De landbouwsector staat voor spannende maanden. De lokale en nationale verkiezingen komen eraan, het nieuwe Europese landbouwbeleid wordt uitgetekend, de budgetten worden vastgelegd. Op deze Dag van de Landbouw blikken wij vooruit met Boerenbond-voorzitter Sonja De Becker.

Ons land staat aan de vooravond van een lang verkiezingsjaar. U kijkt wellicht vooral uit naar de Vlaamse verkiezingen?

Neen, toch niet. Wij kijken eerst uit naar de lokale verkiezingen, voor de gemeente- en provinciebesturen. Die twee niveaus zijn zéér belangrijk voor de land- en tuinbouwsector. Zij zijn niet de makers van de wetgeving, maar zij zijn wel bevoegd voor de inrichting van de ruimte. De provincies zijn ook bevoegd voor waterbeheer, erosie en vergunningen.

Weinig mensen liggen wakker van de provincieraad.

Dat is jammer. Wij wijzen onze leden op het belang daarvan. Een partij als N-VA bijvoorbeeld wil het provinciale niveau afschaffen. Wij betreuren dat. Een provinciebestuur staat dicht bij het terrein, bij de mensen. Een niveau tussen Vlaanderen en de gemeenten blijft nodig. Als men de provincies afschaft, zal er binnen enkele jaren een nieuw tussenniveau gecreëerd worden. Dat kan ik u voorspellen.

Is een fusie van gemeenten geen beter alternatief?

Wij zijn tegen gedwongen fusies. Gemeenten moeten geloven in de meerwaarde daarvan. Anders is een fusie geen goede zaak.

Over naar Vlaanderen. Was Joke Schauvliege (CD&V) een goede minister van Landbouw?

We zitten nu op vier vijfde van de legislatuur. Ik reken er allereerst op dat de regering nog beleid zal voeren. Ik zie nog veel dossiers op de plank liggen. Het nieuwe mestactieplan bijvoorbeeld: dat moet nog goedgekeurd worden. Ook de erkenning van de droogte, een politieke beslissing, moet nog gebeuren. Ik hoop ook dat deze regering ons meersporenbeleid nog mee op de rails wil zetten (zie helemaal onderaan).

Wij sturen geen eisenbundel en geen vragenlijst naar Vlaams Belang en PVDA. Hun waarden druisen in tegen onze waarden.

Kan u toch al eens een balans opmaken?

Wij waren positief gestemd over het regeerakkoord en stellen vandaag vast dat dat correct uitgevoerd is. Het landbouwbeleid wordt natuurlijk in Europa uitgestippeld. Vlaanderen voert uit. Maar de manier waarop Vlaanderen dat doet, stemt ons tevreden. In Wallonië bijvoorbeeld wordt de Europese steun aan de boeren al eens te laat betaald. In Vlaanderen gebeurt dat altijd op tijd.

Natuurorganisaties vinden dat Schauvliege te veel de kaart van de landbouw trekt, en te weinig de kaart van de natuur, haar andere bevoegdheid.

Ik ervaar dat niet zo. Ik merk dat zij luistert naar álle partijen, en uiteindelijk tot een compromis probeert te komen. Wij zijn het ook niet altijd eens met haar.

Wat is het grootste pijnpunt?

De Vlaamse regering wil soms aan gold plating doen. Dat betekent dat men beter wil doen dan wat Europa oplegt. Voor de landbouwsector is dat nefast. Wij moeten namelijk opereren in een Europese markt. Je ziet dat bijvoorbeeld op vlak van milieu. Als wij aan scherpere doelstellingen moeten voldoen dan onze concurrenten in buurlanden, dan speelt dat in ons nadeel. Wij pleiten ervoor om niet verder te gaan dan wat Europa oplegt.

Twee jaar geleden zei u in deze krant dat de prijsvorming het grootste pijnpunt voor de landbouw is. Is dat iets voor de Vlaamse regering?

De overheid bepaalt de prijs niet. Dat doet de markt. Helaas zien we dat de markt niet in staat is om de boer een faire prijs te garanderen. Europa zou corrigerend moeten optreden, maar doet dat veel te weinig. Dat is de uitdaging voor de toekomst. De Europese Unie werkt nu aan een nieuw landbouwkader voor de periode 2021-2027. Als dat kader klaar is, moeten de lidstaten strategische plannen opmaken. Dat is nieuw. Vanaf de volgende legislatuur krijgen de lidstaten meer vrijheid om binnen dat brede kader beleid uit te werken. De volgende Vlaamse regering zal dus meer mogelijkheden hebben om eigen accenten te leggen.

Tegelijk met dat kader wordt ook het budget voor die periode opgemaakt. De Europese Commissie wil voor Landbouw 365 miljard euro voorzien. Dat is een daling van 5 procent. Wat zou dat betekenen voor onze boeren?

Ik ga zelfs meer zeggen: dat gaat in reële termen over een daling van 20 procent. Je moet ook de koopkrachtverliezen in rekening brengen. Wat dat betekent? De boeren zullen dat voelen in hun portemonnee. U moet weten dat alle landbouwmiddelen op Europees niveau zitten. Vlaanderen of België zal dat niet compenseren. We hadden een daling zien aankomen, maar zo drastisch? Nee, dat niet.

Hebt u geen sterke lobby in Europa?

Toch wel. Daarom wil ik nu niet pessimistisch klinken. We gaan ons gewicht in de schaal leggen. Dit voorstel moet nog voorbij het Europees parlement en de lidstaten.

U hebt al met premier Michel (MR) gesproken. Wat zei hij?

Hij heeft vooral goed geluisterd. We hebben hem duidelijk gemaakt dat het landbouwbudget in reële termen minstens op hetzelfde niveau moet blijven. Ik heb ook de indruk dat hij een heel eind meegaat in onze redenering. Europa verwacht steeds meer van de landbouw, maar stelt daar steeds minder middelen tegenover. Dat kan niet.

We hadden een daling van het budget zien aankomen, maar zo drastisch? Nee, dat niet. De boeren zullen dat voelen.

Europa wil meer investeren in veiligheid en migratie, en dus moet landbouw inboeten. Is dat niet de analyse?

Misschien. Maar ik vind dat fout. De lidstaten verwachten terecht dat Europa meer doet op die domeinen. Maar dan moeten zij ook bereid zijn om meer centen over te hevelen naar Europa. Helaas, dat willen ze dan weer niet. Dat is weinig consequent. Landbouw betaalt trouwens ook de rekening van de Brexit. Ook dat is onaanvaardbaar.

Een verhoging van de voedselprijzen, is dat de reddingsboei voor onze landbouw?

Ons voedsel is te goedkoop: dat is zeker zo. Maar als de prijs omhoog gaat, dan moet die meerprijs wel naar de boeren vloeien. Pas dan kan dat een reddingsboei zijn. Maar hoe dat in de praktijk moet uitgevoerd worden, is het grote vraagstuk vandaag. Onze boeren hebben weinig macht. Als ze morgen niet meer leveren aan de handel, dan zullen de rekken heus niet leeg zijn. We werken in een wereldmarkt. Dat is onze grote frustratie. Elke schakel in de keten én ook de overheid moeten hun verantwoordelijkheid opnemen: dat is de enige oplossing.

Even terug naar de verkiezingen. Gaat u uw leden stemadvies geven?

Neen. Wij gaan wel alle democratische partijen bevragen, en hun antwoorden publiceren in ons ledenblad. Dan kunnen onze leden zelf een idee vormen.

Wat bedoelt u met democratische partijen?

Wij sturen geen eisenbundel en geen vragenlijst naar Vlaams Belang en PVDA. Dat is onze beleidslijn. Hun waarden druisen in tegen onze waarden.

Info: www.dagvandelandbouw.be

Zo wil de Boerenbond de droogte aanpakken

De boeren kreunden de voorbije zomer onder een uitzonderlijke droogte. Klimaatexperts menen dat dat geen eenmalig fenomeen zal blijken. De Boerenbond heeft nu een vijfsporenplan klaar om een nieuwe droogte op te vangen. Ze rekent daarvoor op de steun van alle overheden.

1. Meer investeren in wateropvang- en buffering. De Boerenbond wil dat in tijden van regenval meer water opgeslagen wordt dat vervolgens gebruikt kan worden in tijden van droogte. Dat moet zowel op bedrijfsniveau als collectief gebeuren. Ook samenwerking tussen sectoren moet gestimuleerd worden. Ze vraagt van de overheid soepeler vergunningsprocedures.

2. Inzetten op efficiënt watergebruik. Een wateraudit kan aantonen wat efficiënter kan in een bedrijf.

3. Meer investeren in onderzoek naar watergebruik en klimaatbestendige gewassen. De Boerenbond zal hierin investeren, maar rekent ook op de onderzoeksinstellingen.

4. Overleg met afnemers en retail. In leveringscontracten staat vandaag dat weersomstandigheden geen geval van overmacht zijn. Dat moet veranderen. De Boerenbond wil ook minder visuele vereisten voor ons voedsel. Kleinere aardappelen en peren zijn niet minder lekker.

5. Instrumenten voor risicobeheersing uitwerken. Dat gaat bijvoorbeeld over een weersverzekering. De Boerenbond rekent op de Vlaamse overheid voor een financiële tussenkomst zodat de premie betaalbaar is. Dit mag niet in de plaats komen van het rampenfonds.