Voormalig minister en Groen-voorzitter Vera Dua treedt nog eens op de voorgrond: “De kritiek van Schauvliege klopt niet”

1812

Voormalig minister en Groen-voorzitter Vera Dua is vijf jaar na haar politiek afzwaaien niets van haar verontwaardiging kwijt, zeker niet als het over klimaat gaat. Van Donald Trump tot Joke Schauvliege, ze krijgen allemaal een stevige veeg uit de pan. Toch is de 64-jarige Oost-Vlaamse, vandaag voorzitter van Bond Beter Leefmilieu en consulent aan het Centrum voor Duurzame Ontwikkeling van de Universiteit Gent, hoopvol over de toekomst.

Vera Dua: “Niet de staatsstructuur, maar de gebrekkige ambitie van de Vlaamse regering is het probleem.” (foto belga)
Vera Dua: “Niet de staatsstructuur, maar de gebrekkige ambitie van de Vlaamse regering is het probleem.” (foto belga)

Neen, Vera Dua denkt nog lang niet aan een rustige oude dag. Haar mandaat als voorzitter van BBL werd pas verlengd met drie jaar. “Ik zou niet kunnen leven zonder engagement, zeker voor de ecologische zaak. Dat zit zo diep ingebakken in mij. Ik leef wel anders dan toen ik politica was. De stress is weg. Het voordeel van twee onbezoldigde functies hebben, is dat je zelf je grenzen kan stellen. Ik maak bijvoorbeeld veel tijd vrij voor mijn kleinkinderen, die nu 11 en 8 zijn. Op dat vlak ben ik net op tijd gestopt met politiek. Je moet geen oma beginnen spelen als ze al 16 zijn.”

Bent u nog betrokken bij Groen?

Ik zie wel eens mensen van vroeger, maar verder niet, neen. Ik leg mezelf als voorzitter van BBL strikte deontologische regels op. Je onafhankelijkheid is heilig op die positie.

Vorig jaar zei u in Knack dat u pessimistisch gestemd bent over de toekomst van de planeet. Hoe zit dat vandaag?

Wel, ik heb de indruk dat we op een kantelpunt staan, en dat het wel eens de goede richting kan uitgaan. De klimaatconferentie van Parijs eind vorig jaar was een belangrijk momentum. Ik geloofde vooraf niet dat 195 wereldleiders zich zouden engageren om de klimaatopwarming tegen 2100 tot twee graden te beperken. Dat, én het feit dat meer en meer mensen zelf initiatieven nemen, denk aan coöperatieven voor duurzame energie, stadslandbouw, repair cafés, stemt me iets hoopvoller. Al heeft mijn optimisme door Trump wel weer een deuk gekregen.

Wat betekent zijn verkiezing tot president?

Ik geloof dat Amerika geen mooie tijd wacht, dat bijvoorbeeld racisme weer zal toenemen. Ook voor het klimaat was dinsdag een zwarte dag. (zucht) Trump gelooft niet eens in klimaatverandering. Ik vrees een nieuwe boost van fossiele brandstoffen. Anderzijds: Amerika heeft zich in Parijs geëngageerd voor vier jaar. Trump kan dat niet zomaar ongedaan maken. En misschien dat hij als bedrijfsleider toch ook realiseert dat er kansen liggen in de groene economie.

Het is niet goed dat een minister Landbouw en Leefmilieu combineert. Ik ben daarvoor afgestraft.

Deze week is in Marrakesh een nieuwe internationale klimaattop van start gegaan. Hoe belangrijk is die?

Het is een follow-up van Parijs. Ik verwacht geen spectaculaire resultaten. Men moet nu concreet uitwerken wat afgesproken is, hoe dat gemeten zal worden, hoeveel geld naar ontwikkelingslanden gaat.

Is het streefdoel om de opwarming tot twee graden te beperken voldoende?

Liefst blijft die stijging beperkt tot anderhalve graad, maar goed. De aarde zal opwarmen, dat is een feit. Nu moeten we inzetten op het veerkrachtig maken van onze samenleving daartegen. Anders zouden de gevolgen wel eens groot kunnen zijn. Als we nu bijvoorbeeld geen middelen vrijmaken om boeren in arme landen te helpen, dan zullen wij op korte termijn geconfronteerd worden met grote aantallen klimaatvluchtelingen. Dat is de uitdaging nu. Je ziet trouwens al mensen uit Afrika vertrekken omdat er geen landbouw meer mogelijk is. Die kleine boeren moeten we beter ondersteunen, ervoor zorgen dat zij de juiste gewassen kunnen telen.

In ons land lijkt de complexe staatsstructuur met maar liefst vier Milieuministers een doortastend klimaatbeleid onmogelijk te maken. Akkoord?

(blaast) Ja, het zou makkelijker zijn in een simpel land, maar dat mag de regio’s toch niet beletten om ambitieus te zijn. Het is hallucinant dat men zich jaren heeft weggestopt achter die staatsstructuur om de klimaatlusten en -lasten te verdelen. Ik denk trouwens niet dat herfederaliseren de oplossing is. Leefmilieu is nauw verbonden aan Ruimtelijke Ordening, en dat is een regionale bevoegdheid. Van het energiebeleid zouden bepaalde aspecten misschien wel weer beter federaal geregeld worden. Maar goed, niet de staatsstructuur, maar de gebrekkige ambitie, en zeker van de Vlaamse regering, dát is het probleem.

Doet Wallonië het beter?

Wallonië staat verder, bijvoorbeeld op vlak van hernieuwbare energie. Ook de landbouw is er minder intensief.

Voor de oppositie is vooral Vlaams Milieuminister Joke Schauvliege (CD&V) kop van jut, en zeker haar bosbeleid. Is dat terecht?

Dat vind ik wel, ja. Zij laat grote steken vallen. Ontbossing tegengaan en nieuwe bossen aanleggen zijn de goedkoopste manieren om het klimaatprobleem aan te pakken. Haar bilan op dat vlak is echt negatief. In Vlaanderen heb je natuurlijk een groot gevecht om elk stukje aarde, en ik vermoed dat de druk op haar vanuit de landbouwsector groot is. Men zet nog liever een paard op een vrije weide dan een boom. Die verpaarding van het platteland is echt wel een probleem.

Men zet liever een paard op een vrije weide dan een boom. Die verpaarding is echt een probleem.

In haar verdediging wijst Schauvliege steevast naar uw periode als Milieuminister (1999-2003). U hebt de bedragen voor het boscompensatiefonds verlaagd.

Ik lees dat ook, ja. Maar dat klopt niet. Voor bepaalde bossen hebben wij het bedrag verlaagd, voor andere bossen verhoogd. Omdat wij vonden dat het ene bos meer waard is dan het andere. Maar belangrijker dan de discussie over dat fonds is het weigeren van ontbossing. En dat doet zij niet genoeg. Ik heb dat wel veel gedaan, vaak tot grote woede van de aanvragers. Het probleem in Vlaanderen is de ruimtelijke ordening: veel bossen liggen in industrie- of woongebieden, en die zijn makkelijk te ontbossen. Je zou op grote schaal die bestemmingen moeten veranderen.

Waarom hebt u dat niet gedaan?

Wij hebben veel bosuitbreidingszones ruimtelijk vastgelegd. En wees gerust, dat was geen makkelijke oefening. Ook binnen de regering niet.

Net als u destijds combineert Schauvliege Landbouw en Leefmilieu. Is dat niet om problemen vragen?

Dat denk ik ook. Dat is geen goede combinatie. Ik heb haar dat ook gezegd. Een minister van Leefmilieu moet voor 200 procent het leefmilieu kunnen verdedigen. En dan moet je binnen de regering maar tot een compromis komen met de minister van Landbouw. Maar als je in je eigen hoofd al compromissen moet sluiten, komt dat niet goed. In mijn tijd was dat anders, toen was een groot deel van Landbouw nog federaal. En wat al Vlaams was, zoals het landbouwinvesteringsfonds, vond ik ideaal om te combineren. Maar na een discussie over de regionalisering kreeg ik het volledige landbouwpakket. En dat was een vergiftigd geschenk. Dat wist ik ook. Uiteindelijk ben ik daarvoor afgestraft.

Was dat ministerschap de moeilijkste periode uit uw loopbaan? Op het einde liep zelfs een collega-minister, de liberaal Jaak Gabriëls, mee in een betoging tegen u.

Neen, toch niet. Het voorzitterschap (van 2003 tot 2007, red) was zwaarder, intenser, zeker op menselijk vlak. De partij zat aan de grond toen. Ik moest als voorzitter Groen weer in het parlement krijgen en een nieuwe generatie klaarstomen. Dat is alletwee gelukt, maar dat was niet simpel. Als voorzitter moet je mensen teleurstellen, en dat viel me echt zwaar. Als je als minister in conflict komt met een liberale collega, kan je dat plaatsen.

Waarom bent u eigenlijk geen minister van Staat zoals Magda Aelvoet en Jos Geysels?

Oei, mijn verdiensten waren niet groot genoeg, zeker? (lacht luid) Neen, in dit land word je maar minister van Staat als je iets doet rond de staatshervorming. Magda en Jos hebben dat gedaan. Die erkenning was niet meer dan terecht.

“Een partij mag geen Mexicaans leger zijn”

Hendrik Vuye, onafhankelijk parlementslid en ex-N-VA, stelt in De Morgen dat de particratie verstikkend is. Heeft hij gelijk?

Ik ben als ex-voorzitter natuurlijk niet onbevooroordeeld. Kijk, ik vind het niet goed dat een partij als een Mexicaans leger is waar iedereen in het wilde weg doet en zegt wat hij wil. Ik ben misschien nogal conservatief op dat vlak. Maar ik heb geleerd dat een partij daaraan ten onder kan gaan. Een partij moet eenduidig zijn. En een parlementslid moet zich in zijn stemgedrag daarnaar schikken. Maar intern moet het debat natuurlijk wel gevoerd worden.

Wat vond u van het opstappen van Hermes Sanctorum uit Groen?

Ik vond de reden zeer bizar. Als nu één partij zich inzet voor dierenwelzijn, is het wel Groen. Ik denk dat er meer aan de hand is. Ik vind het ook een vreemde gedachte dat je als eenzaat meer kan bereiken in het parlement dan als groep.