TORHOUT De lokale besturen staan voor zware uitdagingen. Vooral de tikkende pensioenbom moet zorgen baren. Dat stelt Herwig Reynaert, professor Politieke Wetenschappen aan de Universiteit Gent. Hij betreurt dat deze bom weinig of niet aan bod kwam in de campagne. Reynaert stelt ook andere uitdagingen op scherp.

“De lokale verkiezingen zijn de hoogmis van de democratie. Helaas was de campagne geen voorbode daarvan.” Herwig Reynaert blikt met gemengde gevoelens terug op de voorbije maanden. “Ik vond het inhoudelijke debat pas laat op gang komen. Voor een stuk speelt de datum een rol. In juli en augustus worden weinig debatten gevoerd. Maar ik heb weinig verrassende dingen gezien. Zouden veel mensen weten wat de inzet was voor de partijen? Ik denk het niet. Anderzijds is dat niet nieuw. Je ziet op lokaal niveau zelden grote ideologische debatten. Kiezers stemmen veeleer op mensen, en niet op partijen. Dat blijkt ook uit onderzoek.”

Sommige analisten menen dat nationale thema’s zoals migratie deze lokale verkiezingen gekaapt hebben. Volgt u dat?
Neen. N-VA heeft dat even geprobeerd, maar stapte al snel af van die strategie. Dat kan als een boemerang terugkeren. Ik durf zelfs stellen dat deze lokale verkiezingen minder nationaal waren dan die van 2012. De campagne van N-VA en Bart De Wever was duidelijk toen: de lokale verkiezingen waren hét moment voor de kiezer om zich een eerste keer uit te spreken over de regering-Di Rupo. Dat had niets met lokale politiek te maken. Vandaag is dat niet gebeurd.

Veel partijen spraken veto’s uit. Dreigt vanavond onbestuurbaarheid in tal van steden?
Dat is goed mogelijk. Dat men extreemlinks en extreemrechts uitsluit, is niet nieuw. Maar in Antwerpen bijvoorbeeld sluit Groen ook N-VA uit. En ik zie in andere centrumsteden gelijkaardige veto’s. Ik vind dat geen goede zaak. Partijen wachten beter tot de kiezer de kaarten geschud heeft. Als men zich houdt aan die veto’s, dreigt onbestuurbaarheid. Als men zich niet daaraan houdt, verliest men geloofwaardigheid.

In De Standaard verscheen onlangs dat de gemiddelde investeringsmarge volgend jaar amper 46 euro per inwoner zal zijn. Staan de nieuwe lokale besturen voor zware tijden?
Dat is zeker zo. Ik betreur dat dit aspect zo weinig aan bod is gekomen tijdens de campagne. Men heeft de kiezer de hemel op aarde beloofd, maar dat zal niet gebeuren. Minder investeringsmarge heeft grote impact, bijvoorbeeld op het lokale bedrijfsleven. Vergeet niet dat het lokale bestuur een belangrijke opdrachtgever is. De volgende legislatuur zal élk lokaal bestuur duidelijke keuzes moeten maken.

“Een politicus die eerlijk is, zou niet scoren. Het kiezerspubliek is niet rijp voor  die boodschap”

Wie wil investeren, zal de belastingen moeten optrekken.
Zoiets. Of wie dat niet doet, zal niet kunnen investeren. Dat is ook een optie.

Waarom zeggen de partijen dat niet? Vraagt de burger niet om eerlijke politiek?
In een ideale wereld is dat zo, ja. Maar uit onderzoek blijkt dat het kiezerspubliek niet rijp is voor die boodschap. Een politicus die dat zou zeggen, zou niet scoren. Ik betreur dat ook.

Vanwaar komen die financiële problemen?
Een grote hap van het lokale budget gaat naar personeelskosten, leningen en de algemene werking. Vandaag komen daar de pensioenlasten van de vele ambtenaren bij. Dat gaat over veel mensen die op korte termijn met pensioen gaan. Dat is een tikkende tijdbom. De VVSG (Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten, red.) vraagt al lang om steun van de hogere overheden. Anders verdwijnt elke investeringsmarge en dat zal, zoals gezegd, grote impact hebben. Voorlopig zie je echter weinig beweging bij de hogere overheden. De Vlaamse regering heeft wel beslist om het gemeentefonds jaarlijks met 3,5 procent op te trekken, maar dat zal onvoldoende zijn om die pensioenbom aan te kunnen.

Het OCMW wordt vanaf 1 januari geïntegreerd in de gemeente. Is dat een besparingsoperatie?
Dat is initieel niet de bedoeling. Omdat de OCMW-raad verdwijnt, verdwijnen wel 950 mandatarissen. Maar dat zal geen groot financieel verschil maken. Die integratie gaat vooral over het beleid. Sociaal beleid wordt een domein zoals de andere beleidsdomeinen. De gemeenteraad zal dat behandelen. We zullen binnen een drietal jaar kunnen evalueren of dat ook leidt tot méér en beter sociaal beleid. Het is voorbarig om daar nu al uitspraken over te doen.

Groen en N-VA hameren op een verplichte fusieronde. Is dat een oplossing?
Sommige gemeenten zijn inderdaad te klein. Wie minder dan tienduizend inwoners telt, zou minstens moeten nadenken over een fusie. Maar een fusie zal niet de zaligmakende oplossing zijn. We zien dat in Nederland. Daar blijkt uit onderzoek dat de fusiegolf niet automatisch geleid heeft tot efficiënter en goedkoper bestuur. Wat wel blijkt, is dat de afstand tussen de burger en de politiek groter wordt. Een fusie kan dus ook een gevaar inhouden. Ik ben héél benieuwd naar wat het Vlaams regeerakkoord van 2019 daarover zal zeggen.

“Ik pleit ervoor om in de grote steden gemeenteraadsleden een halftijds loon te geven”

U schreef in een opiniestuk in Knack dat ook het opwaarderen van de gemeenteraad een noodzaak is. Hoe wil u dat doen?
Gemeenteraadsleden hebben weinig te zeggen. Een eerste goede maatregel werd de voorbije legislatuur al genomen. De burgemeester is niet langer automatisch de voorzitter van de gemeenteraad. Maar dat is niet voldoende om het niveau op te krikken. Ik vind dat er een politiek én maatschappelijk debat moet gevoerd worden over een écht statuut voor gemeenteraadsleden.

Meer geld?
Dat is een belangrijk aspect. Vandaag verdienen gemeenteraadsleden 200 euro per maand. Dat is zakgeld. Wil je ernstige lokale mandatarissen, dan moet je die ernstig betalen. Ik pleit ervoor om in de grote steden gemeenteraadsleden een halftijds loon te geven. Dat creëert ruimte om dossiers beter in te studeren, wat de kenniskloof met het schepencollege zal verkleinen. Ik zou dat zelfs koppelen aan een inperking van het aantal raadsleden. Maar geld is niet het enige. Raadsleden moeten ook beter ondersteund worden. In Nederland heeft elke gemeente een raadsgriffier daarvoor. Je zou dat ook hier kunnen invoeren. Een derde punt is de partijtucht. De particratie werkt verlammend. Probeer maar eens om als raadslid tegen de eigen meerderheid in te gaan.

In onze parlementen gebeurt dat ook niet. Kan je dat dan verwachten van gemeenteraadsleden?
Dat klopt. Je zou naar een totale cultuuromslag moeten gaan. Ik ben bijvoorbeeld voorstander van wisselmeerderheden. Helaas blijkt dat zó moeilijk in ons land. De media spelen daar ook een rol in. Als dan eens een wisselmeerderheid ontstaat, schrijven journalisten dat het hommeles is in de meerderheid. Dat hoeft nochtans niet zo te zijn. Wisselmeerderheden kunnen een democratie versterken.

Over die democratie gesproken. Uit onderzoek blijkt dat in zeven op de tien gemeenten een voorakkoord klaar ligt. Moeten we nog gaan stemmen vandaag?
Absoluut. Dat onderzoek is niet nieuw trouwens. Ik ben in theorie niet tegen voorakkoorden. Het is goed dat politici met elkaar praten. De politicoloog in mij zou ook pleiten om dat te communiceren. Weinigen doen dat, en dan komen we terug op die eerlijkheid van daarnet. Wie luidop communiceert over een voorakkoord, verzwakt zijn eigen positie. Ten eerste omdat de mensen dan denken dat hun stem niet meer van belang is. Het tegendeel is waar. Zowat veertig procent van die voorakkoorden belandt in de prullenmand omdat de kiezer anders gestemd heeft. Maar ten tweede ook omdat de andere partijen dan wel eens zouden samenspannen tegen de partijen van het voorakkoord. Dit is een vicieuze cirkel.

“Torhout wordt belangrijke test voor Hilde Crevits”

Wat doet een professor Lokale Politiek op de dag van de lokale verkiezingen?
Gaan stemmen, zoals iedereen. Vanaf 16 uur word ik verwacht op de regionale zender Focus-WTV om commentaar te geven over de verkiezingen in West-Vlaanderen. Dit is dus ook een hoogdag voor mij, met dat verschil dat ik niet stijf van de zenuwen hoef rond te lopen, zoals de politici. (lacht)

U woont in Torhout, waar Vlaams minister Hilde Crevits (CD&V) een volstrekte meerderheid heeft. Is het spannend daar?
Toch wel. De vraag is of CD&V die meerderheid kan behouden. Dit wordt een belangrijke test voor Crevits. Als het haar niet lukt in Torhout, zullen sommigen daar conclusies aan verbinden voor de verkiezingen van volgend jaar. Maar ik verwacht niet dat zij minder goed zal scoren, integendeel. Een kleine stad als Torhout is fier dat ze een minister kan leveren.

Zij neemt haar burgemeestersmandaat niet op. Steekt dat niet?
Neen, want zij is heel duidelijk daarover. De kiezer weet dat Crevits minstens tot de verkiezingen van 2019 minister blijft.