Vers van de pers – oftewel recht uit het tosti-ijzer – rolt Croquestar , het allereerste kookboek van Bazart-frontman Mathieu Terryn, die naast muzikant ook fulltime Bourgondiër is. “ Croquestar is eigenlijk een anti-kookboek dat ontstaan is tijdens de lockdown en de muzikale armoede die ermee gepaard ging.”

Wie Mathieu Terryn al wat langer volgt op sociale media, weet dat hij een guilty pleasure heeft: de croque-monsieur. Tijdens de lockdown postte de populaire zanger geregeld een nieuwe variant van zijn favoriete snack en lanceerde de hashtag #CroqueMeThieu. “Dat is eigenlijk zo uit de hand gelopen dat er nu dus een kookboek is”, lacht Mathieu. “Natuurlijk was het nooit mijn ambitie om een kookboek uit te brengen, maar toen de vraag kwam van een uitgeverij begon ik er toch over na te denken. Ik sprak er met mijn verloofde ( fotografe Marie Wynants, red.) over en plots leek het toch een uitdaging om een soort anti-kookboek te maken dat eruitziet als een magazine met een heel schreeuwerige vormgeving. Hoe meer we het erover hadden, hoe meer ik dacht: laten we het proberen. We kregen carte blanche van de uitgeverij en Croquestar is het resultaat. Ik kan oprecht zeggen dat we iets gecreëerd hebben dat in de Belgische kookboekenmarkt nog niet bestond.”

Zonder corona was er dus geen sprake van dit boek.

Het begon allemaal als bezigheidstherapie tijdens de lockdown. Plots was er tijd om creatief te zijn met croque-monsieurs. En ik merkte al snel dat ik er appreciatie en input voor kreeg via sociale media. Zo is dit boek zeer organisch gegroeid. In mijn carrière is dit een leuke zijweg, maar ik blijf natuurlijk wel in de eerste plaats muzikant. Ik heb tijdens de lockdown ook verder gewerkt aan onze nieuwe plaat die hopelijk in februari uitkomt.

Hoe groot is jouw passie voor gastronomie?

Koken zelf kan ik niet echt een passie noemen, eten wel. Het koken laat ik meestal aan mensen over die daar meer verstand van hebben. Maar ik vind het wel leuk om deel uit te maken van de wereld van de gastronomie. Binnenkort maak ik samen met YouTuber Bockie de Repper een YouTube-reeks waarin we op zoek gaan naar de beste hamburgers in Vlaanderen.

De croque-monsieurs uit je boek zijn nogal speciaal, soms zelfs wat exotisch. Heb je alles zelf geproefd?

Uiteraard! En ik heb alles opgegeten, ik hou namelijk niet van verspilling. Er staan in het boek nogal wat vettige croque-monsieurs. Vandaar de ondertitel van het boek: Pamflet over vettige fret. Ik kan me voorstellen dat het voor mensen die normaal gezien quinoasalade eten iets zwaarder valt. Maar alle croques uit het boek zijn wel lekker. Mijn theorie is: alles wat lekker is naast twee boterhammen is ook lekker tussen twee boterhammen. En zo krijg je nogal exotische croque-monsieurs. Ik heb voor die recepten trouwens wel heel wat hulp gekregen van mijn volgers op Instagram. In totaal heb ik 45 van die kleppers gemaakt.

Mijn theorie is: alles wat lekker is naast twee boterhammen is ook lekker tussen twee boterhammen.

Dus je had wel wat last van coronakilo’s?

Tijdens de lockdown stond ik eigenlijk heel strak omdat ik zwaar trainde voor de Ten Miles, die ik uiteindelijk ook gelopen heb. De coronakilo’s zijn er bij mij pas gekomen toen we weer buiten mochten en de restaurants weer opengingen.

En die zijn ondertussen weer gesloten.

Dat vind ik natuurlijk bijzonder jammer, voor iedereen die in de horeca werkt is dat een enorme aderlating. Net zoals voor de muzieksector zijn het voor de horeca barre tijden.

De muzieksector heeft het inderdaad ook bijzonder zwaar. Hoe kijk jij naar 2021?

Je kunt niet anders dan er moedeloos van worden. We hopen natuurlijk op een echte festivalzomer, maar het ziet er niet veelbelovend uit momenteel. Nog zo’n zomer met corona zou de doodsteek zijn voor de muziekindustrie en de horeca. Dat breekt mijn hart. Ik kan alleen maar hopen op beterschap, zodat we snel terug aan de slag kunnen.

Croquestar (24,99 euro, uitgeverij Borgerhoff & Lamberigts) ligt nu in de boekhandel.

 

 

 

 

 

 

 

 

(foto Marie Wynants)