De schaamte mijlenver voorbij: iedereen moet langer werken maar parlementairen klampen zich vast aan hun (dik betaald) pensioen op 55

1962

“Technisch mank in elkaar gestoken”. En “een goedkope manier om te scoren bij het publiek”. Met deze argumenten werd het voorstel van sp.a afgeschoten dat de pensioenleeftijd voor parlementsleden wou gelijktrekken met de pensioenvoorwaarden van u en ik. Twee derde van de parlementariërs kan hierdoor op zijn 55ste van een (heel mooi) pensioen genieten. In plaats van het goede voorbeeld te geven, doen ze dus net het tegenovergestelde. De schaamte mijlenver voorbij!

De wettelijke pensioenleeftijd in België is vorig jaar verhoogd tot 66 jaar in 2025 en tot 67 in 2030. Maar voor parlementsleden is dat anders. Wie voor 2014 in het parlement belandde, zo’n twee derde van de parlementariërs, hoeft slechts tot zijn 55ste te werken. Wie na 2014 kwam, kan ‘pas’ op zijn 62ste met pensioen.

PVDA-voorzitter Peter Mertens wil de pensioenleeftijd voor parlementsleden optrekken. (foto belga)
PVDA-voorzitter Peter Mertens wil de pensioenleeftijd voor parlementsleden optrekken. (foto belga)

Het voorstel van de sp.a bepaalde dat elke wijziging van het pensioenstelsel bij ambtenaren, zelfstandigen of werknemers, ook automatisch wordt doorgetrokken naar de parlementsleden. Aanleiding was een vraag van PVDA. “Men had beloofd dat men de pensioenleeftijd zou aanpassen, maar dat is niet gebeurd”, zegt PVDA-voorzitter Peter Mertens. Parlementariërs kunnen nog steeds op 55 met pensioen en op 52 met vervroegd pensioen. Ministers krijgen 4.250 euro netto per maand“.

Een gemiddeld werknemerspensioen bedraagt maandelijks zo’n 1.100 euro. Wie meer dan twee legislaturen in het parlement zetelt, het gemiddelde, heeft al gauw meer dan 2.000 euro pensioen. Dat komt bovenop elders opgebouwde pensioenrechten. De meerderheidspartijen beloofden een jaar geleden aan dit stelsel te zullen schaven, maar dat is nog steeds niet gebeurd.

Mertens wijst terecht op de voorbeeldfunctie van de politiek. “Het kan niet zijn dat dezelfde heren en dames die op 55 met pensioen mogen gaan, beslissen dat de rest pas op 67 mag gaan”, stelt hij.

De meerderheidspartijen stemden tegen het voorstel, terwijl de PS, sp.a, Ecolo-Groen en Vlaams Belang voor stemden. CDH, Défi en PP onthielden zich.

N-VA-kamerfractieleider Peter De Roover stemde tegen het voorstel van sp.a en PVDA. (foto belga)
N-VA-kamerfractieleider Peter De Roover stemde tegen het voorstel van sp.a en PVDA. (foto belga)

N-VA-kamerfractieleider Peter De Roover zei achteraf dat zijn fractie heeft tegengestemd omdat het initiatief een ‘goedkope manier was om bij het publiek te scoren’. Volgens de N-VA’er zat het voorstel bovendien ‘technisch mank’ in elkaar. Hij voegde er aan toe dat “in de vorige legislatuur een stap is gezet en het dossier niet gesloten is”.

Laten we het argument van De Roover even vertalen: “Tot 67 jaar werken. Wij ? Whoehaha! Denk je nu echt dat we zo dom zijn om dit onszelf op te leggen? We gaan er alles aan doen om dit op de zéér lange baan te schuiven.”

We zouden met z’n allen de straat moeten opkomen om ons te verzetten tegen zoveel arrogantie. Maar helaas blijft het protest beperkt tot wat gescheld en gevloek op sociale media. De dames en heren politici kunnen zich dus werkelijk alles veroorloven en komen er nog mee weg ook. Arm België!