Groen-fractieleider Björn Rzoska pleit voor meer fatsoen in de politiek: “Stop misbruik oorlogsverleden”

2448

Hij had zijn vrouw beloofd nooit in de politiek te stappen. Maar zie: vandaag is Björn Rzoska fractieleider van Groen in het Vlaams parlement. De bijna 43-jarige Oost-Vlaming is een atypische politicus. Een pluim voor een minister? Zonder schroom. Hij doet ook een emotionele oproep: laat ons ophouden het oorlogsverleden te misbruiken in politieke debatten, de zogenaamde reductio ad hitlerum. Rzoska stamt af van een bevrijder én een collaborateur.

Björn Rzoska over de begroting: “Moest dit allemaal onder Di Rupo gebeuren, de N-VA schreeuwde moord en brand. Zij hebben veel te hoog ingezet in hun campagne en gaan nu flagrant onderuit.” (foto Bob Reijnders)
Björn Rzoska over de begroting: “Moest dit allemaal onder Di Rupo gebeuren, de N-VA schreeuwde moord en brand. Zij hebben veel te hoog ingezet in hun campagne en gaan nu flagrant onderuit.” (foto Bob Reijnders)

Dagelijks fietst Björn Rzoska van Lokeren, waar hij woont, naar Brussel en terug. Met een zogenaamde speed pedelec, een elektrische fiets die tot 45 km/u kan. Een fiets die in ons land niet ingeburgerd is. Drie maanden doet hij dat al. In kader van een experiment van de KU Leuven. Of hij de man is die Vlaanderen op de fiets wil krijgen? “Als dat het gevolg kan zijn, graag”, lacht hij. “Ik ben een fervent fietser, ja. Let op: ik wil geen goeroe zijn. Maar er is werk aan de winkel: driekwart van de Vlamingen neemt de wagen voor verplaatsingen korter dan 5 kilometer. Dat klopt niet.”

U zit bijna halfweg het experiment. Blijft u het daarna doen?

(blaast) Je hebt voor- en nadelen. Het is plezant, en het geeft je vrijheid. Dit lijkt mij het ideale alternatief voor mensen die op 25 kilometer van hun werk wonen. Maar dat is mijn nadeel: ik woon op 53 kilometer. Elke dag zit ik vier uur op de fiets, terwijl ik voordien met de trein kwam en kon werken.

Wij zijn wereldkampioen filerijden. Hoe verklaart u dat?

Dat heeft meerdere oorzaken. Ik denk dat fiscaliteit de belangrijkste is. We blijven zo vriendelijk voor salariswagens. Allé, waarom durven we die niet aanpakken? Oké, mensen die echt een wagen nodig hebben voor het werk, zal ik die niet afpakken. Maar ik vind een loonsverhoging beter dan gesubsidieerd in de file gaan staan.

Is de belangrijkste reden niet dat wij grote luieriken zijn?

(lacht) Een mentaliteitswijziging zal ook wel nodig zijn. Maar je moet ook naar de fietsinfrastructuur kijken. In Brussel is die erbarmelijk. Het is ongelooflijk dat er nog zoveel mensen fietsen in de hoofdstad. Ik fiets soms naar Nederland. Wel, ik voel het letterlijk met mijn ogen dicht als ik de grens oversteek. Fietspaden zijn biljartlakens daar.

N-VA heeft te hoog ingezet en gaat nu flagrant onderuit

Op 1 april wordt rekeningrijden ingevoerd voor vrachtwagens. Is dat een oplossing?

Voor een deel wel. Maar ik wil twee kanttekeningen maken. Ik vind het jammer dat het bedrag niet afhankelijk wordt van tijd en plaats. Iemand die de spits vermijdt, zou minder moeten betalen. En twee: dat zou ook voor personenwagens moeten ingevoerd worden. Ter vervanging van de verkeersbelasting. Je moet niet het bezit, maar het gebruik van een wagen belasten.

Met Ben Weyts (N-VA) is wel de meest groene minister van de regering verantwoordelijk voor Mobiliteit. Dat moet u tevreden stemmen?

(verbaasd) Vindt u dat? Ik twijfel daaraan. Ik vind het merkwaardig dat hij zich wegstopt achter Wallonië om geen kilometerheffing voor personenwagens in te voeren.

Dat dat debat geopend is, is wel zijn verdienste.

Ik erken dat hij een belangrijke stap gezet heeft. Maar het mag hierbij niet blijven.

Ook Dierenwelzijn zet hij op de kaart.

Dat klopt. En dat heeft me verwonderd. Ik geef dat ook toe. Het is niet omdat ik in de oppositie zit, dat ik alles afbreek. Dat is niet mijn stijl. Ik vind het bijvoorbeeld ook goed hoe minister Crevits (CD&V) vluchtelingen integreert in het onderwijs.

U hebt de les van N-VA geleerd?

Zijnde?

Dat een oppositiepartij best niet doet alsof het allemaal zo simpel is. Nu N-VA federaal zelf aan de begrotingsknoppen zit, doet ze het niet beter dan Di Rupo.

Moest dit allemaal onder Di Rupo gebeuren, de N-VA schreeuwde moord en brand. Zij hebben veel te hoog ingezet in hun campagne en gaan nu flagrant onderuit. Ik vind het trouwens onwaarschijnlijk dat een minister van Financiën adviezen van zijn administratie in de wind slaat en maar blijft zijn inkomsten te hoog inschatten. Ik kan nu ook zeggen: show me the money. Let op: de Vlaamse regering doet dat ook met de schenkingsrechten.

Natuurlijk heeft Jan Jambon gelijk dat collaborateurs hun redenen hadden

Maakt Groen diezelfde fout niet als ze roept dat de rijken de crisis wel gaan betalen?

De partij die dat roept, zit niet in dit parlement, maar aan de overkant (doelt op PVDA, red). Mij zal je dat niet horen zeggen. Weet je, het was minister-president Geert Bourgeois (N-VA) die mij in het begin verweet geen alternatief te hebben. Ik wist toen: hij heeft een punt. Als ik nu kritiek heb op de meerderheid, zorg ik ervoor een alternatief klaar te hebben dat de toets met de realiteit doorstaat. Elk van onze voorstellen wordt voorgelegd aan experten binnen én buiten de partij. Dat is het verschil met N-VA. Zij lieten uitschijnen een plan te hebben, maar nu blijkt dat ze de mensen aan het lijntje hielden.

Wat is uw alternatief voor de Turteltaks?

Eerst de bedrijven met grote zonnepanelenparken aanspreken. Oké, uiteindelijk zal iedereen een deeltje moeten bijdragen. Maar je kan dit niet eenzijdig verhalen op gezinnen en kleine bedrijven, zoals Turtelboom doet. Dat stoort mij.

Hoe verhoudt deze Vlaamse regering zich tot de vorige?

Qua beleid zie ik vooral continuïteit. Het grote verschil zit in de rol die de minister-president speelt. Kris Peeters zou niet toelaten dat coalitiepartners zo op elkaar schieten. Bourgeois blijft te vaak afwezig. Kijk naar het vluchtelingendebat. Of de Turteltaks.

Het verleden van uw familie is zacht gezegd merkwaardig. Uw grootvader langs moederskant collaboreerde, uw grootvader langs vaderskant, een Pool, bevrijdde mee ons land. Wat heeft dat met u gedaan?

Lange tijd niet veel. Daar werd zelden over gesproken. Of in bedekte termen. Ik ben zelf in dat potje beginnen roeren. Ik studeerde Geschiedenis en deed onderzoek naar de kampen in Lokeren waar ze na de oorlog de collaborateurs opsloten, waaronder mijn grootvader. Bruno De Wever, toen mijn professor en nu een vriend, begeleidde mijn onderzoek.

Hebt u uw collaborerende grootvader ooit begrepen?

Ik heb het geprobeerd, maar dat lukte niet. (stil) Ik heb lange gesprekken met hem gevoerd. Hij had al drie kinderen toen hij bij de Waffen-SS aansloot om naar het Oostfront te trekken. Ik ben zelf vader van twee: ik zou mijn gezin nooit in de steek laten. Mijn grootmoeder heeft veel moeten opofferen. Het geloof was zijn grootste drijfveer. Hij liet zich overhalen door de pastoors: die zeiden dat je moest vechten tegen die goddeloze bolsjewieken.

Geloofde hij ook in de idealen van nazi-Duitsland?

Deels wel, ja. Dat was voor mij als historicus in spe emotioneel moeilijk te behappen. Er zijn gesprekken geweest die ik heb stopgezet. Ik kon niet meer. Toegeven dat hij fout was, deed hij niet. Maar Jaap Kruithof (Belgisch filosoof, red) heeft mij geleerd dat dat normaal is. Wat mij frappeerde, is dat mijn twee grootvaders wel door één deur konden. Min of meer toch.

Heeft Jan Jambon (N-VA) gelijk als hij zegt dat collaborateurs hun redenen hadden?

Natuurlijk. Anders doe je dat niet.

Hij kreeg bakken kritiek, vooral van de PS.

(zucht) Die misplaatste vergelijkingen met de jaren dertig, met het nazisme, met het gemarcheer van toen, die slaan op niets. En ik kan het weten, ik ken de twee kanten. Maar het is niet alleen de PS die dat doet. Weet je, we zouden eens over de partijgrenzen heen een duidelijke afspraak moeten maken dat we stoppen dat oorlogsverleden te misbruiken in politieke debatten. Dat is politiek fatsoen. Ik heb eens een aanzet gegeven, maar dat is niet gelukt. Niet iedereen wil dat blijkbaar. Spijtig.

U hebt uw vrouw ooit beloofd nooit in de politiek te stappen. En zie nu: de argumenten pro moeten wel heel zwaar gewogen hebben.

(lacht) Het beestje in mij was niet meer te stoppen. In 2009 wou Wouter Van Besien (toenmalig voorzitter, red) mij als ondervoorzitter. Ik werkte in de erfgoedsector, maar was al gemeenteraadslid. Ik wist dat bij een ja de trein vertrokken zou zijn. Een weekend lang heb ik erover gediscussieerd met mijn vrouw. Maar ik wou het echt.

U hebt voordien nog voor de CVP gewerkt.

Op het kabinet van minister Wivina Demeester, eind jaren negentig. Maar ik wou geen lidkaart: ik was geen CVP’er. Wivina vond dat geen probleem: “Ik zoek een historicus, geen partijslaaf”, zei ze. Ik heb dat graag gedaan. Ik heb veel respect voor haar. Ik kan wel gerust toegeven dat ik nog sp.a gestemd heb. Het is uiteindelijk Groen geworden om de combinatie van het sociale en het ecologische. Dat laatste miste ik bij de socialisten.