Jacques Sys, de hoofdredacteur van Sport/Voetbalmagazine, geeft elke week zijn eigenzinnige kijk op de voetbalactualiteit.

Het is de omgekeerde wereld: KV Oostende reist volgende week zondag als leider naar Club Brugge. Terwijl ze bij blauw-zwart tijdens deze competitieonderbreking zoeken naar een remedie om (onder meer) de mentale veerkracht weer in de ploeg te krijgen, zweven ze in de badstad op een wolk van euforie. Het succes is duidelijk goed voor het zelfbeeld van de inwoners.

De extraverte voorzitter Marc Coucke is het symbool van de opmars van KVO. Je kan je ergeren aan de opgefokte sfeer die er na iedere thuiswedstrijd heerst, in het voetbal mag het niet verboden zijn om te lachen en plezier te maken. Er is al voldoende zakelijkheid en zuurheid. Waarom zouden ze in Oostende niet mogen genieten?

Het voetbal dat KV Oostende brengt is herkenbaar en verfrissend. Er is een mengeling van techniek en snelheid, van inzet en inventiviteit. De ploeg beheerst de kunst van de razendsnelle omschakeling, gestuurd door een trainer, Yves Vanderhaeghe, die soms tussen en dan weer boven de groep staat, die amicaal overkomt, maar toch het overzicht bewaart. Een zeldzame combinatie.

Op voetbalvlak is Oostende in het verleden altijd een grijze stad geweest. De geografische ligging verhinderde een expansie. Nu zorgt Marc Coucke voor kleur, voor heel veel kleur. Als je een spits als Cyriac meer kan betalen dan Anderlecht, als je een verdediger als David Rozehnal met een duidelijk project kan weghalen uit Rijsel, als je de trainersstaf van KV Kortrijk kan losweken, dan zijn de financiële mogelijkheden groot. Zo is het succes van KV Oostende gebouwd op een artificiële voedingsbodem. Als Coucke zich wegtrekt, dan stort het rijk in. Maar de zakenman straalt zo’n kinderlijke blijheid uit dat dit niet zo snel zal gebeuren. Hij wil straks ook in Brugge gloriëren. En zijn collega-voorzitter Bart Verhaeghe met een forse kater achterlaten.

Of er dan aan een titel zal worden gedacht? In Oostende neemt niemand dat woord in de mond. In de voetsporen treden van AA Gent, dat is te hoog gegrepen. Anderzijds: de balans in de ploeg is perfect. En daarmee kom je in België een heel eind.