Je kind laten meehelpen in het huishouden is een goed idee: het kind leert verantwoordelijkheden en vaardigheden aan, en jij hoeft niet alles alleen meer te doen. Tenminste, als de klusjes goed uitgevoerd zijn.

Kinderen in huis betekent vaak ook flink wat extra werk. Maar als je diezelfde kinderen ook kunt inzetten om mee het huishouden te runnen, kunnen diezelfde kinderen jouw taken wel wat verlichten. Natuurlijk zullen kleine kinderen extra hulp nodig hebben bij het verrichten van taken, maar eens ze wat ouder zijn kun je hen gerust één en ander toevertrouwen. Ze vinden het vaak ook heel erg leuk om te doen, én ze leren bij. Ziehier een overzicht met voorbeelden van welke klusjes bij welke leeftijd horen. Hou er wel rekening mee dat elk kind anders is en dat hij of zij niet noodzakelijk alle taken even goed of met evenveel plezier afhandelt.

18 maanden tot 3 jaar

  • Speelgoed in een doos stoppen
  • Boeken in de kast zetten
  • Vuile kleding in de wasmand doen
  • De vaatwas leeghalen (enkel plastic voorwerpen)
  • Afstoffen met een droge doek
  • Prullenbak legen
  • Plantjes water geven

4 tot 5 jaar

  • Huisdieren eten geven
  • De tafel of vloer schoonvegen
  • De keukentafel opruimen
  • Borden afdrogen
  • Groenten wassen

6 tot 8 jaar

  • Vloer dweilen
  • Afwasmachine leeghalen
  • Een eenvoudige salade maken
  • Bladeren harken
  • Stofzuigen
  • De was ophangen
  • De tafel afruimen

9 tot 11 jaar

  • De afwasmachine inruimen
  • Boodschappen opruimen
  • Vloerkleden stofzuigen
  • De was insteken, zelf uithalen en opvouwen
  • Het gras maaien
  • De garage schoonvegen
  • Koken (eenvoudige gerechten: gebakken eieren, pannenkoeken)
  • De vuilnisbak buiten zetten
  • De eigen lunch klaarmaken
  • De kamer opruimen
  • Bedden opmaken

12 jaar en ouder

  • Dweilen
  • Boodschappen doen
  • Ramen lappen
  • Op de jongere broertjes of zussen passen
  • De auto wassen
  • En alles wat ze leuk vinden en goed kunnen

Geef oudere kinderen die al van aanpakken weten een vaste, wekelijkse taak zodat ze weten wat er van hen verwacht wordt. Wees ook niet te streng en verwacht geen perfectie. Stuur wel bij waar nodig maar wees vooral tevreden met dat extra paar helpende handen.