Zoals de Westhoek zijn oorlogsverleden kent, zijn de zuiderse staten van Amerika getekend door de slavernij. Die leidde tot een burgeroorlog. En de strijd voor burgerrechten. Waar er een verleden te vertellen is dat tot de verbeelding spreekt, daar is er toerisme. In de zuiderse staten kom je als toerist met een gezonde dosis interesse in geschiedenis wel aan je trekken. En al zeker langs de Route 61, de Freedom Road waar ooit heel wat slaven hun vrijheid vonden.

We duiken Mississippi in vanuit Memphis in de naburige staat Tennessee. We boeken een kamer in het legendarische Hotel Peabody waar Robert Lansky, de couturier van Elvis, een winkel heeft en waar een ‘duck march’ van de fontein tot in de lift van het hotel dagelijks voor heel wat kijklustigen zorgt. Zo schattig deze taferelen zijn, zo hard zullen de beelden van de volgende dagen op ons inbeuken. Want Memphis is niet alleen de stad van Elvis en Graceland, de stad heeft ook een ijzingwekkend racistisch verleden.

Drie eeuwen lang

Memphis was ooit een draaischrijf van de slavenhandel. Gelegen aan de Mississippi-rivier en middenin de onmetelijk grote katoenvelden die de staten Tennessee en Mississippi wit kleurden. De stad telde meerdere markten waar slaven verhandeld werden. Ze werden met honderden sinds de 17de eeuw aangevoerd vanuit Afrika. Zo’n 400 tot 700 per schip. Tussen 5 en 30 jaar. Individuen, geen families. Gestapeld. 23 uur per dag. De slavendrijvers verzekerden hun ‘vracht’ want een derde van de slaven overleefde de trip niet. Een slaaf kostte gemiddeld 1500 dollar, omgerekend naar vandaag zowat 24.000 dollar. “Drie eeuwen lang hebben de haaien niet moeten jagen op die vaarroutes,” schetst Alana Turner van Slave Haven in Memphis. “De doden werden gewoon overboord gekieperd.” Eén foto in het museum vat het allemaal samen. Vier paar voeten, een plank, drie hoofden, een plank, vier paar voeten… Zo werden de slaven gestapeld.

De slaven werden letterlijk gestapeld in de boten.

Slave Haven is een klein museum in Memphis, in het voormalig huis van Jacob Burkle, een Duitse immigrant die tegen de slavenhandel was. Zijn huis was een schuiloord voor ontsnapte slaven, op enkele honderden meters van de rivier. Waterlopen speelden een cruciale rol in de ontsnapping. Daar verloren de honden het spoor van de slaaf. Die wijsheid werd overgeleverd in liederen.

Slaven mochten niet lezen of schrijven, uit vrees dat ze hun eigen vrijheidsbrief zouden kunnen schrijven. John King was zo’n slaaf die kon schrijven, dus hakten ze hem de handen af. Als waarschuwing naar de anderen toe. Maar slaven werden onderschat. Ze gaven hun boodschappen door al zingend. Met spirituals en gospel, vol tips en tricks over hoe je kon ontsnappen. Of ze naaiden quilts die ze aan hun venster hingen, als wegwijzer van de ‘underground railroad’, een geheime ontsnappingsroute voor slaven mee opgezet door de abolitionisten. En dan was er nog de ‘lawn jockey’ die her en der langs de route in voortuintjes opdook, een zwarte tuinkabouter niet zelden met een lantaarn in de hand. Als die brandde, was de kust veilig.

Jim Crow

Slavernij werd in 1865 afgeschaft nadat de noordelijke staten de burgeroorlog van het zuiden hadden gewonnen. Maar de blanken in de zuidelijke staten kregen die nederlaag maar niet verteerd en bleven bij hun oude geloof dat zwarten minderwaardig waren. De rassenscheiding werd een feit. En zelfs in wetten gegoten, de zogenaamde Jim Crow-wetten. In 1964 -100 jaar na de afschaffing van de slavernij dus- maakte de Civil Rights Act een einde aan alle vormen van segregatie. Op papier althans. Want zoals geweten, woedde in de daaropvolgende jaren de strijd van Dr. Martin Luther King nog verder. Het blanke denken was zo diep geworteld dat geen wet ertegen opgewassen leek.

Hoe pervers dat blanke denken wel was, ontdekken we in Hotel Lorraine zelf. Het historisch pand is omgebouwd tot een state-of-the-art museum rond burgerrechten. Hier wordt het verhaal verteld van de slavernij, van 1619 (de eerste slavenboot die in Virginia aanmeerde) tot nu. Hier werd Dr. King op 4 april 1968 op het balkon van zijn hotelkamer vermoord, vier jaar na die Civil Rights Act dus.

Hotel Lorraine was een van de weinige hotels waar blanken en zwarte welkom waren. “Ik herinner me de dag als gisteren,” mijmert Roy Logan (66). “We hadden drie tv-kanalen -3, 5en 13- en op alle drie werden de uitzendingen onderbroken. Dr. King is neergeschoten, was alles wat we te horen kregen. Pas later hoorden we dat hij aan zijn verwondingen was overleden. Het ging als een schok door de stad.” 50 jaar later vertelt Roy in het museum het verhaal van zijn voorvaders. “Kan je geloven dat ze in 1789 de gedachte “alle mensen zijn gelijk” in de grondwet beitelden terwijl er al een half miljoen slaven in het land waren? Dat er 18 presidenten lang slavernij heeft bestaan? Dat zwarte Amerikanen tijdens de wereldoorlogen in Europa gingen vechten voor andermans vrijheid, om dan naar Amerika terug te keren waar ze geen rechten hadden? Can you believe that?

Eindeloos witte akkers

Vanuit Memphis duiken we de staat Mississippi binnen langs Route 61, de Freedom Road waarlangs je de katoenvelden kon ontvluchten. Noordwaarts reikt de 61 helemaal tot in Chicago, 1400 kilometer verderop. De weg slingert zich langs de mythische rivier. Je rijdt er langs eindeloze akkers die in het plukseizoen helemaal wit kleuren… Hier loop je herdenkingsplaten van de blues-trail tegen het lijf. Meer dan 200 zijn er, die het verhaal van de Mississippi-blues vertellen. Met de app (http://www.msbluestrail.org) kan je audio-fragmenten beluisteren, geen wifi of 4G nodig.

Standbeeld voor zangeres Fannie Lou Hammer.

Door de komst van de innerstate 55 is de route 61 veel van zijn glorie verloren. De weg doorkruist spookstadjes die een rijke geschiedenis kennen. Zoals Mound Bayou die door slaven werd gesticht en Ruleville waar een standbeeld herinnert aan de strijd die Fanny Lou Hamer voerde voor gelijke rechten: I’m sick and tired of being sick and tired liet ze optekenen. In de buurt ligt ook Dockery Plantation waarover BB King ooit zei dat de blues er geboren werd en waar de legendarische bluesgitarist Charley Patton er de pannen van de dak speelde.

We trekken naar Jackson langs Cleveland waar het fabuleuze Grammy Museum gelegen is. Daar lopen we een rijzende ster tegen het lijf. “Het is schokkend om te zien hoe de rassenscheiding nog steeds sterk aanwezig is in Mississippi ,” meent Terence Thomas (22). De twintiger verliet zijn thuisstaat richting L.A. om er een carrière uit te bouwen. Nu bestormt hij er YouTube en de hitlijsten met zijn boysband Next Town Down. “Mississippi is niet de wereld. In L.A. ontdekte ik dat mensen samen kunnen leven, ongeacht hun huidskleur, geslacht of geaardheid. Ik hoop echt dat er een tijd komt dat Mississippi dit tijdperk kan afsluiten, zich herpakken en verder gaan.”

Ietwat verderop route 61 ligt Jackson, de hoofdstad van Mississippi. In december van vorig jaar was er nog heel wat ophef toen president Trump de opening van The Mississippi Civil Rights Museum bijwoonde. Velen vonden het ongepast dat de president dit grote moment voor de zwarte bevolking opeiste. Anderen vonden het dan weer heel belangrijk dat het gloednieuwe museum van 90 miljoen dollar presidentiële aandacht kreeg. Meteen wist de hele wereld dat Jackson een state of the art pareltje herbergt.

“Het geklingel van mijn armbanden herinnert me aan de ketens van onze voorouders.”

In acht interactieve ruimtes krijg je het verhaal van de zwarte Mississipians verteld. Van de strijd om vrijheid tot de drieste verhalen van de vele lynchpartijen van onder meer de Ku Klux Klan tegen zwarten. Centraal tussen deze ruimten bevindt zich een spiraalvormig kunstwerk. Hoe meer mensen samen komen en samen zingen, hoe meer licht uit de spiraal sprankelt, een adembenemend mooie ervaring. Pamela Junior staat met haar armen gespreid onder de spiraal. Ze schudt met haar armen. “Het geklingel van mijn armbanden herinnert me aan de ketens van onze voorouders.”

Tranen en hoop

Pamela is directeur van het museum dat heel belangrijk is voor de zwarte bevolking van Mississippi. Dat er in hun hoofdstad 90 miljoen dollar geïnvesteerd wordt in hun vrijheidsstrijd steekt hen een hart onder de riem. Want de strijd is nog niet gestreden. Of om het met de woorden van Myrlie Evers te zeggen: “We lijden nog steeds aan dezelfde pijnen van vroeger. Ik heb de tranen gevoeld, maar ook de hoop. Maar laat de wereld weten dat Mississippi nu twee musea heeft, die verbonden zijn door hoop, liefde en gerechtigheid (het civil rights museum ligt naast het historisch museum van Mississippi, mlt).”

Het huis waar burgerrechtenactivist Medgar Wiley Evers werd doorgeschoten.

Myrlie Evers is de weduwe van burgerrechtenactivist Medgar Wiley Evers. De man werd in 1963 op zijn oprit doodgeschoten door de extreem-rechtse Byron De La Beckwith. De man werd pas 31 jaar later veroordeeld. Eerdere processen draaiden op een sisser uit, tot twee keer toe konden (blanke) jury’s niet tot een verdict komen. In Jackson is het huis van Evers een stopplaats van de Treedom Trail. De kogel die Evers dodelijk trof, doorboorde zijn lichaam, zijn huis en eindigde in de kast in de keuken. De kogelgaten herinneren aan die avond.

Racistische vlag

Mississippi heeft nog een lange weg af te leggen. Het is bijvoorbeeld de enige staat van Amerika die nog de oorlogsvlag van de Geconfedereerde Staten -het blauwe kruis met witte sterren op een rode achtergrond- op zijn vlag heeft prijken. De vlag staat voor slavernij en de onderdrukking van de Afro-Amerikanen. Dat dit symbool anno 2018 nog steeds op een officiële vlag prijkt, tart alle verbeelding.“We voeren nog altijd de strijd van dr. King,” meent dr. Edelia Carthan die al jaren campagne voert om het symbool van haat en racisme uit de vlag van Mississippi te laten verwijderen. “Dr. King zou op vandaag aan onze zijde staan tegen het onrecht dat nog steeds leeft. Mensen worden nog steeds beoordeeld op hun huidskleur. Hier en nu, zelfs vijftig jaar na het overlijden van dr. King.”

De 60-jarige Ekpe Abioto ziet de toekomst somber in.

“Het is erger dan vijftig jaar geleden,” hoorden we enkele dagen eerder ook al in Memphis. Het zijn harde woorden. Al zeker als die uit de mond van de 60-jarige Ekpe Abioto. Ekpe is een telg van de Lee-familie die in de jaren ’60 in Memphis tot 17 keer gearresteerd werd voor het overtreden van de segregratiewetten. In 1965 kregen zeven Lee-zussen zelfs de titel van ‘meest gearresteerde familie in Amerika’. Hun misdrijf? Een bibliotheek bezoeken bijvoorbeeld, die echter alleen toegankelijk was voor blanken. “Heel wat zaken waar Dr. King voor vocht zijn er erger aan toe dan in de jaren ’60,” ziet Ekpe het somber in. “Denk maar aan de strijd voor de armen, rechten van de werkmens, een degelijke opvoeding en de criminalisering van mensen met een Afrikaanse afkomst.

#MLK50

In datzelfde Memphis willen ze de herdenking van de moord op Dr. King aangrijpen om op de toekomst te focussen. #MLK50 wil meer zijn dan een herdenking: ‘Where do we go from here’. “Stand up, speak out and vote,” meent Faith Lawrence van MLK50. “Laten we daarmee beginnen.”

Vijftig jaar geleden werd dr. Martin Luther King doodgeschoten op een balkon. Maar zijn strijd leeft voort. #MLK50 wil de Afro-Amerikanen een toekomst bieden waarbij huidskleur niet langer een onderwerp van discussie mag zijn. Een droom die hier al vijftig jaar lang gedroomd wordt.

Toeristische info:

www.deep-south-usa.com

www.memphistravel.com

visitmississippi.org

(Tekst: Lieven Mathys)