dat niet van uw partij?

Mijn partij heeft daarover niets te zeggen. Ik ben nog steeds Vlaamsgezind, ja. Ik kom ook in Europa op voor het zelfbeschikkingsrecht van volkeren. Ik verdedig bijvoorbeeld de Catalanen. Ik vind het niet kunnen dat er in Spanje politici opgesloten zitten. Maar ik was ook in de VU nooit een grote separatist, behalve in mijn jeugdjaren.

Wat is uw voornaamste realisatie in dit halfrond?

Mijn stempel op het voedselbeleid. Ik denk dat er geen enkele voedselwet gestemd is waar ik niet aan meegewerkt heb. Ik ben voor het eerst verkozen in 1999, vlak na de dioxinecrisis. ‘Men is wat men eet’, dat waren mijn eerste woorden hier. Ik meen te mogen zeggen dat vriend en vijand mijn werk op dit domein waarderen.

U hebt in dat kader altijd gestreden tegen ggo’s (genetisch gewijzigde organismen, red.). Waarom bent u zo verbeten tegen?

De ggo-landbouw werkt niet. Punt. Dat bewijst het Amerikaanse voorbeeld. Als we doorzetten met de ggo-industrie, zal zowel de traditionele als de biologische landbouw verdwijnen. Ik wil niet dat boeren afhankelijk zijn van enkele grote conglomeraten. Deze technologie heeft geen plaats in ons landbouwmodel.

Volgens wetenschapper Dirk Inzé in De Morgen kunnen ggo’s wél helpen in de omschakeling naar een ecologische en duurzame voedselproductie.

Ggo’s zijn destijds op de markt gezet als hét middel om de honger te verdrijven. Zijn ze daarin geslaagd? Neen. Dat was trouwens een foute premisse. Er is voldoende voedsel in de wereld. Alleen heeft niet iedereen toegang. Ook wat meneer Inzé beweert, wordt niet waargemaakt op het terrein. Ik geef een voorbeeld. Dankzij ggo’s zouden pesticiden overbodig worden. Dat blijkt in een eerste fase inderdaad het geval. Maar na verloop van tijd moeten toch weer pesticiden gebruikt worden, omdat de resistentie verdwijnt. De ggo-industrie kan haar grote beloften niet waarmaken. (feller) Ik ben in Vlaanderen blijkbaar een buitenbeentje. Gelukkig voel ik in Europa wel brede steun.

We hebben geld bijgedrukt om de banken te redden. Waarom doen we dat niet voor het klimaat?

Als het over de klimaatsverandering gaat, verwijst uw partij naar de wetenschap. Waarom doet ze dat niet, als het over ggo’s gaat?

(fel) Er bestaat géén wetenschappelijke consensus over wat een instelling zoals het VIB beweert (Vlaams Instituut voor Biotechnologie, red). Het VIB is een marketingbedrijf geworden, een lobbygroep voor de ggo-industrie. Ik betreur dat.

In 2011 vernielden actievoerders een wetenschappelijk ggo-veld in Wetteren. U steunde toen die actie. Zou u dat opnieuw doen?

Jawel. Ik was daar niet bij, maar ik had veel sympathie voor die actievoerders. Dat is inderdaad uit de hand gelopen. Maar dat heeft wel het debat aangewakkerd.

Keurt u dan geweld goed?

Dat zeg ik niet. (zucht) Het is ook niet dat dat hele veld vernield is, hè. Enkele aardappelplanten zijn losgerukt, ja. Daar is vooral veel drama over gemaakt.

Zou u graag minister zijn?

Oei, dat weet ik niet. Ik ben nooit gevraagd. (lacht) Ik zou dat niet willen zijn op eender welk departement. Maar voor klimaat mogen ze meteen bellen.

Wat zou uw eerste maatregel zijn?

Een klimaatwet opstellen met bindende doelstellingen. Je zou vervolgens op vele domeinen maatregelen moeten nemen, maar cruciaal lijkt mij een drastische afname van de CO2-uitstoot in de transport. Ik zou massaal investeren in openbaar vervoer.

Dat zal geld kosten …

(pikt in) Ik zal u voor zijn. Ja, je kan klimaatbeleid verzoenen met sociaal beleid. Europa loopt jaarlijks duizend miljard euro mis door belastingontwijking en -fraude. Als we daarvan de helft, of zelfs maar een kwart, kunnen recupereren, dan hebben we een grote pot.

Een klimaatbeleid bouwen op geld dat u niet hebt, is dat niet gevaarlijk?

(feller) Dat geld is er wél. Ik ben niet naïef, hè. Ik zeg niet dat we honderd procent kunnen recupereren. Maar een overheid die er niet in slaagt minstens een kwart te recupereren, dat is een zwakke overheid. Dat is één aspect. Een tweede dan. De Europese Centrale Bank heeft de voorbije drie jaar maar liefst 2.600 miljard euro in de economie gepompt. Waarom zou dat niet lukken voor het klimaat?

Pleit u ervoor geld bij te drukken?

Waarom niet? We hebben dat gedaan om de banken te redden. We moeten dat ook doen om het klimaat te redden. De urgentie is daar: de opwarming móet beperkt worden tot anderhalve graad tegen 2030. De Rekenkamer zegt dat we jaarlijks 1.115 miljard euro nodig hebben. Dat kan. We hoeven daarom geen aanslag te plegen op de overheidsbegrotingen. Waarom creëren we geen Europese Klimaatbank? Die kan met dat geld investeringen financieren én burgers en ondernemingen voorzien van renteloze leningen. Het geld is er, hoor.