Cath Luyten neemt het ‘laatste woord’: “Feest” (column)

263
Charlie De Keersmaecker© Charlie De Keersmaecker

Het ‘laatste woord’ geven we aan televisiepersoonlijkheid Cath Luyten. Met een schalkse knipoog op een actueel thema zorgt ze voor de perfecte afsluiter van de week.

Wat een feest! Een zinnetje van amper drie woorden, maar met een impact waar geen Prozac tegenop kan. Zodra iemand deze vrolijke verzameling letters scandeert, word ik instant blij. Hoe dat komt vertel ik je graag.

Een jaar of zes geleden mocht ik als schermgezicht mee inschepen voor de jaarlijkse trip van Eén en Radio 2. Een week lang cruisen langs de mooiste havensteden van de Middellandse Zee op een schip recht uit de serie Love Boat: zeven verdiepingen, verbonden door marmeren trappen met gouden leuningen en een gefumeerde spiegellift voor de minder mobielen onder ons (of voor hen die al iets te vroeg in de Martini’s waren gevlogen). Van Venetië over Dubrovnik tot Istanbul, de balzalen met orkestlieden in smoking en de dansvloeren met ouderwetse discobollen vol schuifelende koppels in gala en de haren strak van de Elnett zodat er geen zeebries doorheen kon, brachten mijn plus one en mezelf in opperste stemming.

Dat de kapitein tijdens het Captain’s Diner niet bij ons aanschoof, leek onze geluksbarometer even te beïnvloeden, maar ons tafelgezelschap van die avond bleek uiteindelijk veel fijnere verhalen te hebben. Zo tussen hoofdgerecht en sorbet was het ijs gebroken en werden de ontboezemingen intiemer. Met vooral vrouwen aan tafel was een rondje ‘bij de gynaecoloog’ best geoorloofd.

Zo was er het verhaal van de zus van een tafelgenote die op jaarlijkse controle met de beentjes open moest en nadien compleet verbouwereerd naar huis reed. Haar anders best zwijgzame dokter had bij het nemen van het uitstrijkje de legendarische woorden ‘wat een feest’ uitgesproken. Uit de intonatie had ze niet kunnen opmaken wat de arts daarmee bedoelde. Er hing geen sensualiteit in de lucht, noch erotiek en ze had hem nooit eerder op ongepast gedrag kunnen betrappen. Dus ze reageerde niet, onderging de eendenbek en betaalde achteraf netjes. Maar ze wist stellig dat ze haar flamoes nooit nog aan hem zou toevertrouwen. ‘s Avonds net voor het slapengaan, staat ze haar tanden te poetsen in de badkamer en valt haar oog op een washandje. Het washandje waarmee ze net voor het doktersbezoek alles nog even had opgefrist. Het washandje dat nu naar haar schitterde als de discobollen aan boord. Met datzelfde ding had ze de dag voordien de handjes gewassen van haar vijfjarige dochter die druk in de weer was geweest met glitterstiften.

‘Wat een feest’ had de dokter minzaam gezegd. Niet wetende hoe hij gepast moest reageren op een schaamstreek vol glitters. Maar gelijk had hij.

Tekst Cath Luyten | foto Charlie De Keersmaecker