De wereld in je kleerkast

479

De wereld is een dorp geworden. Dat merk je ook in de mode. Prints uit Afrika en India, kimono’s uit Japan, poncho’s uit Mexico, slippers uit Brazilië en hoeden uit Panama: met één zomerlook sla je onbewust de brug tussen verschillende continenten.

Tie&dye en batik prints

De zomermode flirt met seventies’ invloeden, getuige de vele tie&dye prints, de revival van de espadrille en de tassen en accessoires in vlechtwerk van hennep of stro. Artisanale technieken van over de hele wereld krijgen vorm in hybride looks tussen west en oost, tussen noord en zuid.

Gemakkelijkheidshalve worden exotisch ogende prints onder één noemer geplaatst niettegenstaande ze het resultaat zijn van verschillende technieken. Tie&dye prints zijn motieven die bekomen worden door stoffen te knopen, te vouwen, vast te binden of te stikken en ze daarna te verven. Waar de knopen of de vouwen zitten, ontstaan wazige motieven die er, afhankelijk van de techniek, telkens anders uitzien.

Afrikaans ogende batikmotieven zijn al een tijdje in zwang.

En toch is niets wat het lijkt: de kleurige gewaden die zo populair zijn in Afrika en die ook door Westerse ontwerpers opgepikt worden, komen oorspronkelijk uit Java. De motieven werden oorspronkelijk bekomen door artisanale waxtechnieken. Ze werden in de negentiende eeuw door de Nederlanders op grote schaal geproduceerd, vandaar de naam ‘Dutch wax’, waarvan het Nederlandse bedrijf Vlisco dé referentie is en nog altijd stoffen exporteert naar Afrika.

Van strohoeden tot teenslippers

Vooral in de zomer zien we veel “exotische” invloeden in de mode.

Denk maar aan teenslippers, het populaire zomerschoeisel dat je in alle mogelijke uitvoeringen en prijzen kan kopen. Een van de bekendste merken van teenslippers is Havaianas dat dit jaar exact 60 jaar bestaat. De naam van het Braziliaanse merk verwijst naar Hawaï, wat toen een populaire vakantiebestemming was voor de Brazilianen.

De Braziliaanse stichters van het merk haalden de mosterd uit Japan. Tijdens hun reis door Japan ontdekten ze de Zori-sandaal, een teenslipper uit rijststro die de voeten koel houdt, en die stevig én goedkoop is. Ze besloten een model op de markt te brengen in rubber dat beter geschikt was voor het vochtige klimaat en kustleven in Brazilië. Het rubberen voetbed met een reliëf in de vorm van een rijstkorrel verwijst nog naar de Japanse roots van deze teenslipper.

De kleurrijke Havaianas waren een instant succes bij alle lagen van de bevolking en hebben ondertussen de hele wereld veroverd. Ook de espadrille is en blijft sterk aanwezig in het modebeeld. Dit zomerse schoeisel leent zijn naam aan de ‘esparto’, een mediterrane grassoort waarvan de zool van de espadrille oorspronkelijk gemaakt is.

De espadrille werd aanvankelijk gedragen door landarbeiders in de Pyreneeën en brak pas door als vrijetijdsschoen in de tweede helft van vorige eeuw toen celebs zoals Salvador Dali en Pablo Picasso tijdens hun vakantie gespot werden met het eenvoudige schoeisel. Niemand minder dan Yves Saint Laurent tilde de espadrille letterlijk en figuurlijk naar een hoger niveau door een exemplaar met sleehak te ontwerpen. Dit model is ondertussen een vaste waarde geworden in het schoenenaanbod.

Een ander typisch zomeritem is de Panamahoed, die zijn oorsprong kent in Ecuador en die genoemd is naar de haven van waaruit de hoeden vanaf de 18de eeuw verscheept werden naar Europa en de Verenigde Staten. De echte Panamahoeden zijn gemaakt van toquilla stro. Hoe fijner het vlechtwerk, hoe soepeler en vormvaster de hoed. Je vindt de strohoed nu in alle mogelijke prijsklassen, van the real thing, dat een echt investment piece is tot de toeristenhoed.

Van inspiratie tot culturele toe-eigening

Verre reizen hebben kunstenaars en ontwerpers altijd al geïnspireerd. Noem het een vorm van escapisme dat zich in de mode manifesteert in exotische prints, maar ook in vrije interpretaties van traditionele klederdrachten uit andere contreien.

De laatste jaren wordt met argusogen gekeken naar dergelijke inspiraties die meestal een goedbedoelde blijk zijn van culturele waardering en interesse maar die soms beschouwd worden als culturele toe-eigening’.

Een typisch voorbeeld hiervan zijn luxemerken die elementen van primitieve stammen in hun collectie overnemen en er fortuinen mee verdienen, terwijl hun ‘inspiratiebron’ in pure armoede leeft.

Een ander voorbeeld is het gebruik van religieuze symbolen uit andere culturen die als bedrukking of accessoire uit hun context gerukt worden, wat als heiligschennis kan overkomen. Dat het doorgaans gaat om een dominante cultuur die zich elementen uit minderheidsculturen toe-eigent, roept meteen een koloniaal gevoel op.

De grens tussen inspiratie en culturele toe-eigening is soms flinterdun. In de huidige woke tijden waar elk signaal verkeerd kan geïnterpreteerd worden, is het vaak op eieren lopen in designermiddens, wat soms een rem zet op de grenzeloze creativiteit. Voortschrijdend inzicht in deze gevoelige materie en interculturele samenwerkingen kunnen dit spanningsveld evenwel ontmijnen.

tekst Lut Clincke

1. Foto boven: uitwaaierende halterjurk met tie&dye print van Julia June € 339 juliajune.com

2. Jurk met kimonomouwen, van Max Mara € 435 maxmara.com

3. Limited-Edition raffia ‘Born To Love’-tassen van Scotch & Soda x Studio 189 – € 149,95 – scotch-soda.com & studiooneeightynine.com

4. Creaties van Christine Bekaert, gemaakt volgens de Indische traditie – prijs op aanvraag – christinebekaert.com

5. Djellaba op de catwalk, van Marni prijs op aanvraag marni.com

6. Outfit in safaristijl, raffiahoed incluis, van Elisabetta Franchi – jurk € 694 – hoed € 278 – elisabettafranchi.com

 

7. Totaallook in het teken van het Chinese jaar van de tijger, van Marni – prijs op aanvraag – marni.com

 

8. Iconische Tabi-laars, een ontwerp van Martin Margiela, geïnspireerd op de Japanse Tabi-sok – € 880 – maisonmargiela.com

 

9. Regenponcho van Oof – regenponcho € 186 – hoed € 86 euro – tas € 65 – oofwear.com