Column van Lara Taveirne: “De tijd van mijn leven”

144

Elke maand geven we een interessante v/m/x. ’Het Laatste woord’. Deze keer is dat Lara Taveirne.

“Iedereen heeft een mooiste dag. Voor mij is dat de dag dat mijn man en ik, piepjong, een bouwvallig dijkhuisje in bruikleen kregen. Het was helemaal overwoekerd en het had een angstaanjagend scheef dak. Weken waren we bezig om alle rotzooi eruit weg te halen, de sporen van jaren leegstand.

Achter onze rug sloten vrienden weddenschappen af: hoe lang zouden we het volhouden? Het regende binnen, er was geen wc en geen stromend water, maar wel een baby op komst, een kind dat in een nacht met krakende vriestemperaturen ter wereld kwam.

We wasten het met grondwater dat we opwarmden in een grote pot op de kachel. Voor we het wisten, kwam er een tweede kindje. Gelukkig paste ze erbij in de zinken teil.

Luxe was een woord dat we alleen kenden uit het glossy magazine dat wekelijks samen met de weekendkrant in de bus viel en dat we lazen in de boomgaard, pokend in het vuur, terwijl de kinderen in hun bemodderde skipakken spruiten oogstten.

In die bladen werd een strenge grens getrokken tussen wat hip en wat passé is. Wij vielen onherroepelijk aan de kant van de verleden tijd. Onze leefstijl, mijn kapsel, zelfs de manier waarop we koffie zetten was achterhaald (om drie jaar later weer helemaal flitsend te zijn!)

Luxe werd voorgesteld als een strak interieur vol design hebbedingen.

We werden attent gemaakt op restaurants waar de praatjes de duurste ingrediënten in huis waren.

En ze wilden iedereen zo gauw mogelijk aan de verbouwing krijgen, waarbij duurzaam en lelijk weleens van plaats werden verwisseld.

We legden onze appelvoorraad te drogen op die smaakvolle magazines en zwoeren trouw aan onze eigen definitie van luxe. Die waarin we in ons samengeraapte interieur konden doen wat we in dit bestaan weleens vergeten te doen: leven.

Omdat we niet zo nodig een broodkneedmachine, een marmeren kookeiland en een verwarmde, gepolierde betonvloer wilden, kon ik tijd kopen om bij de kinderen te zijn. Daardoor hoefden ze niet spurtend groot te worden om hun plek in de crèche op te eisen. Ze hoefden niet in drie haasten van de borst op de fles over te schakelen. En zindelijkheid bleek in een leven dat zich grotendeels buiten afspeelde een zeer rekbaar begrip.

We leefden in de verlengingen van de speeltijd. En als de huisbaas het huis vorig jaar niet had verkocht, dan zaten we daar nog: onder dat scheve dak, ons meest kostbaarste goed te tellen, schaars en moeilijk te ontginnen: tijd.”

Lara Taveirne is auteur. Onlangs verscheen haar laatste roman ‘Pluto, aan het einde van de weg rechtdoor’ (uitgeverij Prometheus).