BRUSSEL – Vlaams viceminister-president Hilde Crevits is meer dan ooit dé leading lady van CD&V. Op zes maanden van de verkiezingen maakt ze de balans op: van het onderwijs, van de regering en van haar partij. Vaak optimistisch, soms genuanceerd. “Ik zit gewrongen met die uittredingsvergoedingen.”

Crevits was ziek begin deze week, buikgriep. “Ik ben gevoelig daarvoor, zeker bij de wisseling van de seizoenen.” Ze kon maar net aanwezig zijn op de belangrijke vergadering van haar partij waar de eerste lijsttrekkers voor de verkiezingen van mei aangeduid werden. “Dat wou ik sowieso niet missen. Desnoods was ik daar op een draagberrie binnen gedragen.” De West-Vlaamse lacht luid. De woelige week werkt niet op haar gemoed, althans niet zichtbaar.

Of het niet meer plezant is bij CD&V, vraag ik haar. Dat doet het afhaken van Marianne Thyssen, Jo Vandeurzen en Pieter De Crem toch vermoeden. Opnieuw volgt een lach. “Ik vind het opvallend dat u die vraag zo stelt. Ik heb veel moeten lezen de voorbije weken. CD&V zou zelfs te weinig vernieuwen. Enkele sterke koppen nemen inderdaad afscheid. Ik vind dat niet noodzakelijk slecht. Een partij moet investeren in vernieuwing. Het omgekeerde zou méér problematisch zijn. Dat neemt niet weg dat ik Jo bijvoorbeeld ontzettend hard ga missen.”

En De Crem? Of is het goed dat deze einzelgänger een stap opzij zet?

Ik ben het niet met u eens. Pieter is een christendemocraat tot in het diepste van zijn ziel. Ja, hij durft zijn mening uiten, en die strookt niet altijd met de mijne of met de partij. Maar ik heb dat nooit als een probleem beschouwd. Elke partij heeft nood aan mensen die anders durven denken.

U hebt gelukkig nog Hendrik Bogaert.

Dat komt goed. Ik heb dinsdag een lang gesprek gehad met hem. Ook zijn uitgesproken mening botst soms met de partijlijn, ja. Het hoofddoekenverbod is een voorbeeld daarvan. Maar als het moet, dan volgt Hendrik onze lijn. Ik heb hem trouwens zélf gevraagd om de federale lijst te trekken in West-Vlaanderen. Wij gaan een goede tandem vormen.

U trekt daar de Vlaamse lijst. Hebt u getwijfeld?

(resoluut) Neen. Ik doe mijn job ontzettend graag. Ik denk ook dat ik mijn plek heb in deze gepolariseerde tijden. Ik ben de politica van de nuance. Je zal mij zelden betrappen op luid getoeter. Ik zoek oplossingen. Veel mensen waarderen dat.

Wat vindt de politica van de nuance van uittredingsvergoedingen van 400.000 euro en meer?

(aarzelend) Het parlement heeft unaniem die regels hervormd in 2014. De bedragen zijn grondig verlaagd, weliswaar met behoud van verworven rechten. Dat gezegd zijnde, wil ik ook eens de omgekeerde redenering maken. Ik heb een bloeiend advocatenkantoor laten vallen voor de politiek. Als ik moet stoppen met politiek, moet ik daar opnieuw van nul beginnen. In die zin vind ik een redelijke vergoeding wel te verantwoorden.

“Te weinig jongeren kiezen voor het mooie beroep van leerkracht. Er zal een zware campagne nodig zijn.”

Miet Smet (CD&V) zei ook al zoiets in De Afspraak. Politici geraken anders niet meer aan de bak. Dat is toch niet ernstig?

Ik denk niet dat politici nergens aan de bak geraken. Ik geef alleen het voorbeeld van mezelf. Als ik mijn oude liefde zou oppakken, moet ik van nul beginnen.

Dat geldt ook voor mensen in andere sectoren.

Dat klopt. Al is een uittredingsregeling voor kaderleden in de privé ook een normaal gebruik. (even stil) Kijk, ik zit hier ook mee gewrongen. Ik geef dat toe. Als het parlement vindt dat dat aan een nieuwe hervorming toe is, dan zal ik dat steunen.

Wat is uw stempel geweest op Onderwijs?

De vele noodzakelijke hervormingen: van kleuter- tot volwassenenonderwijs en alles daartussen. Daar kan je niet naast kijken. Dat is mijn stempel geweest. Ik ben ervan overtuigd dat ons onderwijs klaar is voor de toekomst. Ik ben ook fier op de sterke cao: jonge leerkrachten hebben vanaf dit schooljaar via de lerarenplatforms een jaar lang 100 procent loon én 100 procent werkzekerheid.

Kritiek op die hervormingen kwam van onder anderen Geert Noels. Hij meent dat middelmaat het doel en de norm is geworden in ons onderwijs.

Als één iets de modernisering van het secundair of de nieuwe eindtermen niet kenmerkt, dan is het wel middelmatigheid. (feller) Wie dat vindt, kent die dossiers niet. De drie kernwoorden voor het nieuwe secundair zijn verdieping, versterking en verkenning. Die staan haaks op middelmatigheid.

Noels noemde het M-decreet als voorbeeld.

Dat is deze legislatuur ook bijgestuurd. Ik zal het buitengewoon onderwijs nooit afschaffen. Ik zie welke spectaculaire resultaten daar soms geboekt worden. We zijn vandaag in Vlaanderen niet in staat om alle kinderen in één klas te integreren.

Waarom vormen de nieuwe eindtermen een stap vooruit?

Die zijn eerst en vooral aangepast aan de tijd. Burgerschap, digitale geletterdheid en STEM (wetenschap, technologie, ontwerp en wiskunde, red) zijn voortaan óók eindtermen. Dat vind ik de voornaamste vooruitgang. Die maken het onderwijs klaar voor de toekomst. Tegelijk voeren we basisgeletterdheid in als eindterm. Uit PISA (internationale testen op 15-jarigen, red) blijkt dat één op vijf het basisniveau niet haalt om te functioneren in de samenleving. Dat gaat over Nederlands, wiskunde, financiële kennis, noem maar op. Voortaan moet élke veertienjarige die basislat halen.

Die eindtermen zouden ingaan op 1 september, net als de modernisering van het secundair. Zal dat lukken? De scholen vragen uitstel.

Zeker ben je nooit, maar ik vind dat wel belangrijk. De scholen vragen vooral een soepele inspectie de eerste twee jaar. Maar dat is altijd zo na een hervorming. Het is voor mij wel elementair dat de eindtermen meteen opgenomen worden in de leerplannen. Daarop zal ik streng zijn.

“Als ik mijn oude liefde zou oppakken, moet ik van nul beginnen. In die zin vind ik een redelijke vergoeding wel te verantwoorden.”

Het tekort aan leerkrachten, is dat dé uitdaging voor de toekomst?

Absoluut. Te weinig jongeren kiezen voor dit mooie beroep. Er zal een zware campagne nodig zijn.

Het beroep aantrekkelijker maken, was één van uw prioriteiten. Bent u daarin niet geslaagd?

Daar is nog werk aan. Veel hervormingen staan al in de steigers. Het loon is één zaak: dat zit goed vandaag. Jobzekerheid is een tweede zaak. Vandaar de invoering van het lerarenplatform: dat biedt nu al 2.750 jonge leerkrachten werkzekerheid. Een laatste stap is de opdracht van de leerkracht afbakenen. Wat is zijn kerntaak, en wat niet? De samenleving verwacht veel van de leerkracht, te veel eigenlijk. Dat maakt de opdracht zwaar. We moeten daar eens goed over nadenken. Als dat lukt, dan liggen alle bouwstenen klaar voor die positieve campagne.

Zal dat nog lukken?

Dat hangt ook van de sociale partners af. Ik ga heel hard mijn best doen.

Theo Francken (N-VA) nam onlangs in deze krant ook het niveau van onze leerkrachten op de korrel. Volgt u hem daarin?

(zucht) Kritisch analyseren is makkelijk. Ik zoek oplossingen. Ik weet dat er werkpunten zijn. Daarom is de opleiding hervormd. (feller) Weet u: als mij iets is duidelijk geworden de voorbije jaren, dan is het wel dat leerkrachten met véél passie voor de klas staan. Zij verdienen al die negatieve kritiek niet.

De grootste kritiek op uw beleid kwam vaak van coalitiepartner N-VA.

(pikt in) Dat heb ik ook vastgesteld. Ik dacht wel eens: verdorie, waarom is dat nodig? Gelukkig heeft dat de werking van de regering nooit geblokkeerd. We zijn altijd tot oplossingen gekomen. Was dat niet gelukt, dan had ik nu anders gesproken.

Mikt u op een tweede legislatuur op Onderwijs?

Ik weet dat het onderwijsveld rust vraagt. Ik kan hen dat geven na al die hervormingen. Ik doe deze job ook ontzettend graag. Dus als die kans zich voordoet, zal ik geen neen zeggen. Maar eerst het oordeel van de kiezer en de coalitievorming afwachten.

Crevits wil een minister van Vereenvoudiging

Minister-president Geert Bourgeois (N-VA) meent dat geen enkele Vlaamse regering zulke historische hervormingen heeft doorgevoerd als de zijne. Is dat zo?

Ik neem dat woord niet zo snel in de mond. Ik ben wel trots op de moedige keuzes van deze regering. CD&V heeft onmiskenbaar haar stempel gedrukt op elk beleidsdomein. Dat maakt me fier. Deze regering heeft een centrumbeleid gevoerd, op maat dus van mijn partij. We hebben soms moeilijke maatregelen moeten nemen, maar we hebben altijd rekening gehouden met de zwakkeren.

Wat zou een terechte kritiek zijn?

(lacht) Vraag je dat nu aan mij?

Introspectie kan deugd doen.

(denkt na) Overal waar ik kom, klagen mensen, bedrijven en scholen over de administratieve rompslomp. Ze hebben vaak gelijk. We moeten een tandje bijsteken. Dat leeft héél fel. We zijn nog niet mee in de digitale wereld. De volgende regering stelt best een minister van Vereenvoudiging aan.

Hoe was het samenwerken met Bourgeois?

Zakelijk, maar correct. Een afspraak is een afspraak: dat waardeer ik aan hem. Het was soms moeilijk om tot die afspraak te komen, maar eens dat lukt, dan respecteert hij dat.