Vrijdag 1 juli, om kwart over vijf in de namiddag, wandelen Mathieu Terryn, Simon Nuytten en Oliver Symons de eindeloze mensenzee tegemoet die ook wel eens Rock Werchter wordt genoemd. “Onze show van het jaar”, beweren ze in koor. Al is ook de rest van 2022 behoorlijk ‘grand cru’ voor Bazart.

Hoog boven het populaire Flamingoplein van de Antwerpse Zoo, in een pracht van een vergaderzaal die de Bugatti Room gedoopt werd (naar de Italiaanse beeldhouwer Rembrandt Bugatti, niet naar de autobouwer), staren Mathieu, Simon, Oliver en ikzelf naar het wel zeer imposante decor vol sculpturen en fantasierijke 8lambriseringen. Beneden horen we dolenthousiaste kinderen joelen en heel even stel ik me voor dat ik een rockster ben die het raam opent en zijn grootste hit te berde brengt voor een schare uitzinnige fans. Ik zal echter nooit te weten komen hoe dat voelt, mijn drie interviewees daarentegen wel. Komende vrijdag staat Bazart op het hoofdpodium van Rock Werchter, een nieuwe mijlpaal in het leven van de drie beste vrienden. “Dit staat toch bovenaan de bucketlist”, lacht Mathieu. “In 2018 mochten we al eens op het hoofdpodium van Pukkelpop spelen, maar Rock Werchter is toch nog dat tikkeltje specialer, vooral omdat we daar vroeger al met ons drieën naartoe gingen als muziekfans. Werchter heeft ook letterlijk een van de grootste mainstages ter wereld. Dat podium is absurd groot. En er zullen vast heel wat metalfans staan die op Metallica wachten. Hopelijk zullen ze ook voor ons lief zijn.” (lacht)

Het is niet jullie eerste keer op Rock Werchter, maar wel de eerste keer op het hoofdpodium. Hoe zenuwachtig zijn jullie?

Oliver: “Dat valt best mee. Ik denk dat we op het moment dat we het podium opstappen iets zenuwachtiger zullen zijn dan voor een ‘normale’ show. Maar noem het een gezonde spanning. Daar zullen tienduizenden mensen staan, als ze al naar ons komen kijken natuurlijk. Kwart over vijf is op zich wel een prima uur. De meeste festival8gangers zijn op dat uur wel uit hun tentje gekropen en hebben weer zin in een nieuwe avond vol muziek. In ieder geval zullen wij de show van ons leven moeten spelen. Maar dat lukt wel. We zitten in een goed ritme met de band, dankzij de voorbije optredens.”

Hoe gaat het er eigenlijk aan toe in de backstage van zo’n festival? Is dat minder spannend dan wij, gewone stervelingen, ons wel eens voorstellen?

Mathieu: “Oh absoluut! Ik denk dat het veel braver is dan de seks, drugs en rock-’n-roll die sommige mensen zich voorstellen. Vooral voor een optreden is het een en al concentratie, na een optreden is de sfeer veel losser. Ik weet nog dat wij een paar jaar geleden voetbal keken in de backstage en plots kwam Flea van de Red Hot Chili Peppers naast ons staan om een babbeltje te slaan over voetbal. Dat is natuurlijk wel bijzonder. Maar ook als er veel Belgische bands optreden, is het heel leuk op zo’n festival. De Belgische acts hokken graag samen.”

Hoe ziet de rest van jullie zomer eruit? Eindelijk weer een drukke festivalzomer?

Simon: “Ik denk dat we zo’n vijftien optredens op de planning hebben staan in de zomermaanden. Voor ons is dat best veel. Voor corona speelden we in de zomer maar 8enkele festivals, omdat er vaak exclusiviteit werd gevraagd. Zo kun je bijvoorbeeld niet in dezelfde zomer op Rock Werchter en Pukkelpop staan. Maar dit jaar zijn er plots heel wat nieuwe festivals. Zo was er laatst Live is Live in Zeebrugge. En Moen Feest bijvoorbeeld, waar het publiek er toch ook heel veel zin in had. Het voelt in ieder geval weer aan als een normaal jaar.”

Heeft corona een flink litteken achtergelaten? Jullie zaten op het hoogtepunt van jullie populariteit toen er een pandemie uitbrak.

Mathieu: “Nee, ik zou het geen litteken noemen. We hebben die tijd gebruikt om een nieuwe plaat te maken. Die plaat hebben we natuurlijk niet kunnen voorstellen op de festivals, wat erg jammer was. Maar de pandemie is nu achter de rug en het heeft weinig zin om daar nog veel energie in te steken. Wij kijken vooral uit naar de knaldrang bij het publiek. Uiteraard waren het financieel twee rampjaren voor de band, maar ook daarover wil ik niet zielig doen.”

Jullie treden deze zomer geregeld op in Nederland. Hebben jullie onze noorderburen al veroverd?

Oliver: “Veroverd zou ik niet zeggen, maar we komen er graag en we willen er groeien. Dat heeft natuurlijk tijd nodig en om een nieuw land te veroveren, moet je daar ook tijd en energie in 8investeren. Maar het is wel een markt met potentieel. We zijn er zeker nog geen gevestigde waarde, maar we werken er wel aan.”

Mathieu: “We stonden laatst op een festival in Nederland en hadden na ons optreden nog een superleuke dag op de festivalwei. Op een Belgisch festival kunnen we dat niet meer doen, dan zouden we te vaak aangeklampt worden. Maar daar konden we nog heerlijk onnozel doen. We willen er dus eigenlijk voor zorgen dat dat ook niet meer kan in Nederland. (lacht) Of dat gaat lukken, weten we niet. Het is toch een andere markt dan de Vlaamse en er zijn niet veel Belgische bands die het er ver schoppen. Andersom wel, ik denk dat Vlaanderen veel ontvankelijker is voor muziek uit Nederland dan vice versa.”

Jullie laatste plaat is nu een jaar oud, denken jullie al aan nieuwe muziek?

Simon: “We hebben daar zeker al aan gedacht en ook wat pogingen gewaagd, maar we merken dat de tijd nog niet rijp is. We zijn met drie, we schrijven met drie, en het is niet altijd evident om daar met drie tijd voor te maken. Want het is tijdrovend als je iets wil maken dat op niveau is. Toch merken we de vraag naar nieuw materiaal vanuit het publiek. Dat is toch een markante verandering in het muzieklandschap: de Spotifygeneratie wordt verwend en verslindt muziek. En verwacht dus ook voortdurend nieuw materiaal. Niet meteen een heel album, maar toch geregeld een nieuw nummer. Dat zorgt wel voor extra druk op groepen, je moet dan altijd blijven creëren. Terwijl wij liever van album naar album werken.”

Volgens Wikipedia bestaan jullie ondertussen tien jaar. Hoe blikken jullie daarop terug? Staan jullie waar jullie hoopten te staan?

Mathieu: “Tien jaar? Nee, ik geloof niet dat dat klopt. Of wel?”

Simon: “Ik weet het ook niet meer precies. Er was al een Bazart voordat deze Bazart bestond. In ieder geval was onze eerste ep uit in 2015. Dat lijkt me zowat het beginjaar voor Bazart. Dus in 2025 zullen we wel iets speciaals moeten doen voor ons tienjarige jubileum.”

Oliver: “In ieder geval staan we veel verder dan we ooit hadden durven te dromen. Zeven jaar geleden had ik nooit gedacht dat wij Sportpaleizen zouden vullen en op het hoofdpodium van Rock Werchter zouden staan. Dat waren toen onze stoutste dromen. Maar plots vielen alle puzzelstukjes in elkaar. We vulden een gat in de markt, zo leek het. En ik vind het al zot dat we dat tot op de dag van vandaag blijven doen.”

Mathieu: “Ik hoop dat we over tien jaar nog altijd hetzelfde kunnen zeggen. Veel groter hoeft het niet te worden, al zou ik Nederland wel graag veroveren. En Zuid-Afrika misschien ook een keertje.”

Over Zuid-Afrika gesproken: als ik me niet vergis, houden jullie alle drie enorm van reizen. Zit er deze zomer veel vakantie in?

Mathieu: “Er zit wel wat vakantie in, ja. Dat komt omdat we altijd in België of Nederland spelen, en vaak in het weekend. Dus dat biedt wel mogelijkheden tot korte tripjes tussen de optredens door. Ik heb plannen om naar Italië te gaan en naar Zweden met de boot. En in september gaan we met ons allen naar Portugal.”

Oliver: “Ik reis heel graag en probeer samen met mijn vrouw alle landen in Centraal-Afrika af te vinken. Dat doen we dan wel in de winter, 8wanneer we wat meer tijd hebben en het daar ook lekker weer is. Dit keer willen we met de terreinwagen van Oeganda naar Kenia rijden.”

Mathieu: “Mijn vrouw (Marie Wynants, red.) werkt als fotografe vaak in het buitenland, en als ik de kans krijg, ga ik mee. Het is misschien wat vreemd om te zeggen, maar ik denk dat reizen echt een hobby is geworden. En Italië is een van mijn favoriete bestemmingen. Ik ben een grote foodie, dus zot van Italië. Maar ook Amsterdam heb ik laatst herontdekt. Als je daar de leuke plekken weet, is het een ongelooflijk coole stad.”

Simon: “Mijn vriendin is half Marokkaans en haar ouders wonen niet ver van Tanger. Daar gaan we dus wel eens heen. En nu willen we een roadtrip maken door Marokko, naar Fès, Casablanca, Marrakech… Sowieso hou ik wel van reizen. Het ging net over Zuid-Afrika, dat is echt een fantastisch mooie bestemming.”

Interessante reizen en fijne optredens om naar uit te kijken. Het leven is mooi, nietwaar? Oliver, jij hebt bovendien begin dit jaar een kindje gekregen. Mathieu, jij bent vorig jaar getrouwd. Plots gaat het snel.

Oliver: “Ik heb wel het geluk dat het een heel makkelijk kind is. (lacht) Maar natuurlijk verandert je leven, al is het alleen maar een goede verandering. Ik heb ook niet het gevoel dat ik iets moet missen of iets moet opgeven.”

Mathieu: “Ik denk dat de mentaliteit bij ons allemaal wel veranderd is de afgelopen tijd. Onze apenjaren liggen duidelijk achter ons. Vroeger gingen we met ons drieën naar feestjes, nu gaan we naar babyborrels.  Er zijn wat minder feestjes en wat meer etentjes. Ik vind dat een leuke 8evolutie.”

tekst Sebastiaan Bedaux | beeld Damon De Backer