Verborgen schatten in de Algarve

206
De wonderlijke grot van Benagil,©Eloi_Omella Getty Images
De wonderlijke grot van Benagil,©Eloi_Omella Getty Images

De Algarve kennen we allemaal als een perfecte zon- en zee-bestemming, maar de Portugese regio is veel meer dan dat. Wij gingen er op verkenning langs smokkelpaden, adembenemende kliffen, streetart en heel wat lokale lekkernijen.

Voorzichtig wandelen we langs het smalle pad. Links van ons glinstert de Guadiana, aan de overkant van het water zien we de Spaanse wachttorens. Het pad kronkelt over de heuvels, nu eens klauteren we over rotsen, dan weer struinen we langs wilde olijfbomen en verrassend goed onderhouden moestuintjes. Valter Mattias, onze gids, houdt er een fiks tempo op na. Tot hij opeens halt houdt en een mes bovenhaalt… om vervolgens een wilde asperge uit de grond te peuteren. De tijd dat smokkelaars hier hun leven waagden om goederen naar en uit Spanje te smokkelen, ligt gelukkig al lang achter ons. Het smokkelpad is echter levendiger dan ooit: Valter en de Associaçao Odiana namen het pad immers op in de GR15, de Grande Rota do Guadiana, die van Vila Real de Santo Antonio tot aan de grens met Alentejo loopt. Goed voor in totaal 78,5 km aan wandelplezier, door een verrassend veelzijdig en groen landschap waar ook nog andere langeafstandswandelroutes lopen.

Wij houden het bij een etappe en eindigen onze wandeling in Alcoutim, een charmant stadje dat gedomineerd wordt door de ruïnes van een kasteel. Hier stonden ooit zeven kanonnen gericht op Sanlucar de Guadiana, de Spaanse stad aan de overkant van de rivier. De wapens zijn al lang opgeborgen en vervangen door een 720 meter lange zipline, van Sanlucar tot in Alcoutim. Sensatie verzekerd! Wij houden het echter bij een andere specialiteit van het stadje: paling!

Zout, zee en oesters

Na de copieuze lunch trekken we naar Castro Marim, ook al een stad met een indrukwekkende kasteelruïne, dat uitkijkt op een fort, de bergen, de zee én onze volgende bestemming: de traditionele zoutpannen van Salmarim. Hier oogsten Jorge Raiado en zijn team op ambachtelijke wijze fleur du sel. De praatgrage en excentrieke Jorge neemt ons op sleeptouw door het domein, dat ook een beschermd natuurgebied is waar tal van bedreigde vogelsoorten komen broeden. Jorge stemt de zoutproductie dan ook af op het broedseizoen van de vogels. Hij toont ons enkele nesten, wijst op een heuse krabbenkolonie en legt vol enthousiasme het proces van de zoutproductie uit. En na de theorie volgt de praktijk: Jorge duwt ons een zoutschep in de handen en we mogen zelf proberen zout te oogsten. Even later houden we trots een zelfgeschepte ‘fleur du sel’-korrel vast, terwijl Jorge honderduit vertelt over samenwerkingen met chef-koks en kunstenaars. Een interessante man, én hele goede fleur du sel.

Jorge maakt de zoutpanne klaar. (foto SRA)
Jorge maakt de zoutpanne klaar. (foto SRA)

De volgende ochtend blijven we in de culinaire sfeer. We hebben een afspraak met voormalig zwemkampioene Diana Nunes, die zichzelf omgeturnd heeft tot gids en ons in Olhão meeneemt op een food tour. We starten met een wandeling door het centrum, waar een streetartist de geschiedenis van het stadje op de muren heeft geschilderd. Olhão was vroeger immers een belangrijke producent van vis-in-blik. Geen wonder dat veel mannen hier niet aan de lokroep voor de sirene konden weerstaan… De wulpse dame kreeg zelfs een heus standbeeld. Wij volgen echter een andere lokroep, die ons naar de overdekte markt leidt. Hier laat Diana ons van lokale lekkernijen proeven. Een prima voorsmaakje voor wat volgt. Diana neemt ons mee naar Culatra, het eiland voor Olhão waar je met de ferry naartoe kan. Wij nemen echter een van de snellere watertaxi’s. Culatra is een bijzondere plek, vol schattige witte huisjes, die stuk voor stuk door echte eilandbewoners bewoond zijn. Hier vind je geen hotels en geen Airbnb’s. “Alleen wie hier al woont of een directe nakomeling van een eilandbewoner is, mag hier een huis kopen. Iedereen kent hier iedereen, en van geen enkel huis zijn de deuren gesloten”, aldus Diana. Culatra is een echte vissersgemeenschap, met vissers én oesterkwekers. “Bij oesters denkt iedereen aan Frankrijk, maar ook hier worden prachtexemplaren gekweekt”, aldus Diana, die ons prompt meeneemt naar een lokale kweker waar we vergast worden op oesters en champagne. En het moet gezegd worden, de oesters smaken overheerlijk. Na al dat gesmul is het tijd om wat calorieën weg te werken. We wandelen over een verhoogd wandelpad tot aan het strand van het eiland. Onderweg is het genieten van een prachtig duinlandschap met heel wat zoutwaterplanten. “Dit is allemaal beschermd en maakt net als de lagune deel uit van het Ria Formosa Natural Park”, legt Diana uit. De wandeling sluiten we af in het plaatselijke restaurant, waar we genieten van overheerlijke dagverse vis. Een tip: zorg dat je vroeg genoeg komt, want het restaurant is populair bij toeristen én bij de plaatselijke bevolking.

Culatra is een bijzondere plek, vol schattige witte huisjes, die stuk voor stuk door echte eilandbewoners bewoond zijn

Zeven hangende valleien

Na een dagje smullen is het tijd voor het echte wandelwerk. Op het programma staat de Seven Hanging Valleys-wandeling, die vaak de mooiste wandeling van de Algarve wordt genoemd. De zeven hangende valleien ontstonden door erosie, een fenomeen dat van deze kustlijn een echt kunstwerk maakt. Wij starten aan de Praia da Marinha, een van de mooiste stranden van de Algarve. De wandeling voert langs duizelingwekkende kliffen, bijzondere rotsformaties en indrukwekkende zinkgaten. Bij de wonderlijke grot van Benagil zien we diep onder ons enkele zeekajakkers het strand in de grot verkennen. En zelf nemen we wat verder een verborgen trap, uitgehouwen in een tunnel in een klif, naar Praia do Carvalho, een geheim strandje dat ooit het privé-eigendom was van een zekere kapitein Carvalho. Een kapitein die niet vies was van een feestje, want in de klif is er ook een ruimte uitgehouwen waar vroeger een orkest in plaats kon nemen!

We wandelen verder tot aan de vuurtoren van Alfanzina, waar we na een kleine zes kilometer rechtsomkeer maken. De wandeling is trouwens best wel makkelijk, maar niet geschikt voor wie minder goed te been is of met een kinderwagen op pad is. We belonen onszelf toch met een cataplana, een visstoofpot én de signature dish van de Algarve.

We sluiten onze reis af met een tripje naar Monchique, zeg maar het Spa van de Algarve. Het prachtige stadje met veel 18de en 19de eeuwse huizen is bekend voor zijn bron en de bijhorende wellnessfaciliteiten. Al zullen wielerliefhebbers het misschien nog beter kennen van de Foia, de hoogste top van de provincie en een vast element in de Ronde van de Algarve. Terwijl een plaatselijke restauranthouder wat verder zijn bestelwagen vult met gratis water van de bron, genieten wij nog een keer van het prachtige uitzicht op de Algarve.

Leuke tips

-Wie wil wandelen in de Algarve, komt best in de lente of de herfst. In de zomermaanden lopen de temperaturen gemakkelijk op tot 40° Celsius en meer, niet echt gezond wandelweer dus.

-Wie wat cultuur wil opsnuiven, kan dat in Silves, met een indrukwekkend kasteel en dito historisch centrum. Ook het historische centrum van Faro is zeker de moeite waard.

-Wie houdt van prachtige zonsondergangen, komt in de Algarve aan zijn trekken. Wij zagen prachtige zonsondergangen in Cacela Velha, bij het kerkje én bij het strand van Ferragudo.

-Wij logeerden in AP Cabanas Beach & Nature in Tavira en Vale d’Oliveiras Quinta Resort & Spa in Lagoa, twee resorts met prachtige zwembaden.

– De food tour maakten we met Portugal 4 U, www.pt4u.pt.