De analyse van Aimé: “Club Brugge verliest veldslag, maar niet de oorlog”

324

Onze huisanalist Aimé Anthuenis laat zijn licht schijnen over de topper RSCA Anderlecht – Club Brugge van gisteren: “Anderlecht won verdiend, maar Club hoeft zeker niet te panikeren.”

Club's Stefano Denswil and Anderlecht's Steven Defour fight for the ball during the Jupiler Pro League match between RSC Anderlecht and Club Brugge KV, in Anderlecht, Brussels, Sunday 17 April 2016, on day 3 of the Play-off 1 of the Belgian soccer championship. BELGA PHOTO BRUNO FAHY
(foto belga)

Anderlecht – Club Brugge: 1-0

“Anderlecht won thuis gisteren verdiend tegen Club”, steekt Aimée Anthuenis van wal. “Stefano Okaka was voor mij dé uitblinker van de topper. Hij was sterk aan de bal en was ook constant aanspeelbaar. Ook Stéphane Badji, die inviel voor de geblesseerde Najar, heeft mij aangenaam verrast. Hij was een serieuze versterking op defensief vlak. Reken daar de goed functionerende driehoek Dendoncker-Tielemans-Defour bij en je bekomt de basis voor de thuiszege. Bij de Bruggelingen was het uitvallen van Bjorn Engels en Lior Refaelov een serieuze streep door de rekening. Wees er maar zeker van dat Okaka niet de uitblinker zou geweest zijn met Engels in zijn rug. Maar de West-Vlamingen hoeven niet meteen te panikeren. Ze verliezen een veldslag, maar nog niet de oorlog.”

“Je mag niet vergeten dat Club na de volgende speeldag, nu woensdag op het veld van Genk, al zijn derde uitmatch in de benen zal hebben. Dat heeft tot gevolg dat Club Brugge in zijn laatste 6 matchen van de eindronde 4 maal thuis mag aantreden. Aangezien Club thuis altijd erg sterk voor de dag komt, blijft Club voor mij dé topfavoriet in de strijd om te titel.”

Heeft Club Brugge dan toch een Anderlecht-complex? “Nee”, gelooft Aimée. Dat is voer voor statistici, maar statistieken zijn er in mijn ogen alleen maar om gebroken te worden. Anderlecht pakt thuis meestal de volle buit. Het is overdreven om nu te gaan zeggen dat Anderlecht het zwarte beest is voor de West-Vlamingen. In Brugge zelf heeft Anderlecht ook altijd veel moeite om iets te rapen.”