Directeur redactie Pascal Kerkhove: “Een mens moet leren verliezen om later te kunnen winnen. Topsport als metafoor voor het leven, eens te meer”

207

Goeiemorgen,

’t Is weer voorbij die mooie… sportzomer, dat vierjaarlijkse feest met een waanzinnige opeenvolging van EK voetbal, de Ronde van Frankrijk en Olympische Spelen. En ja, ik dacht dat er geen einde aan kon komen… Op dat EK lieten de Rode Duivels ons slechts even dromen, in de Tour fietste Wout van Aert een fenomenaal drieluik bij elkaar met winst op een berg, in een tijdrit én in de hoogmis van de massasprint op de Champs-Elysées en in Tokio maakten Nina Derwael, Nafi Thiam en de Red Lions hun gouden droom gewoon waar. Drie kippenvelmomenten, te beginnen precies een week geleden op zondag even voor 13 uur. Met anderhalf miljoen mensen – dat zijn àlle lezers van De Zondag – hielden we iets minder dan een minuut de adem in terwijl Nina Derwael van lage naar hoge balk zweefde. En terug. Fantastisch moment. Bij de podiumceremonie even later zat ik in de wagen op weg naar een koffie met mijn mama. Ik kon niet kijken, maar zag alles via mijn verbeelding bij de klank van de radio. Een stem van de reporter en dan een ingetogen versie van de Brabançonne. Ik heb niets met volksliederen of bijbehorende nationale gevoelens, maar mijn gemoed liep plots vol. Ik ben een eenvoudige jongen. Het wekelijkse stukje taart bij de koffie smaakte dubbel zo zoet.

En dan moest die historische donderdag 5 augustus nog komen: eerst goud met de Red Lions in het hockey en kort daarna de schitterende winst van Nafi Tiam in de zevenkamp. U weet het intussen, ik ben een eenvoudige jongen. Tijdens het hockey heb ik ja en nee geroepen, ik heb met de armen gezwaaid. Blij, boos, angstig, zelfverzekerd, twijfelend, gelukkig, allemaal door elkaar en in willekeurige volgorde. Zenuwslopend, wellicht nog meer voor de collega’s rondom mij. De Engelse yes en gebalde vuist in de lucht op het winnende einde waren gratis. Ik stapte terug naar mijn bureau, maar in mijn verbeelding spurtte en sprong ik mee met die hockeymannen. Visualiseren heet dat, zo leerde ik intussen, waarbij de kracht van de verbeelding nog sterker wordt dan de noodzakelijke wilskracht. Ze waren zo blij met die gouden medaille op dat podium. Ze zongen dat ze het deden ‘voor vorst, voor vrijheid en voor recht’. Ik maakte er graag mijn eigen versie van: voor zichzelf, voor elkaar en voor écht.

Sport als metafoor voor het leven, eens te meer. In topsport moet je leren verliezen om later te kunnen winnen. In topsport is arrogantie de binnenweg naar verlies, zelfvertrouwen de laatste rechte lijn naar succes. Waarom zou dat in ons leven anders zijn? Het verhaal van de Red Lions is verplicht lesvoer voor elke coach of leidinggevende. En om bij die mooie sportzomer te blijven, leg ik er graag het verhaal van de Franse nationale ploeg op het EK voetbal naast. Beide teams startten als regerend wereldkampioen aan de volgende opdracht. De Red Lions speelden hockey vol zelfvertrouwen, Les Bleus voetbalden vol arrogantie. Onze hockeymannen vertrokken vanuit de eigen kracht, de Franse voetballers waren overtuigd dat ze beter waren dan de tegenstander. We kennen de uitkomst, recht evenredig met de getoonde mentaliteit: van roemrijke thuiskomst tot roemloze aftocht.

Nafi Thiam gaf er iedereen nog een gratis levensles bovenop: je kan ook winnen vanuit een gedwongen mix van geloof en twijfel in eigen kunnen. En zonder te roepen. Ze won goud na de afsluitende 800m , zette zich neer, hapte naar adem en verdween even in zichzelf. Fysiek en mentaal helemaal op en nog gelukkiger. Ze was blij en kwetsbaar, ze was sterk en breekbaar. Ze dacht niet aan de volgende Spelen in Parijs, maar aan slapen in een goed bed én vakantie. Ze was gewoon zichzelf en fantastisch.

Op het einde zijn ook topsporters vooral mensen, zoals u en ik. Na grote blijdschap of diepe ontgoocheling start altijd dag één van de rest van ons leven.

’t Is weer voorbij die mooie sportzomer, mag de echte zomer nu beginnen?

Maak er een fijne zondag van.

Reageren? Pascal.kerkhove@roularta.be