Herman De Croo: “Wat N-VA doet, is soms op het randje”

885

“Als je iemand de luizen uit het haar neemt, heb je zelf risico op luizen. Dat zie ik bij N-VA.” Herman De Croo, de nestor van het Vlaams parlement, houdt geen blad voor de mond. Ook al zit zijn partij Open VLD in een coalitie met de Vlaams-nationalisten. De Oost-Vlaming is intussen 78, maar wil niet weten van afbouwen.

20140206 - BRUSSELS, BELGIUM: Herman De Croo (Open Vld) pictured during an homage at a plenary session of the Chamber at the federal parliament, in Brussels, Thursday 06 February 2014. BELGA PHOTO NICOLAS MAETERLINCK
Herman De Croo: “Ik betreur het dat sommige partijen de onwetendheid van de bevolking misbruiken. Het klopt niet dat die vluchtelingen 1.200 euro per maand verdienen.” (foto belga)

“Ik werk nog steeds acht dagen per week en dat 52 weken op een jaar. Ik neem nooit verlof.” Dat is wat Herman De Croo mij per sms laat weten de avond voor ons gesprek. Hij is er fier op. Of hij de jaren echt niet voelt? “Nee. Toen ik kind was, heb ik gesukkeld met mijn gezondheid. Nadien nooit meer. Bon, dat verrast mij ook. Ik denk dat het veel met wilskracht te maken heeft. Zes jaar geleden heb ik wel stembandkanker gekregen. Dat was een zware schok. Maar ik spreek zodanig veel dat er wel iets moest gebeuren met mijn stembanden.”

Doet u iets om in conditie te blijven?

Nee, integendeel. Ik ben een goede eter en drinker, ik heb een grote passie voor bruin bier. Maar blijkbaar heb ik een ijzersterke maag. Ik heb nu wel veertig dagen geen alcohol gedronken. Ik, Herman De Croo, die elke week tien recepties en zeven barbecues doet (lacht). Gewoon om te kijken of ik het kon. Mijn vrouw lachte: dat wil ik nog wel eens zien. Maar het is mij gelukt. Deze week heb ik voor het eerst weer een bruine Leffe gedronken.

Wat zeggen uw vrouw, kinderen en kleinkinderen van uw werkritme op uw leeftijd?

Mijn vrouw is dat al vijftig jaar gewoon. Zij is er 76, en ook nog steeds zeer actief als advocaat. Weet u, in mijn familie is nog nooit iemand op pensioen gegaan. Dat heeft voor een stuk met pretentie te maken, dat geef ik toe. Als journalisten mij volgen, houden ze het nooit langer dan twee dagen vol (lacht). Maar als ik tijd uittrek voor mijn kinderen en kleinkinderen, dan is dat wel heel intens.

We zijn hier toch niet om de burgemeester van Linkebeek af te zetten? Allé, kom

U zetelt sinds vorig jaar in het Vlaams parlement. Met alle respect, maar is dat halfrond niet te enggeestig voor iemand met uw staat van dienst?

Ik zou hier niet zitten mocht mijn zoon Alexander geen kandidaat voor de Kamer geweest zijn. Maar ik ben wel fier: het is dezelfde bevolking die mij gekozen heeft.

En om op de vraag te antwoorden?

In het begin vond ik dat ook, maar ik probeer daar iets aan te doen. Hier is onvoldoende existentieel debat over waar dit kleine territorium van 12.000 m² binnen twintig jaar naartoe wil op vlak van bewoning, leefmilieu en onderwijs. Dat mis ik. We kijken in Vlaanderen vooral naar het puntje van onze schoen. Wij zijn hier toch niet alleen om de burgemeester van Linkebeek af te zetten? Allé, kom. Ook de communicatie naar buiten toe moet beter. Men laat hier graag vijftig parlementsleden aan het woord, maar bijna niemand onthoudt iets van wat zij zeggen. Dat is anders in het federaal parlement. Nu, dit parlement en deze regering hebben één grote handicap: het is de ambtenarij die veel reële beslissingen neemt, niet de politiek. Toen ik federaal minister was, zou geen ambtenaar, hoe rood of geel ook, mij tegengesproken hebben. Dat is hier wel het geval. Ik denk niet dat je in dit parlement iets fundamenteel kunt doen tegen de uitdrukkelijke wil van de ambtenarij.

Zijn de politici zo slap?

Nee, dat is historisch gegroeid. Pas in 1995 kwam hier een volwaardige regering. De naamloosheid van de macht is altijd de kracht geweest van de Vlaamse ambtenaren.

Wringt het voor u als belgicist dat uw partij in een regering zit met Vlaams-nationalisten?

Nee, toch niet. Die partij levert zelfs degelijke ministers. Dit is ook geen nationalistische regering. Maar goed, ik ben in het verleden al eens stout geweest voor N-VA en ik neem die uitspraken niet terug. Nationalisme is per definitie contraproductief, ik hou daar niet van.

U zei eens dat u geen Vlaams-nationalist bent, want dat u niet mentaal gehandicapt bent.

Ik heb me toen geëxcuseerd bij de mentaal gehandicapten. Maar bon, we moeten eerlijk zijn: finaal zit N-VA in de regering dankzij de 140.000 overlopers van Vlaams Belang. Dat is geen slechte zaak. Het is zelfs goed dat N-VA het VB electoraal vernietigd heeft. Maar als je iemand de luizen uit het haar neemt, heb je zelf risico op luizen. Ik heb de indruk dat er een zekere Vlaams Belang-bevlooiing van N-VA aan de gang is. Hoeveel keer hoor je hen niet zeggen dat er te veel migranten zijn of dat de grenzen dicht moeten? Die woorden kiezen ze doelbewust omdat ze weten dat ze hiermee vermijden dat die verse kiezers weer overlopen. N-VA is aan een grand écart (grote spreidstand, red) bezig om haar beide flanken tevreden te houden. De vraag is hoe lang dat houdbaar is.

Je kunt in dit parlement niets doen tegen de wil van de ambtenarij

Loopt uw partij N-VA niet achterna als ze spreekt over het afpakken van het kindergeld van vluchtelingen?

Dat vind ik niet. Onze slogan is duidelijk: niet uw afkomst, maar uw toekomst telt. Maar: als je niet wil dat vluchtelingen gelyncht worden, dan moet je wel een ruim draagvlak hebben onder je burgers. Als je dat niet hebt, bewijs je ook de vluchtelingen geen dienst. Je moet je verhaal ook aan de toog uitgelegd krijgen.

Als een meerderheid van de mensen zou willen dat de vluchtelingen beter verdrinken, gaat u daar dan ook in mee?

Nee, dan zal ik rechtstaan en de mensen overtuigen dat het anders moet. Ik geloof in een correct discours van rechten en plichten. Het kindergeld is er niet alleen om een kind te voeden, maar ook om de integratie te bespoedigen. Daarom mag dat gekoppeld worden. Let op: dit is een moeilijke discussie. Als blijkt dat het afpakken van het kindergeld contraproductief werkt, dan mogen we dat niet doen. Maar je moet de vluchtelingen wel responsabiliseren. Ik betreur wel dat sommigen de onwetendheid van de bevolking misbruiken. Het klopt bijvoorbeeld niet dat die vluchtelingen 1.200 euro per maand verdienen.

Wie doet dat?

Het Vlaams Belang. En N-VA laat er zich soms ook toe verleiden. Wat zij doen, is soms op het randje.

U was halfweg de jaren 90 twee jaar partijvoorzitter. Zijn de partijdiscussies vandaag minder fel dan toen?

Er zijn geen partijruzies meer. Al jaren niet. Toen was het anders. Verhofstadt verloor de verkiezingen in Europa en trok zich terug als voorzitter. Patrick Dewael was toen de kandidaat van het establishment, maar ik ben het uiteindelijk geworden.

Noël Slangen zegt in zijn boek dat u onmogelijk kon slagen omdat u een einzelgänger bent: met iedereen bevriend, en tegelijk met niemand.

Dat is niet juist. Verhofstadt zou sowieso terugkeren. Weet u, ik werd in 1999 Kamervoorzitter en ben niet in zijn regering willen stappen omdat wij elke dag miserie zouden hebben. Hij zou mijn manier van werken niet kunnen verdragen. Ik had hem al eens in de zak gezet. Vriendschappelijk, hè. Toen hij minister van Begroting was, besliste hij eens om alle voorziene kredieten te blokkeren. Dat was begin december 1986. Ik heb diezelfde voormiddag, tijdens die ministerraad, drie voorziene miljarden uitgegeven (De Croo was toen minister, red). Dat werd pas de maandag erna ontdekt. Verhofstadt sprong tegen het plafond van colère (lacht).

Hebt u spijt van iets?

Ik had in 1985 al partijvoorzitter moeten worden, maar ik liet me overhalen door het Paleis om toch minister te blijven in de regering-Martens VI. Ik denk niet dat die gevallen zou zijn als ik toen voorzitter was. Ook de regering-Dehaene I zou er anders uitgezien hebben. Dat is de enige tactische fout die ik gemaakt heb.