Ontbijtbabbel met actrice Ruth Beeckmans: “Al die tijd met mijn kinderen, dat is ook een vorm van luxe”

1525

Ooit, als het coronavirus niet meer dan een vage herinnering en een lang vervlogen nachtmerrie is, zullen we aan toekomstige generaties zeggen: “ge hadt erbij moeten zijn om het te geloven”. Maar anno 2020 slaat die uitspraak – Ge Hadt Erbij Moeten Zijn – vooralsnog op het hilarische VTM-programma, dat elke donderdagavond de meest bizarre verhalen uit de levens van Bekende Vlamingen vertolkt.

In coronatijden mag er ook al eens gelachen worden. En dus kwam het tweede seizoen van het VTM-programma Ge Hadt Erbij Moeten Zijn net op tijd (hoewel het eigenlijk al heel lang klaar was). In die show vertellen Bekende Vlamingen elke week een straf, waargebeurd verhaal dat tot op de letter wordt nagespeeld door uitstekende acteurs als Ruth Beeckmans, Sven De Ridder, Ben Segers, Stefaan Degand, Ann Tuts, … Nieuw dit seizoen is dat Ruth en Sven de verhalen zélf hebben ‘geresearcht’. In pré-coronatijden was dat eenvoudig: ze gingen langs bij bekende vrienden en collega’s en vroegen hen naar hun sterkste verhaal. Wat volgde was een gezellige babbel, die de ideale basis bleek om zich in te leven in hun rol. “Ook dit seizoen zijn er weer verhalen bij waarvan je denkt: goed dat ik dit niet heb meegemaakt. Ik heb echt heel bizarre verhalen gehoord, die blijkbaar toch telkens waargebeurd zijn. Al is er hier en daar misschien wel iemand die z’n verhaal wat heeft aangedikt.”

Voor een comedy-acteur lijkt me dit waanzinnig leuk om te maken. Hoeveel plezier beleef je op zo’n set?

Ge Hadt Erbij Moeten Zijn is echt een enorm plezant project. Niet alleen omdat je met zulke fijne acteurs mag samenwerken, maar ook omdat je met hele straffe verhalen zit waarvoor je je over-the-top mag verkleden. Bovendien gaan die opnames altijd goed vooruit omdat er geen geluid bij komt. Je moet dus gewoon hetgeen verteld wordt playbacken. Als iemand lacht op de set, is zo’n opname ook niet automatisch voor de vuilbak. Er is daardoor net iets meer ruimte om onnozel te doen – en dat doe ik heel graag! (lacht)

Met mijn twee rakkers krijg ik mijn dagen gemakkelijk gevuld.”

Ge Hadt Erbij Moeten Zijn is opgenomen in pré-coronatijden. Nu liggen de meeste tv-producties stil. Overleef je het met twee jonge kinderen?

Absoluut. Met twee van die rakkers krijg ik mijn dagen gemakkelijk gevuld. Door het leeftijdsverschil – 7 jaar en 6 maanden – kunnen mijn kinderen niet samen spelen. De ene heeft heel andere dingen nodig dan de andere. Gelukkig is de baby waanzinnig braaf. Ik weet eigenlijk niet hoe zoiets braafs uit mij is gekomen. (lacht) De papa en ik zijn allebei hele drukke mensen, en dan krijgen wij zo’n kalm baby’tje. Die oudste van ons is wel een ander paar mouwen. Ook braaf, maar ze eist veel aandacht op, zeker nu er geen vriendjes of vriendinnetjes over de vloer mogen komen. Ik ben nu haar beste vriendinnetje en persoonlijke entertainer. Maar ik mag niet klagen. Het is heftig, maar ook wel heel gezellig. Plots is er zoveel tijd om met je kinderen te spenderen, dat is ook een vorm van luxe. Natuurlijk zijn er dagen dat ik de hele lockdownsituatie kotsbeu ben, maar ik probeer het wel op een positieve manier in te vullen. Ik benader het als een ‘coronacadeautje’, al besef ik dat er zich in heel wat families ook drama’s hebben afgespeeld.

Valt de financiële schade ook nog mee? Je bent zelfstandige en hebt nog samen met Matteo Simoni en Bruno Vanden Broecke een productiehuis.

Ik ben nog niet zo heel lang geleden bevallen, dus daardoor was mijn agenda voor dit voorjaar vrij leeg. Normaal gezien zou alles in deze periode opnieuw opstarten. Maar voorlopig schuift dus alles op. Eerst naar juni, maar we weten nog niet zeker of we dan alweer aan de slag kunnen. Als acteur sta je vaak dichtbij andere mensen, en dat kan voorlopig nog niet. Met ons productiehuis hadden we ook een nieuw project gepland, maar dat zal nu iets voor het najaar worden. Het is te hopen dat we dan verder kunnen. Maar nu is het onzekerheid troef.

Ben je zelf bang voor corona? Of heb je iemand in de familie die in een woon-zorgcentrum zit voor wie je wel schrik hebt?

Nee, niemand van de familie zit in een woon-zorgcentrum, maar ik heb wel een omaatje van in de negentig dat nog thuis woont en die elke dag hulp over de vloer krijgt. Wij gaan daar af en toe langs, om van achter het raam of in het deurgat te zwaaien. Ik ben trouwens wel blij dat zij niet in zo’n woon-zorgcentrum zit. Zelf hou ik me goed aan de regels, al zit ik zeker niet in een hoekje te bibberen.

Ge Hadt Erbij Moeten Zijn, elke donderdag om 20.35 uur bij VTM.