Kleine verhalen, Grote Merckx

255
(foto vrt)

Eerlijk? Ik ben met een klein hartje naar ‘Merci Merckx’ beginnen kijken. Niet omdat ik aan de kwaliteiten van Karl Vannieuwkerke en zijn team twijfel, integendeel. Wel omdat ik een aangeboren terughoudendheid heb voor ophemelende televisie. Maar al in de eerste minuten werd je als kijker gerustgesteld: het zou zoveel meer worden dan Merckx alleen.

Er werd reikhalzend uitgekeken naar ‘Merci Merckx’, de zesdelige ode aan volksheld nummer één. Hooggespannen verwachtingen dus. Dat de eerste aflevering meteen werd onderbroken door de ‘Even geduld’-pancarte, versterkte dat gevoel alleen maar. Een mens zou bijna gaan denken dat het een snode streek was van de programmamakers zelf. Gelukkig slechts van korte duur. Een valse start van wat een buitengewoon mooi stukje televisie zou gaan worden. Ver weg van wat ophemelende programma’s doorgaans zijn.

Daarmee wil ik zeker niet gezegd hebben dat Eddy Merckx niet op een voetstuk mag geplaatst worden. De man heeft immers een palmares bij elkaar gefietst om ú tegen te zeggen. Zoals een aantal keer terugkomt in ‘Merci Merckx’: het waren andere tijden, zowel qua renners als qua koersen. En toch was ook de Kannibaal in zijn tijd al uitzonderlijk. “Iets wat nooit meer zal geëvenaard worden. Door niemand niet”, dixit Tom Boonen, die andere grote klepper. Maar meestal voeden odes enkel het gegeven ‘mythe’.

Koers, met de ‘k’ van kloppend hart

Tot nu dus. Vannieuwkerke en zijn team voegt er het element ‘mens’ aan toe. Veel meer dan een lovend portret, wordt Merckx eerder de rode draad door een unieke brok wielergeschiedenis. Zo krijgen ook Tom Boonen, Eddy Planckaert, Fons De Wolf, Francesco Moser en ook Frank Vandenbroucke hun eigen kleine ode. Kortom, een programma gemaakt door een ploeg waar sport door de aderen vloeit en bij het krieken van de dag koers op de boterham wordt gesmeerd.

Fantastisch hoe Vannieuwkerke ook odes aan bijvoorbeeld Frank Vandenbroucke, de 'nieuwe Merckx', in het programma laat binnensluipen. (foto één)
Fantastisch hoe Vannieuwkerke ook odes aan bijvoorbeeld Frank Vandenbroucke, de ‘nieuwe Merckx’, heel subtiel het programma laat binnensluipen. (foto één)

Niets toeters en bellen. Die waren er al uitgebreid geweest toen Merckx in juni gevierd werd. Wel ademruimte genoeg om de kleine verhalen uit de mythe te halen. Die kleine verhalen maken van Merckx een echte Grote (mét hoofdletter ‘G’). Groots als wielrenner en minstens even groots als mens. Laat dat net de sterkte zijn van dit nieuwe programma, dat ook gewoon schoon kan zijn voor niet-koersliefhebbers. Of kent u een andere ode aan Merckx die ruim de tijd schenkt aan de twee Amis de Paris-Roubaix Daniel en François, die hun vrije tijd opofferen aan het corrigeren van de legendarische kasseistroken. Van een beeldschoon portret in een portret gesproken. Dat de – weliswaar verre – familieband van Daniel Acou met Eddy Merckx waarschijnlijk niet op puur toeval berust, bedekken we dan met veel plezier onder onze Dikke Mantel Der Liefde. Of wat gedacht van de goudeerlijke getuigenis van vrienden Guillaume Michiels en Paul Van Himst.

Maar de kapstok is en blijft Merckx. Want niemand die aan de almacht van onze Eddy twijfelt. “Boonen, da’s niets. Die wordt nog het liefst in een zetel naar de finish gebracht”, laat een stamgast van In den Hengst in Brakel optekenen. Dan weet je het wel: Merckx is ongenaakbaar. Merckx is God. En God is een Belg. En met ‘Merci Merckx’ krijgt God dan ook het programma dat Hij verdient.

‘Merci Merckx’, elke dinsdagavond om 20.35u op één.