Ik had haar al eerder een berichtje gestuurd, met de vraag of ze wou ontbijten. Te kort na de geboorte en het overlijden van Coco en Mingus. Het is Eva Mouton zelf die me opnieuw contacteert, met de mededeling dat het wat beter gaat. Haar verhaal ontroert me meermaals tot tranen toe, maar haar kracht en moed zijn inspirerend. “Ik wil niet dat mensen me uitsluiten en niet meer vertellen wat hen ergert of wat er gebeurt in hun leven. Ik wil niet gespaard worden. Ik wil voelen dat ik leef. Bert en ik willen wel medeleven, maar geen medelijden.”

Evi Renaux

Ze is trots. En terecht. Cartooniste en illustratrice Eva Mouton heeft deze zomer hard gewerkt om een geweldig boek in de rekken te kunnen leggen. Het leukste van Eva (+ nog een paar dingskes)… en al! is een musthave voor elke cartoonfan. Maar het meest trots is ze op haar tweeling Coco en Mingus, die in april te vroeg werden geboren en stierven.

Hoe gaat het met je, Eva?

Goed. Ik ben heel blij met mijn nieuwe boek. Mijn lief Bert en ik zijn een tijdje geleden naar de zee geweest, en dat is helend geweest. Veel hebben we daar niet gedaan. Wat in de duinen gewandeld. En gewoon samen zijn, stil zijn. Geen verplichtingen, volledig out of office. We hebben een cocon voor ons gecreëerd. Ik voel me trouwens echt het meest mezelf als ik in een legging en T-shirt, met mijn rugzak en een picknick, buiten tussen de planten kan zitten.

Is er eigenlijk een manier om je hoofd leeg te krijgen nadat je zoiets meemaakte?

Leeg niet, nee. Ik denk dat het hem vooral zit in het blijven luisteren naar wat je nodig hebt. En niet te veel verwachten. Ik merkte en merk nog steeds dat het goed met me gaat zolang ik in het ‘nu’ blijf, en niet denk aan vroeger of later.

Je verwachtte immers nu mama te zijn van een gezonde tweeling.

Ik ben te vroeg bevallen. De bevalling zelf was zo sereen, en zo mooi. Ik vond het prachtig. Coco en Mingus zijn in onze armen kunnen sterven, en ik ben blij dat we hen dat hebben kunnen geven. Ze hebben onze warmte en liefde kunnen voelen in die korte tijd. We lagen gewoon met vier in bed, in alle rust.

“De bevalling zelf was zo sereen, en zo mooi. Ik vond het prachtig.”

Wat gaat er dan allemaal door je heen?

Het is uiteraard een shock, maar anderzijds waren Bert en ik ook zó helder. Het is alsof we dan ineens de wereld door hadden. We stonden zo scherp, we wisten wat ons te doen stond. We waren ook instant ouders, die wisten wat we wouden voor onze kinderen. Je wordt echt een mama en een papa op dat moment, met die instant liefde waar je al zo vaak over hoorde. Er was een immens gevoel van fierheid. Je wil ze eigenlijk ook meteen aan iedereen tonen. Er zijn foto’s genomen, en ik dacht dat wij daar mega triest zouden op staan. Maar integendeel, op elke foto druipt de fierheid en het geluk ervan af.

Kon je daar het geluk toch van in zien?

Natuurlijk. Ik herinner me dat iemand me schreef: ‘het leven kan zo lelijk zijn’. Maar hoe zou ik dit kunnen zien als iets lelijks? In mijn hoofd is dat niet lelijk.

Vond je het geen enkel moment oneerlijk?

De eerste maanden niet. Geen ‘waarom wij?’ of ‘waarom onze kinderen?’. Er was geen schuldige, er was geen woede. Het was de natuur, en de aanvaarding was er instant. Maar na een paar maand voelde ik me wel op een kruispunt staan: ga ik cynisch of gefrustreerd worden, of ga ik proberen krampachtig zacht te blijven? Want bitter en cynisch worden is eigenlijk makkelijk, daar kun je moeiteloos in afglijden. Maar we proberen op die andere weg te blijven, door elke dag in ons gevoel te blijven. Moeten we huilen, dan huilen we. Wil ik me wentelen in zelfmedelijden, dan kan dat ook.

Als koppel is dit toch zwaar?

We zitten daar eigenlijk wel op dezelfde golflengte. We hebben beiden verlangens en verdriet. En in dat verdriet zijn geen gradaties. Daarnaast heb je elk ook je eigen proces. Ik wil soms gewoon niet getroost worden. Maar Bert neemt dat niet persoonlijk. Het is zoeken soms, dat wel. Het helpt zo enorm als er plaats mag zijn voor je verdriet. Nu, volgend jaar, het jaar erna; ik heb een omgeving waar dat kan. Ik wil daarnaast ook niet, bij elke heuglijke gebeurtenis die nog komt, het leven uit de situatie zuigen. Ik wil niet dat mensen me uitsluiten en niet meer vertellen wat hen ergert of wat er gebeurt in hun leven. Ik wil niet gespaard worden. Ik wil voelen dat ik leef. Wij willen wel medeleven, maar geen medelijden.

“Ik begrijp ineens mensen die radicaal iets anders gaan doen nadat zoiets hen is overkomen.”

Hoe ga je professioneel verder? Iedereen kent je als de immer vrolijke cartooniste Eva. Teken je nu op een andere manier dan voordien?

Ik vond het ontzettend moeilijk om terug door te gaan met dat deel van mijn leven. Ik begrijp ineens mensen die radicaal iets anders gaan doen nadat zoiets hen is overkomen. Iedere keer dat ik aan mijn bureau ging zitten vroeg ik me af: ‘wat doe ik hier nu?’. En tegelijkertijd heeft het werk mij er ook zo doorgetrokken. Iedereen was begripvol; in mijn cartoons mocht ik spreken over wat mij overkwam. Cartooniste Eva Mouton kon ik deze zomer niet zijn. Toen heb ik mijn recente boek, dat al zo lang op de planning stond, kunnen maken. Die bubbel was ineens welgekomen. Ik deed de deur dicht, en ik was enkel daarmee bezig. Het was pas op het moment dat het boek naar de drukker ging, dat ik besefte welke berg werk ik verzet had. Ik vroeg me ook af of die grapjes wel grappig waren. (lacht)

Nu het boek er is, kan je het wel weer aan om Eva Mouton te zijn?

Ik probeer in het nu te denken. Ik herinner me dat ik in augustus dacht: ‘hoe ga ik dat doen, als dat boek er in oktober is?’ Ik was danig in paniek. Maar ik neem stappen, elke dag, en vandaag kan ik dit. Maar het deed me zo goed dat jij stuurde dat we gerust konden cancelen als het me niet zou gaan.

We zijn geen robots, toch?

Bert helpt mij daar ook heel sterk in. Wanneer ik aanvoel dat iets niet gaat, zou ik een smoes willen verzinnen. Keelpijn of zo. (lacht) Maar Bert spreekt dat gewoon uit: ‘het gaat niet, want we voelen ons slecht’. En dan zie je al het begrip en al de warmte van iedereen. Openheid is echt belangrijk, begrijp ik intussen. Hoe vaak hoor je niet: ‘mensen moesten eens weten wat er in me omgaat!’ Maar zeg het dan. Spreek uit dat je hulp nodig hebt. Waarom moeten we altijd ons best doen?

Moet je je best doen om niet over Coco en Mingus te praten?

Ik wil niet het label ‘Eva = gestorven kinderen’. Ik ben daarnaast nog veel andere Eva’s. En ja, ik zal met jou over hen praten, maar evengoed over veel andere dingen. Over alles waar ik fier op ben. Mijn lief, mijn werk, mijn nieuw boek, alle plannen die ik nog heb. Zal ik trouwens jouw exemplaar signeren?

Grappige Eva is er nog steeds, zo zie ik nu terwijl je een tekening in mijn boek maakt.

Stel je nu voor dat jij kurkdroog zou zeggen dat het op geen hol trekt. (lacht)

‘Echt iedereen is gek’, staat nu in mijn boek. Ik zal het als een compliment zien?

Geen commentaar. (lacht)

Het leukste van Eva (+ nog een paar dingskes)… en al!, uitgegeven bij Borgerhoffs & Lamberigts.

(foto Ellen van den Bouwhuysen)