Met Fabian Cancellara nam een icoon dit jaar afscheid van het wielerpeloton. En hoe! Met Olympisch goud op de tijdrit in Rio. Op zijn palmares staan vereeuwigd: vier wereldtitels, twee Olympische titels, Milaan-San Remo, drie keer Ronde van Vlaanderen, drie keer Parijs-Roubaix, acht Touretappes. Wij spraken de 35-jarige flamboyante Zwitser over het leven naast en na de sport.

Hoe het met hem gaat? Cancellara reageert verrast. “Onlangs nog vroeg een journalist welke vraag ik nooit kreeg. Die dus. Veel mensen vergeten hoe belangrijk het antwoord daarop is. We willen altijd weten waar iemand is, wat hij doet, maar zelden wat hij voelt. We staan veel te weinig stil bij het leven zelf.” Het zal niet de laatste keer zijn in dit gesprek dat de wielerkampioen de filosofische toer opgaat.

Voel je je anders nu je gestopt bent?
De druk is weg. Maar ik hol nog steeds van links naar rechts. Net zoals Speedy Gonzales. (lacht) Dit najaar was heel druk. Het afscheid, mijn boekvoorstelling. Ik kijk echt uit naar de feestdagen, het nieuwe jaar en hoop het vervolgens wat kalmer aan te doen.

Wat mist een wielrenner het meest van het normale leven?
Zolang je in dat circus ronddraait, weet je niet wat je mist. Pas als dat stilvalt, besef je welke opofferingen je gemaakt hebt. Dat gaat niet over lekker eten of drinken, dat heb ik altijd gedaan, ik ken mijn lichaam heel goed. Maar wie wil er nu meer dan tweehonderd dagen per jaar met zijn koffer in de hand leven, van hotel naar hotel reizen?

Je was een afwezige vader voor Giuliana (10) en Elina (4). Wil je dat goedmaken in de toekomst?
Goedmaken vind ik niet het juiste woord. Dat zou betekenen dat ik de voorbije jaren anders had moeten zijn. Ik zal ook in de toekomst geen 24 uur per dag prioriteit geven aan mijn kinderen. Ik kan dat niet. Ik zou niet voltijds huisman kunnen zijn. Al wil ik wel méér aanwezig zijn, zeker in de weekends. Dat was ik te weinig. En als ik dan thuis was, dan was ik zo gefocust op mijn rust dat ik het bijvoorbeeld niet zag zitten met hen in het bos te gaan wandelen. Weet je, ik wil voor mijn kinderen meer dan een vader zijn, ik wil een vriend zijn. Zij moeten altijd bij mij terechtkunnen. Onlangs kwam mijn oudste dochter met een lelijk woord thuis, geleerd op school. Leg jij het maar uit, zei mijn vrouw. (lacht)

Welk woord?
Ik denk dat elke ouder wel weet welke woorden dat kunnen zijn. Toen ik haar wat uitleg gaf, begon ze te giechelen. (ernstig) Je moet je kinderen de waarheid durven vertellen, dat is belangrijk.

Beseffen zij al wat hun papa gepresteerd heeft?
O ja, zeker de oudste. Op school wordt ze erover aangesproken. Maar goed, dat is een leerschool. Wij sturen hen trouwens bewust naar een normale school, hoewel we makkelijk een private school zouden kunnen betalen. Maar dat zou niet goed zijn voor hun sociale ontwikkeling. Mijn ouders hebben mij ook geleerd met iedereen om te gaan. Dat wil ik doorgeven. Ik wil niet dat mijn kinderen opgroeien in een soort Buckingham Palace.

“De politiek wordt gedomineerd door geld en macht. Dat schrikt me af.”

Studeren was wel jouw ding niet?
Neen, dat klopt. Toen ik kind was, droomde ik ervan piloot te worden. Of brandweerman. Voetbal was mijn eerste sport, en dan droomde ik ervan profvoetballer te worden. Pas toen ik 12 was, begon ik te koersen en wou ik wielrenner worden. Het belangrijkste is dat je gemotiveerd bent in wat je doet. Als je die motivatie niet hebt, dan heb je je talent nog niet ontdekt.

Zijn je ouders trots op jou?
O ja, te veel zelfs. Zeker mijn vader. Typisch Italiaans, zeker? Ik moet hem af en toe met zijn voeten op de grond zetten. Hey pa, het is maar een job. Toen hij 18 was, verhuisde hij van Italië naar Zwitserland voor een beter leven. Mijn ouders hebben altijd keihard gewerkt voor hun kinderen.

Voel jij je Italiaan?
Soms wel, ja. Behalve als ik voor de kleerkast sta. “Op dat vlak heb je nu eens echt niets van de Italianen”, lacht mijn vrouw dan.

Je bijnaam is Spartacus, naar de leider van de slavenopstand in het oude Rome. Zie je gelijkenissen, behalve je roots?
Toch wel, ja. Spartacus nam het op voor de andere slaven, daarom hielden ze van hem. Ik heb dat ook geprobeerd. Zonder je ploegmaats kan je geen wedstrijd winnen. Je moet hun belang altijd goed voor ogen houden. En dat zie ik niet puur financieel. Als ik elke dag een massage krijg, dan kan het niet dat zij dat maar om de drie dagen krijgen.

In je biografie schrijf je met veel liefde over Vlaanderen. Waarom ben jij hier zo graag gezien?
Gek, hè. Je zou dat aan die mensen moeten vragen. Waarschijnlijk omdat ik altijd authentiek en nederig ben gebleven, en veel respect toonde voor de Vlaamse cultuur.

Wat is je favoriete bier?
Dat hangt af van mijn gemoed. Een Kwaremont zeker, alleen al om de geschiedenis. Maar als ik in de zetel naar een leuke film kijk, drink ik liefst een goede trappist, een Westmalle. Wat ik niet graag drink, is een gewoon pintje.

Niet straf genoeg?
(lacht) Misschien. Neen, een pintje kun je in Zwitserland ook drinken. In België moet je betere bieren proberen.

“Ik zal ook in de toekomst geen 24 uur per dag prioriteit geven aan mijn kinderen. Ik kan dat niet.”

Zien je feestdagen er anders uit dan andere jaren?
Dit jaar niet, volgend jaar waarschijnlijk wel. Dan zullen we tijd gehad hebben om iets te plannen. Kerst vier ik zoals altijd met de familie, lekker thuis (in het Zwitserse Bern, red). We gaan daarna ook skiën, of tenminste op reis naar een winterplek. Of er sneeuw ligt, zien we dan wel.

2017 wordt het jaar van Donald Trump, de nieuwe president van Amerika. Wat denk jij ervan?
Ik ben eens benieuwd. Zijn overwinning was een grote verrassing voor mij. Ik begrijp niet waarom mensen in zo’n man geloven. Hij is totaal niet vertrouwd met de politiek. Weet je, in Zwitserland zou zo iemand, die zoveel faillissementen op zijn naam heeft, meteen aan de kant geschoven worden. Echt waar. In Amerika word je dan president. Mocht ik in Amerika wonen, ik zou niet gestemd hebben. Ik gruwel van dat systeem waarin kandidaten tijdens hun campagne met miljoenen dollars smijten. Je kan dat geld toch beter besteden? Obama vind ik wel een goede president. Op sociaal vlak heeft hij een en ander in beweging gezet. Hopelijk gooit Trump dat niet overboord.

Is de politiek iets voor jou?
(blaast) Dat weet ik niet. Die wereld wordt gedomineerd door geld en macht, en dat schrikt me af. Maar goed, sportbeleid vind ik wel boeiend. Wie weet?

Wat weet je wel al over je toekomst?
Dat ik de wereld wil ontdekken, en vooral uit mijn comfortzone wil gehaald worden. Ik heb veel plannen, vooral in de sport. Ik wil bijvoorbeeld weer naar school gaan, sportmarketing of zoiets. Mijn agenda zal goed gevuld zijn. Ik zal wel streven naar meer vrijheid, bijvoorbeeld om tijd te maken voor familie en vrienden.

En het huishouden, is dat iets voor jou?
Koken zal je mij niet snel zien doen, ik heb daar de vingers niet voor. Ik kan wel goed eten. (lacht) Maar afwassen, kuisen, de tafel afruimen, geen probleem. Voor mijn vrouw wordt het trouwens ook een aanpassing. Zij leefde zowat alleen met de kinderen, ik kwam en ik ging weer. En ze heeft ook nog haar kapsalon. Misschien dat zij wel eens iets anders wil in haar leven?

De biografie van Fabian Cancellara is uitgegeven bij Kannibaal.

Het sportrapport van Fabian Cancellara

Als kind was mijn idool …
Goede vraag. (denkt na) Acteur Jean-Claude Van Damme.

Vandaag heb ik grote bewondering voor …
Roger Federer. Na zoveel succes zo nederig blijven.

Mijn mooiste sportmoment?
Goud in Rio, de perfecte afsluiter van mijn carrière.

Mijn grootste ontgoocheling?
Ik heb in mijn loopbaan zowat alles gewonnen wat ik wou. De regenboogtrui op de weg, Luik-Bastenaken-Luik, Lombardije en het uurrecord heb ik niet. Maar zou ik daarmee een gelukkiger mens zijn?

(foto uitgeverij kannibaal)