Brussel Econoom Ivan Van de Cloot trekt aan de alarmbel. De almacht van partijen en spindoctors vormt een gevaar voor onze democratie, betoogt hij. Hij waarschuwt de nieuwe Vlaamse regering van Jan Jambon. “Goed bestuur: dát moet de prioriteit zijn.” De befaamde econoom van denktank Itinera schetst geen rooskleurig beeld van dit land.

Wat bedoelt u met goed bestuur?

Dat betekent ernstig beleid. De coalitie van N-VA, CD&V en Open VLD krijgt een tweede kans op Vlaams niveau. Ze moet die grijpen. Ze moet stoppen met aankondigingen te doen, zonder die te koppelen aan realisaties. Daar waren de vorige regeringen sterk in. De kiezer heeft dat doorprikt. De kiezer heeft ervaren dat grote dossiers zoals energie, pensioenen en fiscaliteit niet ernstig worden aangepakt. Dat is wat ik lees in de verkiezingsuitslag. De politiek moet daar nu een antwoord op bieden. Dat geldt voor zowel de Vlaamse als de toekomstige federale regering. Maar als de politiek die breuk wil maken, dan moet ze komaf maken met de slechte particratie die het politieke landschap domineert. Die particratie zorgt ervoor dat regeringspartijen elkaar stokken in de wielen steken. Men denkt dat dat de partij dient.

Wat is het alternatief?

Een goede particratie. Ik wil niet noodzakelijk af van de politieke partijen. In Nederland bijvoorbeeld werkt de particratie wel. De partijen leveren daar vaak goed bestuur af. Onze partijen lopen vooral spindoctors en marketeers achterna. We hebben dat gezien in de campagne. Men denkt dat kiezers de waarheid niet aankunnen, dus men belooft allerlei lekkers dat men niet kan waarmaken. Dat is een cultuurprobleem. Een echte leider, die het beste wil voor zijn volk, die begint met de waarheid te vertellen.

Wie de waarheid vertelt, haalt geen stemmen, zo valt te horen in de Wetstraat.

(feller) Men dénkt dat. Dat is de grote bubbel van de Wetstraat. Men onderschat de kiezer. Ik geloof dat wie daadkracht toont, wél beloond zal worden. Maar de politiek zit gevangen in die illusie. Dat is te wijten aan de almacht van de spindoctors én aan de partijvoorzitters die daar naar luisteren. Het is díe particratie die een gevaar vormt voor onze democratie.

Is dat zo? Onze democratie is kerngezond, betoogt Joël De Ceulaer, journalist van De Morgen, in een nieuw boek.

De democratie heeft zeker haar verdiensten. Ze maakt een botsing van ideeën mogelijk, zonder bloedvergieten. Ze heeft in het verleden al geleid tot hervormingen. Ik zie ook geen beter systeem mogelijk. Máár: ik vind niet dat onze democratie vandaag goed functioneert. Zie het gebrek aan goed bestuur. Zie de verkiezingscampagne: onze partijen enten hun programma op de stemtesten van de media. Ik zeg dat niet zomaar, ik hoor dat van mensen die het kunnen weten. Dat zegt toch alles? Men laat marketing primeren op visie.

U haalt Nederland aan als voorbeeld. Waarom lukt het daar wel om een overschot te boeken op de begroting, en in ons land niet?

Dat is die politieke cultuur. Wij mankeren dat. Wij hebben te veel rattenvangers die altijd wel een excuus verzinnen om niet te moeten besparen. Als in ons land een probleem opduikt, dan roept de politiek om meer geld. Dat is blijkbaar dé oplossing voor elk vraagstuk. Veel burgers worden stapelgek van die reflex. Mijn antwoord is: geef het beschikbare geld beter uit.

Wat zou u ervan vinden, mocht de Vlaamse regering het begrotingsevenwicht uitstellen tot het einde van de legislatuur, zodat ze eerst kan investeren?

Het debat om een tijdelijk tekort toe te laten in ruil voor échte investeringen, is een legitiem debat. Ik ben geen evenwichtsfetisjist. Maar ik vrees dat dat wederom een rookgordijn is, dat de rattenvangers klaarstaan om aan cadeaupolitiek te doen, en dáárom dat evenwicht willen laten vallen. De Waalse regering zegt ook zoiets. Maar zie ik daar een écht plan? Néén. (feller) Ik noem dat onverantwoordelijk bestuur. Dat is opnieuw die cultuur.

“Ik heb twee tips voor de regering-Jambon: gooi de marketeers op straat en maak werk van goed bestuur.”

Op federaal niveau zakt de begroting dit jaar al tot zeven miljard euro in het rood. Kan een volgende regering dat rechttrekken?

Dat kan, maar dan moet er daad-krachtig worden opgetreden. Dan moeten de partijen eindelijk loskomen van hun hervormingsfobie en van de illusie dat ze gaan afgestraft worden voor daadkrachtig beleid. Ik kijk onder meer naar de gezondheidszorg. Het budget daar bedraagt meer dan dertig miljard euro. Wij hebben met Itinera berekend hoeveel wordt uitgegeven aan chronische zieken. Een betere preventie kan voor een besparing tot zeven miljard euro zorgen. Dat zou goed bestuur zijn. (op dreef) Ik kijk naar de pensioenen: zorg voor een duurzame hervorming. Of het fiscaal systeem: maak dat eindelijk rechtvaardig. Arbeid wordt vandaag zo hard bestraft, dat het systeem wel ontworpen lijkt door een sadist. (zucht) Ik vrees echter dat veel politici dat nog steeds niet begrepen hebben. Ze wanen zich marktkramers. Een fiscaal cadeau hier, een fiscale korting daar. Ik hoorde niets anders tijdens de campagne. Er is nochtans géén ruimte voor dure cadeaus.

Deze week zat in het nieuws dat ook het tekort in de sociale zekerheid oploopt tot 3,1 miljard euro.

(knikt) Onze officiële overheidsschuld bedraagt meer dan honderd procent van het nationaal inkomen. Maar dat is maar het topje van de ijsberg. De impliciete schuldenberg bedraagt minstens driehonderd procent. De toekomstige pensioenen bijvoorbeeld: die zijn helemaal niet gedekt. (zwijgt even) België is op veel domeinen een middelmatig land geworden. We zakken weg op internationale rankings. De volgende regering zou eens een ernstig en ambitieus plan moeten opstellen om ons land weer aan de top te brengen, minstens op het niveau van Nederland. Dat betekent top-vijf.

Even tussen haakjes: in de wandelgangen wordt gefluisterd dat premier Charles Michel (MR) zal opgevolgd worden door zijn partijgenote Sophie Wilmès, als hij eind november Europees president wordt. Wilmès is vandaag minister van Begroting. Leve de meritocratie, zou een cynicus zeggen.

Dat is inderdaad … (even stil) Dat zou fantastisch materiaal zijn voor een satirisch programma. Een land maakt zijn bevolking wijs een begrotingsevenwicht te halen, mislukt daar faliekant in, maar promoveert de bevoegde minister tot premier. Dat is een toonbeeld van lichtzinnig omspringen met de democratie. Politici moeten eigenlijk te weinig rekenschap geven voor hun prestaties. Dat is ook een gevolg van die particratie. Zelfs wie slecht bestuurt, krijgt van zijn voorzitter een uitloopbaantje gepresenteerd.

De Vlaamse regering maakt prioriteit van identiteit en integratie. Is dat terecht?

Jawel, want dat zijn belangrijke thema’s. Maar dat moet leiden tot ernstige maatregelen. Als dat beperkt blijft tot loze slogans, ingefluisterd door spindoctors, zal dat afgestraft worden door de kiezer. Ik heb twee tips voor de regering-Jambon I: gooi de marketeers op straat en maak werk van goed bestuur.