Pascal Kerkhove, redactiedirecteur De Zondag: “Er is hoge nood aan meer dwarsliggers, maken we ook daar een eindterm van in de opleiding van onze kinderen?”

985
Goeiemorgen,

Niets is nog wat het was en alles komt terug, het zijn verwarrende tijden. Water komt en gaat, net als dictators, inflatie, covid, vakantie, discussies over voetbal, droge zomers, koude nachten, foute gedachten, zoete dromen, overbodige gevechten, kibbelende politici, open kansen, watertekort, hongersnood, mensenstromen… Ze komen van links, rechts, boven of onder, ze zijn overal en gaan nergens naartoe. De toekomst ligt vast en is onvoorspelbaar. Mooi of lelijk, warm of koud, droog of nat, alleen of met te veel: ook met de wereld van morgen kan het vriezen of dooien. Maar geen nood of zoete troost, het was in de wereld van gisteren niet anders. Meer nog, vandaag zijn er meer kansen om onze toekomst te bepalen dan vroeger. Wie of wat we daarvoor nodig hebben? Minder meelopers en méér dwarsliggers! Mensen die anders denken, tegen de wind of stroom in. Mensen die andere wegen zoeken, foute beslissingen bestrijden, gevestigde ordes bevragen en andere mensen doen nadenken.

Ik was nog niet geboren toen in augustus 1942 uit de Kazerne Dossin in Mechelen de eerste deportatietrein vertrok met aan boord een kleine duizend Joodse mensen. Officieel gingen ze werken in het oosten, in realiteit wachtte hen een gruwelijke dood in de Duitse vernietigingskampen. Later volgden nog meer treinen met nog meer Joodse mensen, bijna 25.000 in totaal. Het is en blijft een van de zwarte bladzijden uit onze eigen geschiedenis. Met de kennis van vandaag is het makkelijk om de stilzwijgende of actieve medewerking van toen te veroordelen, maar geen mens die daar iets aan heeft. Dat heet het zinloos herschrijven van de geschiedenis. De waarheid kennen en daaruit leren, is wel noodzakelijk. Wat zou ik gedacht of gedaan hebben, wat zou ik vandaag denken of doen? En nog belangrijker, hoe voorkomen we dat, net als toen, het vrije denken wordt geofferd op het altaar van het collectief doen? Kunnen we het dwarsliggen promoveren tot een wezenlijk onderdeel van onze opvoeding? Of beter nog, moet het een eindterm worden in de opleiding van onze kinderen?

Ik werd 15 in 1976 en van die hete zomer herinner ik mij niet veel. Er waren zowaar nog te veel leerkrachten en op Rob de Nijs en zijn vrouw van 28, bleef het nog een jaar wachten. Het was gewoon warm, heel warm. Zeventien dagen lang klom het kwik hoger dan dertig graden en de overheid nam voor het eerst maatregelen om het waterverbruik te limiteren. Wij gingen nog meer zwemmen in het openbaar buitenzwembad en klimatologen noemden die hete dagen ‘niet zo alarmerend’. Het waren de regels van het spel want, zo klonk het nog, ‘de impact van de mens op het klimaat is zeer miniem.’ We weten intussen beter, veel beter, met dank aan de wetenschap voor wie de waarheid van gisteren gelukkig altijd slechts de basis is voor nieuwe waarheden van vandaag en morgen.

Ik word straks 61. In de tijd die mij rest, doe ik graag mijn deel om het vrije denken en leven voor de kinderen van mijn kleinkinderen te vrijwaren. Niets mag dan nog zijn wat het was, we kunnen aan morgen allemaal nog iets doen. Het zijn uitdagende tijden…

Maak er een fijne zondag van.

Reageren? Pascal.kerkhove@roularta.be