De emoties van Paul Magnette: een terugblik op een waanzinnig jaar: “Ik zal het toegeven: ik wasgraag premier geweest”

5276
Paul Magnette over het premierschap: “Opnieuw een Waalse premier, een linkse socialist dan nog, zou te veel van het goede zijn.” (foto Christophe De Muynck)
Paul Magnette over het premierschap: “Opnieuw een Waalse premier, een linkse socialist dan nog, zou te veel van het goede zijn.” (foto Christophe De Muynck)

BRUSSEL – Hij was graag premier geworden. Maar de ratio won van de emotie. Hij wou de Vlaamse oppositie geen munitie geven. Dat bekent Paul Magnette in dit opmerkelijke gesprek. De intrigerende PS-voorzitter is wellicht dé architect van de Vivaldi-regering. Wij blikken terug op een waanzinnig jaar met de zes basisemoties van de mens als leidraad.

Paul Magnette heeft het imago van een rationele professor. Dat strookt niet met de werkelijkheid, zegt hij. “Ik ben een wetenschapper, dat wel. En ik ga zeer methodisch te werk. Ik heb feiten nodig om te beslissen. Maar tegelijk laat ik me voeden door emoties. U moet het boek ‘De Vergissing van Descartes’ eens lezen, van de Portugese neuroloog Antonio Damasio. Hij betoogt daarin dat emoties nodig zijn om de realiteit te begrijpen. ( even stil ) Ik ben emotioneler dan mensen denken. Als ik een aangrijpende film zie over een vader en een zoon, dan kan ik huilen. Een voorbeeld? ( denkt na ) Leaving Las Vegas met Nicolas Cage. Dat verhaal raakt mij.”

Dat belooft voor dit gesprek. Emotie één: wat heeft u écht blij gemaakt het voorbije jaar?

Professioneel is dat de vorming van de regering. Dat de formatie zo lang duurde, was pijnlijk voor het imago van de politiek. Ik was écht blij toen die nacht eindelijk een akkoord bereikt werd ( woensdag 30 september, red. ). Ik vond dat dat gevierd moest worden met een pintje of zo. Dat is een traditie. Maar daar had niemand zin in. De spanning was nog te snijden. En veel collega’s waren bezig met de casting.

Hebt u ooit gevreesd dat het niet zou lukken?

Jawel. Ik heb dikwijls gedacht dat nieuwe verkiezingen onvermijdelijk waren. Er was één collega, waarvan ik echt vreesde dat hij geen akkoord wou.

U bedoelt Georges-Louis Bouchez (MR)?

( knikt ) De MR had zeven ministers in de vorige regering. Dat is een comfortabele positie. We hebben hem in die laatste dagen van september een blad voorgelegd met een vijftal punten. Het was ofwel ja, ofwel voorbij. Het is gelukkig ja geworden. ( denkt na ) Ik wil nog iets noemen. Dat ik in de eerste lockdown verenigd was met mijn vier kinderen, dat heeft me ook echt blij gemaakt. De oudste drie studeren aan de universiteit. Ik zie hen niet zo vaak. Maar plots kwamen ze opnieuw thuis. We beleefden een familieleven dat we voordien niet kenden. Ik heb ervan genoten. Een apero drinken met je kinderen, wat is mooier dan dat? ( stil ) Zij zijn voor mij de essentie van het leven. Ik besef dat ik de voorbije jaren te weinig aanwezig was.

Emotie twee: wat heeft u boos gemaakt?

Twee dingen. ( wikt zijn woorden ) Dat er collega’s zijn die politieke spelletjes spelen in tijden van crisis, dat kan me héél kwaad maken. En dat is dikwijls gebeurd.

Elke partijvoorzitter verwijt dat de anderen, maar nooit zichzelf.

( blaast ) Zullen we de regeringsvorming analyseren? Ik heb vorig jaar in november al een Vivaldi-coalitie voorgesteld. Mijn nota van toen was voor tachtig procent gelijk aan het akkoord van de regering. ( feller ) Waarom hebben we dan tien maanden verloren? Omdat partijen zich vastklampen aan elkaar. Dat is spelletjes spelen.

U wou twee dingen noemen?

Dat sommigen geen lessen trekken uit de eerste coronagolf. De regering heeft eind oktober strenge maatregelen moeten nemen. Geen énkele partij wou dat graag doen. Maar we hebben dat unaniem beslist omdat dat nodig was op basis van de feiten. Dat er daarna toch partijen de maatregelen in vraag stellen, vind ik onbegrijpelijk. Ik vier ook graag kerst met vrienden, hoor.

U hebt geregeld gevloekt op Bouchez, als ik dat zo hoor.

( grijnst ) Dat is niet op hem persoonlijk. Vooral op de lijn van de MR.

Gooit u ook met smartphones als u kwaad bent?

Ik niet, neen. ( lacht ) Ik zal u vertellen wat ik doe. In het Egmontpaleis, waar de regeringsonderhandelingen plaatsvonden, zijn er kleine vertaalcabines. Als ik de kwaadheid voel opborrelen, dan ga ik tien minuten plat op mijn rug liggen in zo’n cabine. Je moet dan vooral goed op je ademhaling letten. Dat helpt. Ik ben een andere mens als ik daaruit kom. Een andere truc is de meditatie van het medelijden. Als je kwaad bent op de persoon die voor je staat, moet je denken: ik hou van jou, ik hou van jou, ik hou van jou. U denkt dat ik absurd ben, zeker? ( lacht ) Het is ook absurd, en het is moeilijk, maar het werkt.

Dat denkt u dus als Bouchez voor u staat?

Neen, zo ver ben ik met hem nog niet gegaan. Ik heb dat wel eens met Charles Michel (MR) gedaan. En met succes. Ik ben niet kwaad geworden. ( lacht )

Ik vond dat het akkoord gevierd moest worden met een pintje. Maar daar had niemand zin in.”

Emotie drie dan. Wat heeft u verdrietig gemaakt?

De concrete gevolgen zien van de coronacrisis. Ik ga dikwijls naar het restaurant du coeur in mijn stad. Dat is een sociaal restaurant, waar ook voedselpakketten uitgedeeld worden. Ik vergeet nooit dat moment … ( stil ) Er stonden studenten aan te schuiven. Artiesten. Mensen die ik ken. Mensen die succesvol waren. Wow. ( emotioneel ) Dat heeft me diep geraakt. Dat zijn jonge mensen die geen geld meer hebben om eten te kopen. Ik ben daar heel gevoelig voor. ( zwijgt even ) Dat is wat deze crisis aanricht.

Voelt u zich dan machteloos?

Neen, dat niet. Ik ben politicus, ik kan iets doen. We helpen ook andere doelgroepen, waarom dan niet de studenten? Ik heb dat ook gezegd aan Pierre-Yves ( Dermagne, vicepremier voor PS, red. ): we moeten meer doen voor de studenten.

Hebt u mensen verloren in deze crisis?

Geen vrienden of familie, neen. Wel stadsgenoten, helaas.

Uw partner Maud is psychologe in een Luiks ziekenhuis. Ik kan me voorstellen dat ook zij veel verdriet gezien heeft?

Zéker. Het was een heel intensief jaar voor haar en voor alle collega’s in de ziekenhuizen. Ze heeft ook amper op de pauzeknop kunnen duwen. Maud werkt met families die mensen verliezen aan het virus én met het zorgpersoneel dat zichzelf kapot werkt. We beseffen dat niet genoeg, maar psychologen spelen een heel belangrijke rol in deze crisis. De mensen moeten kunnen spreken over hun emoties.

Bent u dan ’s avonds haar klankbord?

Ja. En graag. Zij is dikwijls uitgeput thuisgekomen. Of bang, want dit lijkt maar niet te stoppen. Het was voor de ziekenhuizen echt een vreselijk jaar.

Dat brengt ons bij de vierde emotie. Wat heeft u angstig gemaakt?

De tweede golf, toen de situatie bijna out of control was. Ik ben echt bang geweest, moet ik toegeven. Ik kreeg signalen binnen dat onze ziekenhuizen het niet meer zouden redden. Maar de buitenwereld leek dat niet te beseffen. Op dinsdag 27 oktober heb ik een cri de coeur gedaan op de gemeenteraad. Een smeekbede. Kómaan, we moeten strenger zijn. ( denkt na ) Dat was anders in de eerste golf. Toen had ik meer iets van: wir schaffen das . Ik werd ook gerustgesteld door experten. Maar in de tweede golf gingen de cijfers écht door het dak.

Dat Donald Trump opnieuw president van Amerika zou worden, heeft dat u angstig gemaakt?

Neen, want ik was zeker dat hij zou verliezen. Er is onder zijn leiding te veel fout gelopen. Al heeft hij toch beter gescoord dan ik had verwacht. Joe Biden zal een goede president zijn. Het is geen Obama, maar na vier jaar Trump heeft Amerika vooral nood aan een normale president. Biden is een sereen man zonder show.

Afschuw is de vijfde emotie. Wanneer hebt u dit gevoeld?

Dat is iets wat ik zelden voel. ( denkt lang na ) De dood van George Floyd bijvoorbeeld: dat heeft mijn afschuw opgewekt. Ik heb daar veel over gesproken met mijn kinderen. Voor hen is de multiculturele samenleving een evidentie. Zij schrokken ervan dat racisme nog zo aanwezig kon zijn. Er is zeker minder racisme dan twintig jaar geleden, maar het probleem is niet van de baan. Het is daarom dat we anonieme testen moeten invoeren op de arbeids- en huurmarkt.

Bent u op straat gekomen voor Black Lives Matter ?

Neen, omdat we in een gezondheidscrisis zaten. Anders was ik wél op straat gekomen. Ik hou van betogen en ik ben gevoelig voor het thema. Ik heb als student eens een huisbaas op zijn plek gezet. Ik was op zoek naar een kot. ‘Ik heb een mooie plek voor u, waar geen Marokkanen zitten’, zei de man. ‘Als er geen Marokkanen zitten, dan wordt dat een saaie boel en moet ik het niet hebben’, zei ik. ( lacht )

Er was ook de onthoofding van de Franse leraar Samuel Paty die karikaturen van Mohammed had getoond in de klas.

Dat was evenzeer afschuwelijk. Het is ondenkbaar dat zoiets vandaag kan gebeuren. Zó barbaars.

De dader was een Tsjetsjeense vluchteling. Vlaams Belang en N-VA noemen het Europese migratiebeleid niet streng genoeg.

Dat is te eenvoudig. Ik zou die link niet maken. Los daarvan: we mogen wel eens kijken naar het integratiebeleid. Wie hier woont, werkt, onze taal spreekt en zijn kinderen naar school doet, zal zo’n aanslag niet plegen. We hebben volgens mij de laatste decennia te weinig geïnvesteerd in integratie.

Ik ben echt bang geweest. Ik kreeg signalen binnen dat onze ziekenhuizen het niet meer zouden redden.”

Is dat een mea culpa ?

Dat is een collectieve verantwoordelijkheid, dus ook van mijn partij, ja. Migratie kan alleen lukken als er ook gefocust wordt op integratie. Die focus is in de jaren 2000 naar de achtergrond verdwenen, deels uit schrik voor Vlaams Blok. Ook wij moeten durven zeggen dat er rechten en plichten zijn. Daar is niets mis mee. Als we nieuwkomers verplichten om onze taal te leren, dan is dat ook in hun voordeel. Ik zie op huisbezoeken dikwijls vrouwen die geen Frans spreken en niet werken. Dat is niet goed. We moeten meer inspanningen doen voor hen.

De laatste emotie dan. Wat heeft u het voorbije jaar verbaasd?

De schoonheid van de mens in tijden van crisis. Er zijn mensen die overdag werken en ’s avonds vrijwillig komen helpen in het restaurant du coeur . Er zijn mensen die ondanks een gebrek aan mondmaskers tóch verder werken. Er zijn mensen die risico’s nemen om anderen te helpen. Ik heb grote bewondering voor die solidariteit. Het verbaast me dat de mens in bijzondere omstandigheden zo mooi kan zijn. Want eerlijk: in normale tijden is de mens niet altijd even mooi.

Dat de PS en de N-VA deze zomer tot een akkoord kwamen, dát heeft mij verbaasd.

( lacht ) Mij niet. Corona was de gamechanger . De N-VA is een andere partij geworden. Ze bleek plots bereid om meer te investeren in de sociale zekerheid én om een extra bijdrage te vragen aan de sterkste schouders. Zonder corona was dat akkoord er nooit gekomen.

U bent ook veranderd. U wil plots een staatshervorming.

( stellig ) Dat is niet zo plots. Ik wist voordien al dat onze structuur aan herziening toe is. België moet eindelijk een volwassen federale staat worden. Dat betekent vier volwaardige gewesten en vooral: duidelijke bevoegdheidspakketten. Want dat is het probleem van ons land: dat alle bevoegdheden verdeeld zitten. We moeten dat eens grondig herschikken en dat mag wat mij betreft in de twee richtingen. Géén taboes. Ik hoop dat er tegen 2024 een blauwdruk op tafel ligt voor een modern land.

Waarom bent u geen premier geworden?

Dat was een rationale overweging. De regering heeft geen meerderheid in Vlaanderen. Het akkoord is eerder centrumlinks, terwijl Vlaanderen eerder centrumrechts is. De drie vorige premiers waren ook al Franstaligen. Opnieuw een Waalse premier, een linkse socialist dan nog, zou te veel van het goede zijn. Ik wou geen makkelijke munitie geven aan N-VA en Vlaams Belang. Was ik premier geworden, dan zouden zij vier jaar lang op mijn persoon schieten. Dat risico wou ik niet nemen. Je moet aan de stabiliteit van het land denken. Wat als N-VA en Vlaams Belang een meerderheid halen in 2024, daarna een Vlaamse regering vormen en vervolgens het land blokkeren? Dat wil ik niet op mijn geweten hebben. Ik zou niet meer slapen.

De cirkel is rond. Het is dan toch de ratio die wint van de emotie.

Dat was zeker zo in deze overweging. Het was een moeilijke beslissing, hoor. ( even stil ) Enfin , ik zal het toegeven: ik was graag premier geweest. Dat is ook logisch. Ik heb grote stukken van het regeerakkoord zelf geschreven. Het was emotioneel niet makkelijk om dan aan Alexander ( De Croo, Open VLD, red. ) te zeggen: doe jij het maar. Heb ik spijt? Mja, een beetje wel, zeker? Ik heb het daar toch twee weken moeilijk mee gehad. Maar het sterkt me dat ik die beslissing zelf heb genomen. Weet u wat mijn vrouw zei? ‘Ik heb liever dat je premier wordt en dat ik je de komende jaren niet zie, dan dat je thuis zit te mokken.’ ( lacht ) Dat is wel mooi, want het zou ook van haar een opoffering vragen.