Met Roberto Martinez toverde de Belgische voetbalbond een wit konijn uit haar hoed als nieuwe bondscoach. Grote adelbrieven kan de 43-jarige Spanjaard niet voorleggen, maar zijn filosofie past als gegoten bij deze talentvolle generatie Rode Duivels. Martinez is een fervent adept van de Johan Cruyff-school. Naast het veld is de ex-coach van Everton vooral een familieman. “Als ik half de man kan worden die mijn vader is, zou ik heel gelukkig zijn.”

We hebben afspraak in het gloednieuwe hotel Martin’s Red op het Belgian Football Center in Tubeke. Roberto Martinez heeft er zichtbaar zin in. Wat me verrast. Vaak lijken voetbaltrainers te gruwelen van interviews. “Dat komt omdat we dikwijls dezelfde vragen krijgen, waar we alleen met een cliché op kunnen antwoorden”, zal de minzame Catalaan me achteraf toevertrouwen. Martinez geniet ervan ook over het leven te praten. Over zijn familie bijvoorbeeld. Zijn driejarig dochtertje Luella start op 1 december met school. “Heel spannend. Ik ben benieuwd hoe ze het Frans zal oppikken. Ik vind het belangrijk dat een kind veel talen leert. Thuis spreken we Engels en Spaans. Ik wil ook zelf snel Nederlands en Frans spreken.”

Twee maanden geleden verhuisde het gezin-Martinez van Liverpool naar Waterloo. Of het moeilijk was om Beth, zijn Schotse vrouw, te overtuigen? “Neen, toch niet. Om deze job goed te doen, moet je deel uitmaken van de cultuur, leven tussen de supporters. Mijn vrouw beseft dat. Eén van de eerste dingen die we deden, was het slagveld bezoeken. Heel fascinerend. Waterloo is zo’n belangrijke mijlpaal in de geschiedenis.”

Wat wist je al van België?
Niet veel, moet ik eerlijk toegeven. Dat het centraal ligt in Europa. En dat Brussel de hoofdstad is. Het Belgische voetbal intrigeert mij wel al jaren. Ik vind het fascinerend dat zo’n klein land zoveel toppers voortbrengt.

Heb jij zelf je cv ingestuurd om bondscoach te worden?
Nee, dat is via een tussenpersoon verlopen. Lang heb ik niet getwijfeld. Weet je, ik ben niet iemand die op lange termijn plannen maakt. Een jaar geleden zou ik nooit gedacht hebben dat ik nu al een nationaal team zou coachen. Ik baseer mijn beslissingen op gevoel. En deze opportuniteit voelde heel goed aan.

Heeft de bond je gewaarschuwd voor de gevoelige relaties tussen Nederlandstaligen en Franstaligen in dit land?
Waarschuwen is niet het juiste woord. Men heeft mij wel de feiten uitgelegd. Ik kan me voorstellen dat dat moeilijk kan zijn voor een coach die zelf deel uitmaakt van één van de twee gemeenschappen, maar ik heb het voordeel dat ik neutraal ben. Ik kan boven die verschillen staan. Ik zie vooral de band tussen de twee gemeenschappen, en dat is de liefde voor het nationaal elftal. Mijn grootste verrassing tot nu toe is hoe graag deze voetballers spelen voor hun land.

Jij zal als Catalaan wel vertrouwd zijn met nationalisme?
Absoluut. Ik ben opgegroeid in Balaguer. Al is mijn familie heel ruimdenkend. Ik leerde zowel Spaans als Catalaans spreken. Dat was uitzonderlijk in mijn vriendenkring. Politiek was niet echt een issue bij ons thuis. Voetbal, daar draaide ons leven om.

De bal heeft je zelfs gered van militaire dienst.
(lacht) Klopt. In die tijd kon je je legerdienst ontlopen als je gemeenschapsdienst deed. Ik heb ervoor gekozen jonge gasten te coachen aan de lokale voetbalschool. Ik zou geen goede militair geweest zijn. Ik vind dat dat voorbehouden moet zijn voor professionals. Gelukkig is dat afgeschaft, die legerdienst.

“Voetbal is voor mij meer dan een passie, het is een way of living.”

Die voetbalmicrobe heb je aan je vader te danken, niet?
(knikt) Ik denk dat elke jongen wil zijn zoals zijn vader. De mijne was sportleerkracht en coach van de lokale voetbalploeg. Toen ik twee was, nam hij mij al mee de kleedkamers in. Heerlijk was dat. (zwijgt even) Mijn vader is heel belangrijk voor mij. Als ik half de man kan worden die hij is, zou ik heel gelukkig zijn. Ik geniet ervan met hem te discussiëren over voetbal. In september zijn mijn ouders komen kijken naar de wedstrijd tegen Spanje. Ik ben heel blij dat ze dat nog kunnen, mijn vader is er 83, mijn moeder 75.

Heb jij andere passies?
Buiten voetbal en mijn familie? Neen. Voetbal is voor mij meer dan een passie, het is een way of living. Je geluk hangt ervan af. Als je verliest, kan je als coach nooit echt relaxed zijn. Wie het omgekeerde vertelt, liegt. Voetbal is mijn leven. Ik heb bijvoorbeeld nooit alcohol gedronken. Ik vind dat dat niet hoort als je het wil maken als voetballer.

Verwacht je dat ook van je spelers?
Absoluut. Als je deel uitmaakt van een team, moet je als individu opofferingen maken, ook naast het veld. Let op: ik beoordeel de spelers in de eerste plaats op hun prestaties, ik kan ook niemand verbieden alcohol te drinken. Maar ik wijs hen wel op de gevaren. Ik heb fysiotherapie gestudeerd, ik weet hoe een lichaam werkt. De eerste twee uur na een wedstrijd zijn cruciaal om je lichaam te herstellen. Als je dan alcohol drinkt, werk je dat herstel tegen.

Op je 22e ruilde je Balaguer voor Wigan. Nadien heb je als speler en als coach alleen maar voor Britse ploegen gewerkt. Was dat bewust?
Neen, dat is toeval. Het was in die tijd niet evident als Spanjaard naar Engeland te verhuizen. Ik was één van de pioniers. De voetbalcultuur was totaal verschillend. Het Spaanse voetbal was gebaseerd op balbezit, terwijl de Engelsen heel direct speelden. Vandaag zijn die verschillen niet zo groot meer. Ik was als voetballer (verdedigende middenvelder, red) in niets outstanding, dat weet ik. Maar die jaren hebben mij wel geholpen om de coach te worden die ik ben. Swansea gaf mij al een kans toen ik amper 33 was. Ik heb ook toen mijn gevoel gevolgd.

“Het klinkt misschien onnozel, maar ik heb geen specifieke ambities op lange termijn.”

Je zei ooit dat de manier waarop je wint belangrijker is dan de zege zelf. Ben jij een romanticus?
Misschien wel, ja. Voetbal is een proces. Alleen als je goed speelt, kan je beter worden. Als je slecht speelt en wint, mag je je niet wentelen in die overwinning. Anders sluit je je ogen voor de problemen.

Anderen noemen dat naïef.
Ik denk niet dat iemand die naïef is 265 wedstrijden na elkaar in de Premier League kan coachen, of de FA Cup kan winnen met een club als Wigan.

Ben jij koppig?
Als coach wel, ja. En dat is een goede eigenschap. Spelers moeten weten welke richting hun coach uit wil. Als je elke wedstrijd van tactiek verandert, zorgt dat voor onzekerheid. Maar ik denk niet dat ik als mens koppig ben. Dat zou een negatieve eigenschap zijn.

Met die filosofie en achtergrond moet Barcelona coachen jouw ultieme droom zijn?
Dit klinkt misschien onnozel, maar ik heb geen specifieke ambities op lange termijn. Dat zou je blik alleen maar beperken. Weet je, in het leven draait het erom elke dag zo perfect mogelijk te doen wat je doet. Je moet niet dromen over dit of dat. Of iets later al dan niet op je pad komt, ligt in Gods’ handen.

Geloof jij dat we voorbestemd zijn?
Dat is een boeiende, maar moeilijke discussie. Ik zou niet zo ver gaan te stellen dat alles afhangt van God. Als je elke dag goed handelt, kan je zelf grotendeels je lot beïnvloeden. Religie is wel heel belangrijk voor mij, dat geeft me innerlijke rust. Dankzij mijn geloof, ik ben christelijk, kan ik mij volledig focussen op mijn prioriteiten: familie en voetbal. Over al de rest hoef ik mij geen zorgen te maken.

Het sportrapport van Roberto Martinez

Als kind was mijn idool …
Johan Cruyff, de voetballer en de mens. Zijn zoon Jordi is één van mijn beste vrienden. Hij was zelfs getuige op mijn huwelijk.

Vandaag heb ik grote bewondering voor …
Iemand als Michael Jordan. Veel talent, gekoppeld aan de wil om de beste te zijn.

Mijn mooiste sportmoment?
Als speler: mijn debuut maken in La Liga met Zaragoza. Als manager: de FA Cup winnen met Wigan.

Mijn grootste ontgoocheling?
Degraderen in datzelfde seizoen. De FA Cup heeft ons punten gekost.