Nog een keertje. Een allerlaatste keer. Maar ook na die laatste Winterrevue met Nicole, jeukte het nog wat bij Hugo Sigal. En dus duikt hij dezer dagen op in De tante van Charlie, de nieuwste voorstelling van De Komedie Compagnie. “Acteren verleer je niet”, zegt Hugo.

Matthieu Van Steenkiste

Vorig jaar stond je met Nicole nog in de Winterrevue van Theater Elckerlyc. Je liet daarbij verstaan dat het lange repetitieproces en de vele optredens toch op jullie wogen. Heb je daar nog eens aan gedacht, toen je besloot mee te doen met dit nieuwe project?

Absoluut. Er zijn dit keer een twintigtal voorstellingen en die zijn goed gespreid. Maak je geen zorgen: ik ben niet over een nacht ijs gegaan hierover. Ik heb er lang over nagedacht voor ik heb toegezegd.

Je hebt ook pas toegestemd nadat je met Nicole had gesproken.
Dat lijkt me maar normaal als je 47 jaar samen bent. Dan neem je zo’n beslissing niet alleen. We hebben dat rustig doorgepraat en Nicole steunde me daar volledig in. Et voila, hier staan we: ik eindig mijn carrière waar het begonnen is, in het theater. Nog eens werken met een regisseur en een decor, dat stond wel op mijn verlanglijstje. Alleen al het repeteren was zalig. Maar het instuderen van de teksten ging me vroeger wel een pak vlotter af. Toen las ik iets drie keer, en ik kende alles van buiten. (lacht) Dat heeft deze keer langer geduurd, maar ik heb er samen met Nicole hard op geoefend.

Waarom de stap naar het theater?
Het is een terugkeer naar het verleden. Ik ben ermee gestopt in 1970. Voor de start van onze muziekcarrière heb ik immers zeven jaar in het jeugdtheater gewerkt. Ik heb natuurlijk nog met Nicole in Alice In Wonderland gestaan, maar dat was een musical. Het idee om nog eens te spelen is er echter al lang geweest. Toen we peter en meter werden van de Komedie Compagnie wist ik dat het er vroeg of laat wel zou van komen.

Hoe was het om opnieuw te acteren?
Je verleert het niet. Ook bij onze theatershows heb ik me altijd als acteur opgesteld. Het terug oppikken was helemaal niet moeilijk. Al neem ik de positieve reacties van mijn collega’s met een korrel zout, het voelt ook voor mezelf goed. Maar ik wil de lat hoog leggen. Het is niet omdat de regisseur tevreden is, dat ik zelf ook content ben.

“Alleen al het repeteren was zalig. Maar het instuderen van de tekst ging me vroeger wel een pak vlotter af. Toen las ik iets drie keer, en ik kende alles van buiten.”

Wat mogen we verwachten van De tante van Charlie?
Ze noemen het de moeder aller komedies. Maar moest je het spelen op de manier waarop het eind negentiende eeuw geschreven is, zou dat niet meer werken. Regisseur Dirk Lavrysen en Jan Van Dyke hebben er echter een heel toffe update van geschreven. Het verhaal draait om twee studenten bij wie een rijke tante op bezoek komt en met wie ze willen pronken. Die tante blijkt niet op tijd te komen, waardoor iemand anders zich dan maar als haar gaat voordoen. Ikzelf speel de vader van een van die jongeren.

Is het hierna echt gedaan?
Dat denk ik wel. Ik heb het gevoel dat het hierna ophoudt. Nu, ik heb altijd gezegd dat ik dóódgraag eens een stem in een tekenfilm zou inspreken. Moest er dus zo’n aanbod komen, zou ik daar misschien wel op ingaan. Het lijkt me tof om je karakter vorm te geven door een bepaalde stem op te zetten. Maar het is niet noodzakelijk. Als ik naar de repetitie rij, denk ik meer en meer dat het stilaan echt wel tijd wordt om gewoon te genieten van het leven.

De Tante van Charlie loopt vanaf 11 november in Theater Elckerlyc in Antwerpen. Info & tickets: www.elckerlyc.be