Foodies weten het al langer: het fermenteren van voedsel – de eeuwenoude techniek om voedsel langer te bewaren – is helemaal terug. Behalve dat je er nieuwe smaken mee kunt ontwikkelen, is gefermenteerd voedsel ook nog eens gezond én makkelijk zelf te realiseren.

Fermenteren van voedsel is zo oud als de mensheid. Grote kans dat jouw overgrootouders er ook geregeld beroep op deden. En nog altijd eten we met veel plezier gefermenteerde producten, alleen beseffen we het niet altijd. Yoghurt, kaas, bier en brood zijn allemaal voorbeelden van gefermenteerde voedingswaren.

Hoewel verschillende volkeren al generaties lang gebruik maken van fermentatie, wordt het conserveringsproces herontdekt in het Westen. Online lijkt er meer aandacht te zijn voor fermentatie. Logisch, want het is een laagdrempelige én leuke manier om voedsel te bewaren.

Maar wat is fermentatie eigenlijk?

Fermentatie is een proces waarbij je eten gecontroleerd laat bederven. Groenten die vorige week bleven liggen, kun je zo een tweede leven geven. Fermentatie is een duurzame, milieuvriendelijke manier om eten te bewaren. Je hebt enkel een glazen weckpot, zout en water nodig. Bovendien is duurzaamheid niet het enige voordeel van fermentatie.

Tijdens het conserveringsproces creëer je nieuwe smaken en ontstaan er goede, gezonde bacteriën, namelijk probiotica. Dit zijn bacteriën die je darmen een boost geven. Ze ondersteunen de darmflora en je immuunsysteem. Zo ben je beter beschermd tegen ziektes.

Bij het fermentatieproces maak je gebruik van micro-organismen zoals bacteriën en schimmels. Dat klinkt naar, maar het proces is hartstikke veilig. Deze organismen creëren nieuwe smaken en stoffen die het eten langer houdbaar maken.

Fermenteren kun je leren

Voedingswaren fermenteren is verre van moeilijk. Je kunt thuis gemakkelijk beginnen met verschillende soorten groenten. Kool, wortel en komkommer kun je in een handomdraai fermenteren. Het gemakkelijkste is misschien om te beginnen met komkommers, omdat ze de smaak en structuur zullen krijgen van augurken.

Benodigdheden:

  • 1 grote weckpot
  • 500 gram (snoep)komkommers
  • 500 ml water
  • 15 gram zout
  • Een grote kom

Je kunt de komkommers in partjes snijden, maar als je snoepkomkommers hebt, hoef je deze niet te snijden. Doe zoveel mogelijk komkommers in je pot. Je mag de komkommers zeker aandrukken om er zoveel mogelijk in de glazen pot te krijgen. Los vervolgens het zout op in het water en vul hiermee de pot. Let er hierbij op dat het water tot ongeveer 2-3 cm onder de rand van de pot blijft. Dit is belangrijk, omdat er gassen ontstaan. Mocht je niet voldoende water hebben, dan kun je altijd zoutwater toevoegen. Een vuistregel hiervoor is ongeveer 15 gram zout per liter water.

Voordat je de pot luchtdicht afsluit, is het belangrijk om te controleren of de komkommers ook daadwerkelijk onder water staan en of ze niet naar bovendrijven. Als dat het geval is, dan kun je een gewicht op de komkommers plaatsen zodat ze onder water blijven. Je kunt bijvoorbeeld een zakje met zout als gewicht gebruiken om de komkommers onder water te houden.

Sluit de pot luchtdicht af en laat deze een week op kamertemperatuur staan. Plaats de pot ook niet in het zonlicht, maar op een donker plekje. Na een week kun je proeven of je al tevreden bent met de smaak, zo niet dan laat je ze nog even langer fermenteren. Eens je tevreden bent met de smaak kun je de pot verplaatsen naar de koelkast. Zo vertraag je het proces en blijft de gewenste smaak langer behouden. Komkommers zijn drie maanden houdbaar in de koelkast, maar het veiliger is om ze binnen een week op te eten. Zodra je ze begint te gebruiken, komt er immers ook weer lucht in de pot.

Tip!

Ga tijdens het fermenteren altijd hygiënisch te werk. Was je handen, was de groenten en verzeker jezelf van een steriele pot door deze even in kokend water te houden voordat je ermee aan de slag gaat.

Veel succes!

Tekst: Yvonne Kuiken