Twintig jaar geleden belde Martin Heylen aan bij zo’n tweehonderd willekeurige deuren voor zijn rubriek in Man bijt hond . Op goed geluk, op zoek naar het verhaal achter de gevel. Nu, twintig jaar later, staat Martin voor dezelfde deuren. En weer belt hij aan, zonder te verwittigen, niet wetend wie er zal openen.

Voor het Eén-programma Man bijt hond trok Martin Heylen in 1998 voor het eerst een lijn door de landkaart van Vlaanderen. In elke gemeente of stad waar die rechte lijn doorsneed, belde hij op goed geluk aan. Zo stapte hij de meest uiteenlopende huiskamers en levens binnen, met mooie en oprechte reportages achter de gevels tot gevolg. Maar hoe is het die vroegere bewoners vergaan? In het tweede seizoen van Zelfde deur, 20 jaar later belt Martin opnieuw aan, op zoek naar de schoonheid in het alledaagse. “Na deze tweede reeks ben ik de waarde van elke dag nog hoger gaan inschatten. Twintig jaar is zo voorbij. Durf te leven. Want op het einde heb je misschien meer spijt van de dingen die je niet hebt durven doen dan van de vergissingen die je durfde te maken.”

‘Zelfde deur, 20 jaar later’ lijkt zo’n programma dat afhangt van toevalligheden. Je weet op voorhand niet of je met een mooi verhaal terugkomt.

Klopt helemaal. We bereiden ons natuurlijk wel goed voor. Met vier mensen van verschillende generaties bekijken we alle fragmenten van twintig jaar geleden opnieuw en selecteren we de meest prikkelende verhalen. Hoe interessant zou het kunnen zijn om daar twintig jaar later nog eens aan de bel te hangen, vragen we ons telkens af. Maar daarna laten we alles aan het toeval over. Ik wil namelijk zelf verrast worden. Uiteraard zouden we op voorhand op Facebook kunnen kijken, of een keertje bellen met de buren om al wat meer over de mensen in kwestie te weten te komen, maar dat levert niet hetzelfde resultaat op. Mijn verrassing slaat over op het publiek, daar ligt de sterkte. Als je als maker op voorhand alles al weet, ga je proberen om dat verhaal eruit te halen dat je zoekt, zonder oog te hebben voor de rest.

Elk bezoek aan een deur is een nieuw avontuur voor me.

Je hebt natuurlijk het voordeel van de ervaring. Jarenlang heb je aangebeld bij onbekenden.

En dat is inderdaad een voordeel, al maakt het dat nog steeds niet heel makkelijk. Iemand van 20 zou dit natuurlijk ook kunnen, maar dan krijg je een heel ander programma. Door mijn leeftijd en ervaring kan ik vanuit mijn eigen gevoelswereld interessante bijbedenkingen maken of vragen stellen. Maar toch: elk bezoek aan een deur is een nieuw avontuur voor me.

Word je eigenlijk ook wel eens geweigerd aan de deur? Dat mensen geen zin meer hebben in zo’n hele tv-crew.

Natuurlijk gebeurt dat. Er zijn mensen die liever niet meer op televisie komen. Soms word ik wel binnen uitgenodigd voor een kop koffie en een gesprek, maar willen de mensen het niet op camera. Dat maakt deel uit van het klein verdriet van de tv-maker.

Ben je zelf eigenlijk tevreden over dit nieuwe seizoen?

Wanneer ik naar de opnames kijk, zie ik nog altijd wel dingen die beter hadden gekund. Dingen die ik over het hoofd heb gezien, waar ik niet op in ben gegaan terwijl ik dat wel had moeten doen. Wat dat betreft kan het altijd beter. Maar ik heb net aflevering 5 afgewerkt, waar ik op bezoek ga bij een demente man en zijn moedige vrouw. Dat is echt heel goed gemaakt, al zeg ik het zelf. Tranen in de ogen krijg ik daarvan.

Dit is ondertussen het tweede seizoen. Hoe lang kun je hier nog mee doorgaan? Je ‘Man bijt hond’-archief is vermoedelijk immens.

Ik ga het hierbij laten. Ik wil eindigen in schoonheid. In theorie zou ik natuurlijk nog terug kunnen naar andere mensen en andere deuren, maar ik wil op een hoogtepunt eindigen.

Zelfde deur, 20 jaar later, vanaf morgen elke maandagavond om 20.40 uur op Eén.