BRUSSEL Vrijheid: dat is hét fundament in het verhaal van Open VLD. Voor de liberalen mogen alle mensen doen en denken wat ze willen. Of we elkaar dan niet de kop inslaan? Voorzitter Gwendolyn Rutten maakt zich sterk van niet.

Kent u een zekere Adam Smith? Neen? Geen paniek. Deze Schotse filosoof dateert al van de achttiende eeuw. Waarom die man belangrijk is? Omdat hij schreef dat als élke mens zijn eigen belang nastreeft, ook de samenleving erop vooruit zal gaan. Het liberalisme was geboren. “Het liberalisme is een oude ideologie, maar nog steeds springlevend”, meent Gwendolyn Rutten (43), al ruim zes jaar voorzitter van de Vlaamse liberalen. “Vrijheid is onze kernwaarde. Wat Smith zegt, klopt. Dat is het verhaal van de bakker. Die staat elke ochtend héél vroeg op om brood te bakken. Hij doet dat om geld te verdienen en zo een goed leven te kunnen leiden. Tegelijk zorgt hij voor eten voor anderen. Zo doen mensen een samenleving vooruit gaan.”

Waarom is die vrijheid zo belangrijk?

Vrijheid zorgt voor vooruitgang. Dat is de basis van het liberalisme. Elke mens wordt vrij en ongebonden geboren en moet tijdens zijn leven kunnen doen en denken wat hij wil. De overheid moet die vrijheid mogelijk maken. Het tegenovergestelde is socialisme. In die samenleving wordt de bakker niet gestimuleerd om hard te werken, want op het einde van de rit verdient iedereen evenveel. Gevolg: honger en armoede.

Is totale vrijheid niet gevaarlijk? Kaïn en Abel sloegen elkaar toch de kop in?

(knikt) De vrijheid van de ene mens stopt waar de vrijheid van de ander geschaad wordt. Dat is het principe. De overheid moet die grens vastleggen. Wie een ander de kop inslaat, overschrijdt een grens. Dat kan niet.

U vindt een overheid nodig?

Jawel. Liberalen geloven dat de meeste mensen op eigen kracht iets kunnen maken van hun leven, maar wij weten ook dat sommige mensen tegenslag hebben. Mensen met een handicap bijvoorbeeld. Die gaan we helpen. Wij laten niemand achter. Dat is een taak van de overheid. Een andere taak is het waarborgen van de veiligheid. Wie niet veilig kan leven, kan ook niet vrij zijn. Het opstellen van duidelijke spelregels is deel daarvan. Een derde taak is goed onderwijs garanderen. In een ideale samenleving geniet elk kind gelijke startkansen. Het onderwijs moet daarvoor zorgen. Dat zijn de kerntaken. Helaas is onze overheid met veel meer bezig. Wij willen daar komaf mee maken.

“Quota voor vrouwen zijn een noodzakelijk kwaad. Déze keer mag u zeggen dat dat vloekt met het liberalisme.”

Moet ik u geloven? U zit in een Vlaamse regering die ‘Donderdag Datedag’, oplegt aan de mensen.

(lacht) Dat is een verschrikkelijk initiatief (van CD&V-minister Jo Vandeurzen, red). Andere partijen voelen blijkbaar een drang om de mensen te zeggen hoe ze moeten leven, zelfs wanneer ze op date moeten gaan. Ik zie veel uitgaven waarvan ik denk … (rolt met de ogen) Een liberaal zou ook geen geld stoppen in die vogel voor Oosterweel (een initiatief van N-VA-minister Ben Weyts, red). Dat is belastinggeld, hè. Sommigen vergeten dat. Maar wie bestuurt, moet compromissen maken. Dat is eigen aan onze democratie.

Is uw vrijheid geen illusie? Ik ben niet vrij om te doen wat ik wil. Ik móet werken, want ik moet eten kopen en ik moet mijn belastingen betalen.

U kan ervoor kiezen niet te werken. U hebt die vrijheid. Maar dan moet u de gevolgen aanvaarden. De belastingen zijn een heikel punt. Wie in de miserie zit, willen wij helpen. Om die sociale bescherming te financieren, moet de overheid belastingen innen. Dat betekent dat u een stuk van uw vrijheid afstaat. Wij geloven ook dat mensen solidair wíllen zijn, op voorwaarde dat de kloof tussen wat de overheid vraagt en geeft niet te groot is. Vandaag is dat wel het geval. Daar hebt u gelijk in. Maar vrijheid is nooit af. Dat is een permanente strijd.

Ik ga het nog eens anders uitdrukken. Wat heb je aan de vrijheid om te mogen eten wat je wil, als je geen geld hebt om dat eten te kopen?

Dat is een filosofische vraag. (denkt na) Liberalen willen dat elke mens gelijk aan de start komt. Maar eens het startschot klinkt, mag iedereen zijn weg gaan. Voor ons hóeft niet iedereen gelijk aan de meet te komen. Dat betekent inderdaad dat sommigen meer eten kunnen kopen dan anderen. Maar wie wil dat iedereen gelijk is, eindigt in armoede en uniform. Ik gruwel daarvan.

Eén op de vijf Belgen loopt risico op armoede.

Dat is een probleem. Maar hoe komt dat?

Sommigen wijten dat aan het liberalisme.

Dat geloof ik niet. Toch niet in ons land. Ik geloof wel dat het neoliberalisme in Amerika en Groot-Brittannië soms te ver doorgeslagen is. Wij zijn voorstander van een door de overheid gecorrigeerde vorm van marktdenken. België scoort ook goed op de Gini-coëfficiënt die wereldwijd de ongelijkheid meet. (zwijgt even) Armoede is te wijten aan veel factoren. Stedelijkheid bijvoorbeeld, maar een belangrijke reden is ook dat onze sociale zekerheid te weinig activerend werkt. Wij geven een uitkering, en that’s it. Eigenlijk laten wij die mensen aan hun lot over.

“Een liberaal zou geen geld stoppen in een vogel voor Oosterweel. Dat is belastinggeld, hè.”

Wat wil u anders doen?

Wij willen die mensen een job geven. We willen meer inzetten op opleiding en activering, en tegelijk de werkloosheidsuitkering beperken in de tijd.

Als het over gelijke startkansen gaat, pleiten liberale denkers voor een hoge erfenisbelasting. Waarom wil uw partij het omgekeerde?

Die denkers leven ofwel in een andere tijd, ofwel in een ander land. In België is de belastingdruk al veel te hoog. Ik vind het niet normaal dat wie al eens belast is op wat hij verdiend heeft, nogmaals belast wordt als hij dat wil doorgeven aan zijn geliefden. Dat is een belasting op verdriet.

Dat is mooi uitgedrukt, maar u creëert zo wel óngelijke startkansen. Dat vloekt met de fundamenten van het liberalisme.

(feller) Ik ga daar niet mee akkoord. Belastingen zijn nodig, maar die moeten eenvoudig en laag zijn én afgenomen worden aan de bron. Dat is met een erfenisbelasting niet het geval. Wij zorgen op een andere manier voor gelijke kansen.

Het onderwijs, zoals u al zei.

(knikt) Inderdaad. Dat staat voorop. De drempel moet laag, de lat hoog. Helaas is dat niet meer het geval. Ik deel de kritiek dat de nadruk te veel ligt op welzijn en te weinig op kennisoverdracht. Dat werkt niet emanciperend.

Hoe komt dat?

Eén reden is dat leerkrachten te weinig tijd hebben om écht les te geven. Ze moeten te veel paperassen doen, te veel zorgtaken vervullen. Dat haalt de lat omlaag. Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat er in de basisscholen minder tijd is om te leren lezen. Dat is verschrikkelijk. Wie is daar de dupe van? Vooral kinderen die al in moeilijke omstandigheden opgroeien. (kwaad) Ik vind het onbegrijpelijk dat meneer Boeve van het katholiek onderwijs zegt dat de lat te hoog ligt. Ik krijg het gevoel dat daar de instelling primeert boven het belang van het kind.

“Wij zijn niet blind voor de problemen. Maar wij geloven evenzeer in oplossingen. Dát is onze morele plicht.”

Bent u voorstander van één onderwijsnet?

Als ik mag beginnen met een wit blad, dan zeg ik ja. Maar ik kan de geschiedenis niet uitwissen. En ik heb geen zin in een nieuwe schoolstrijd. We gaan het dus moeten doen met de bestaande netten.

Iets anders. Moet de mens de vrijheid hebben om te wonen waar hij wil?

In theorie zou het liberale antwoord ja moeten zijn. Maar in de werkelijke wereld is dat niet haalbaar. Wie hier wil komen werken, is wat mij betreft welkom. We mogen zelfs meer inzetten op economische migratie, vind ik. We moeten goed beseffen dat onze sociale zekerheid afhankelijk is van het aantal werkende mensen. Ik kijk dan bijvoorbeeld naar het Amerikaanse en Canadese model. De Europese Unie zou een gelijkaardig systeem moeten invoeren. Wat níet kan, is migratie om te profiteren van ons sociale systeem. Dat werkt niet.

En als ik op de vlucht ben voor oorlog?

Dan helpen we u. Dat is namelijk de Conventie van Genève. Die is opgesteld na de Tweede Wereldoorlog. Iedereen weet waarom dat nodig was. Wie op de vlucht is voor oorlog, die helpen we. Ik vind dat een mooi ideaal. Maar wie zich niet houdt aan de spelregels, die wordt uitgezet. Een migratiebeleid moet streng, maar menselijk zijn.

Die ‘Open’ in de naam van uw partij, vanwaar komt die?

Van Karl Popper, een Oostenrijkse filosoof. Hij schreef het boek ‘De Open Samenleving en Haar Vijanden’. De naam zegt veel. Wij staan als samenleving open voor iedereen. Wat telt, is uw toekomst, niet uw afkomst, seksuele geaardheid, gender of religie. Máár: die open samenleving heeft ook vijanden. De extremisten bijvoorbeeld. Voor die mensen moeten we wél intolerant zijn, meent Popper. Ik volg hem.

Optimisme is een morele plicht, is ook een motto van Popper.

En van mij. (lacht) Dat is zelfs de lijfspreuk van mijn partij geworden. Wij leven in een goed land. Dat betekent niet dat alles goed is. Wij zijn niet blind voor de problemen. Maar wij geloven evenzeer in oplossingen. Dát is onze morele plicht. Ik hou niet van doemdenken.

U hebt makkelijk spreken met 5.000 euro netto per maand, of meer.

Néén, optimisme heeft niets te maken met vermogen. Ik ken mensen met véél geld die zuur in het leven staan en ik ken mensen met weinig geld die optimistisch zijn. Optimisme is een levenshouding.

Is die levenshouding het fundamentele verschil tussen uw partij en N-VA?

Dat is een groot verschil, ja. De N-VA is een pessimistische partij. Maar het fundamentele verschil zit elders. N-VA is ook een nationalistische partij. Zij zien het Vlaamse volk als het hoogste goed. Wij zien elk individu als het hoogste goed. Ik ben ook trots op Vlaanderen, maar ik ben dat evenzeer op België, op mijn stad Aarschot, op Europa. Ik word niet door één identiteit bepaald.

Gaat het liberalisme ook de klimaatopwarming tegengaan?

Jawel, en door te geloven in de kracht van mensen. De mensen gaan de opwarming tegengaan. Andere partijen vinden dat de overheid dat moet oplossen. Wat hoor ik allemaal? Belasten, verbieden, betuttelen. (zucht) Néén. Zo werkt het niet. (enthousiast) Laat de mensen vrij, laat hén naar oplossingen zoeken. Wij pleiten bijvoorbeeld voor een btw-verlaging op groene investeringen. Zoiets stimuleert mensen.

Een laatste thema. Waarom bent u voor quota voor vrouwen?

Dat is tijdelijk een noodzakelijk kwaad. Anders zou het te lang duren vooraleer bijvoorbeeld de politiek een échte afspiegeling is van de samenleving.

Waarom zou het de vrouwen niet lukken om op eigen kracht aan de top te komen?

Dat zeg ik niet. U spreekt met een vrouw die er op eigen kracht gekomen is. Maar quota kunnen helpen om maatschappelijke patronen snéller te doorbreken.

Mag ik hiervan zeggen dat dat vloekt met het liberalisme?

Jawel. Déze keer mag u dat zeggen. (glimlacht) Dit thema heeft voor stevige debatten gezorgd binnen de partij. Dat moet ook kunnen. Maar ik voel dat velen in mijn richting opschuiven.

Wil u dan ook quota voor allochtonen?

In theorie valt daar iets voor te zeggen, ja. (denkt na) Maar wie is dan een allochtoon? Dat zou een zwaar debat vragen. Ik denk zelfs dat dat gevaarlijk kan zijn. We hebben slechte ervaringen in Europa met mensen indelen op afkomst. Dat zijn voor mij gewoon Vlamingen. Dus neen, ik wil geen etiket blijven kleven op mensen. Dat speelt veel minder in gender.

Welke drie maatregelen neemt u meteen als u de absolute meerderheid haalt?

  1. We belonen mensen die werken of gewerkt hebben. Dankzij een nieuwe belastingverlaging geven we mensen gemiddeld 1.000 euro extra netto per jaar. Op die manier maken we ook het verschil tussen werken en niet-werken groter. Mensen die gewerkt hebben, verdienen ook een deftig pensioen. We trekken daarom de minimumpensioenen verder omhoog én zorgen voor een verplicht pensioenplan via de werkgever zodat iedereen minstens 1.500 euro pensioen krijgt per maand.
  2. We bieden onze kinderen onderwijs van wereldklasse aan. De kwaliteit van ons onderwijs boert achteruit en dat mogen we niet laten gebeuren. Ouders willen het beste onderwijs voor hun kinderen en daar hebben ze ook recht op. We bevrijden leerkrachten van paperassen en laten hen weer de nadruk leggen op kennis en vaardigheden. Meertaligheid moet eveneens een troef worden, al blijft de Nederlandse taal de basis. We willen de lat dus hoger leggen en tegelijk de drempel laag houden. Zo kan elk kind zijn talent ontwikkelen.
  3. We hebben nood aan een Europees migratiesysteem om de instroom van migranten en vluchtelingen onder controle te krijgen. De Europese Unie moet haar buitengrenzen bewaken zodat de binnengrenzen open kunnen blijven. Aan de buitengrenzen kunnen mensen een asielaanvraag doen. Wie recht heeft op asiel, verspreiden we over de Unie via een eerlijke verdeelsleutel.