Vanavond gaat op Eén Black-out van start, een spannende misdaadreeks over de sabotage van een kerncentrale. Het idee is niet eens zo van de pot gerukt: in 2014 gebeurde het in Doel. “Gesneden koek dus voor een goede scenarist”, weet hoofdrolspeler Geert Van Rampelberg, die zelf een indrukwekkende prestatie neerzet.

Zondagavondfictie op Eén blijft ook in het najaar van 2020 een fenomeen. Undercover maakt vanavond plaats voor Black-out , waarin de sabotage van een kerncentrale samenvalt met de ontvoering van Elke, de dochter van de eerste minister. Duisternis valt over Vlaanderen en de boodschap van de ontvoerders is duidelijk: gaat het licht terug aan, dan zal Elke sterven. Aan Michael Dendoncker, gespeeld door Geert Van Rampelberg, om te achterhalen wie er achter deze black-out zit. “Het blijft wel iets speciaals, die zondagavond op Eén. Ik ben er ook mee opgegroeid en om daar nu zelf te staan, vind ik heel bijzonder. Black-out is een groot verhaal dat na een aflevering of twee pas echt uit de startblokken schiet. Ik kan je verzekeren dat je de reeks gaat willen volgen om te weten wat er allemaal zal gebeuren.”

Black-out lijkt me een intense reeks om in mee te spelen: donker, spannend, heftig. Voel je dat als acteur ook zo aan?

Het was in ieder geval een zeer intense draaiperiode met heel veel nachtelijke werkuren. Dat vele nachtwerk doet iets met je hoofd en lichaam. Bovendien moest er aan een zeer strak tempo doorgewerkt worden. Heel de ploeg heeft keihard gewerkt, 104 draaidagen lang. Zo’n periode hakt er stevig in, maar dat hoort er nu eenmaal bij. Het verhaal raast keihard door en dat voel je als acteur wel. Achteraf moest ik ook even bekomen.

Interessant aan het verhaal is dat de premisse behoorlijk realistisch is.

Klopt. Het idee is ook ontstaan nadat de kerncentrale van Doel in 2014 gesaboteerd werd. Bovendien ligt dat thema van die kerncentrales en de kernuitstap al jarenlang op de politieke tafel. Als een hete aardappel wordt het steeds doorgeschoven naar de volgende regering. In dat opzicht is deze reeks zeer relevant. In Black-out is het land in crisis, ook dat is nu eigenlijk niet anders.

De serie werd al genomineerd voor verschillende Europese prijzen. Hoe belangrijk is die internationale allure voor jou?

Het is representatief voor de wereld waarin we leven: alles wordt internationaler door diensten als Netflix en coproducties tussen landen. Dat we daar als kleine Vlaamse regio zo sterk in meespelen, is zeer goed nieuws. Je merkt dat hier aan scenaristen, jonge cameramensen, geluidstechnici, … dat iedereen mee is. Hier in Vlaanderen worden hele mooie dingen gemaakt met beperkte budgetten. Dat zien ze natuurlijk in het buitenland ook. Sinds ik in 1998 ben afgestudeerd, is het niveau enorm gestegen.

In Vlaanderen worden hele mooie dingen gemaakt met beperkte budgetten.”

De opnames zijn al twee jaar oud. Waar ben jij momenteel mee bezig?

Voor mij zijn er sinds maart twee films en een theaterstuk weggevallen. Plots zat ik dus met een enorme leegte in mijn agenda. Maar nu, heel last-minute, is er een Franse reeks gekomen waar ik een aantal draaidagen voor heb. Dat is heel fijn, hier kan ik weer eens mijn tanden in zetten.

Ook financieel zal dat wel een opsteker zijn na zoveel magere maanden.

Voor mij was dit echt broodnodig. Zeg tegen eender welke mens dat hij of zij de komende zes maanden niet meer gaat werken, dan komt iedereen in de miserie. Zoveel maanden zonder werk, dat is een financiële strop.

Normaal gezien speel jij veel theater. Is er nog hoop in de theaterwereld dat alles weer goed komt?

De situatie is rampzalig. Stel je al die beginnende theateracteurs voor die net zijn afgestudeerd en evenementen als Theater Aan Zee nodig hebben om te tonen dat ze bestaan. Die mensen mogen we nu zeker niet uit het oog verliezen. Zelf begin ik op 7 december weer te repeteren voor een nieuwe theaterproductie. Repeteren kan dus wel, maar we hebben geen enkele zekerheid dat we die voorstelling in maart kunnen spelen. De tekst ligt klaar, de agenda’s zijn vrijgehouden, subsidies zijn aangevraagd, maar je hebt dus geen idee of een zaal wel open mag. Het voelt heel vreemd aan om dat stuk te gaan repeteren. Anderzijds heb ik zin om erin te duiken en elke dag met mensen – vanop een afstandje – samen te werken.

Mis je het applaus?

Ik heb de afgelopen maanden twee keer op de bühne gestaan, telkens voor 50 gemaskerde mensen in een zaal bedoeld voor 200 man. Je denkt dan vooraf dat de ziel er dan uit zou zijn, maar je kunt je niet voorstellen hoe fijn dat was.

Black-out, vanaf vanavond elke zondag om 20.50 uur op Eén.