Wie denkt aan Egypte, visualiseert zich kamelen in de woestijn, piramides, faraotombes en…. een all-inhotel. Laat dat nu ook eigenlijk een korte samenvatting zijn van onze reis, al is er wel meer nuance op zijn plaats dan je eerst zou denken. Spoiler alert: tal van superlatieven komen aan bod om deze ervaring te beschrijven. Eens ik enthousiast ben, komen die nogal snel boven water. En enthousiast was ik zeker.
Ik zette slechts tweemaal in mijn leven een voet binnen in een all-inhotel, toen ik nog niet oud genoeg was om van de ongelimiteerde cocktails te genieten. Ik ben dus heel benieuwd hoe het me nu op 29-jarige leeftijd zou bevallen, in het Xanadu Makadi Bay-resort. Eerlijk? Al bij aankomst ben ik meteen verkocht, want na een vermoeiende vliegreis kunnen we om 23 uur ‘s avonds nog aanschuiven aan een (beperkter) buffet als late dinner. Je kunt op deze plek op zo goed als elk moment van de dag wel ergens je bord vullen. Ook de hotelkamer en andere faciliteiten voldoen aan al onze wensen en noden, het eerste punt op de scorekaart is dus al binnen.

Symboliek en surrealisme
Lang kunnen we niet relaxen in ons logement, want na een zeer korte nacht sleurt de wekker ons om 4 uur ’s ochtends al uit onze vredige slaap. Een daguitstap naar Luxor zou de ideale introductie tot de Egyptische cultuur vormen. En dat is het ook. We bezoeken het tempelcomplex van Karnak, onder meer bekend van de imposante zuilenhal. Wat voelde ik me klein en onbelangrijk, onder de 22-metershoge zuilen en naast kleurrijke en griezelig gedetailleerde hiërogliefen die ruim 3.000 jaar geleden in de stenen werden vereeuwigd. De ‘tekeningen’ vertellen ons hoe de Egyptenaren in die tijd dachten, wat ze belangrijk vonden, hoe ze de dingen zagen. Elk symbool heeft een specifieke betekenis, en die wordt nog steeds overgedragen. “Een dikke buik was een teken van rijkdom”, vertelt onze gids. Die zal ik onthouden.

Na een tochtje op de Nijl nemen we ook een kijkje in de Vallei des Konings. Omdat piramides bouwen best een intensief werkje was, besloten de Egyptenaren op een bepaald moment om graftombes in de bergen te maken. Lichtjes claustrofobisch, maar wel heel hard de moeite om te zien. Ook de waarschijnlijk bekendste farao uit de geschiedenis, Toetanchamon, ligt hier nog steeds opgebaard. Spoiler: zijn masker ziet er beter uit dan zijn gemummificeerd lichaam.
“Een dikke buik was een teken van rijkdom, vertelt onze gids. Die zal ik onthouden”
Al blijf ik het zelf een beetje surreëel vinden dat we echt omringd worden door prachtige bouwwerken, indrukwekkende artefacten en dus ook menselijke overblijfselen van duizenden jaren geleden. Wanneer we over de drie kilometer lange weg – met om de twee meter aan beide kanten een sfinxbeeld – wandelen, kan ik niet anders dan beseffen dat we als moderne mens eigenlijk echt lui zijn geworden. Want dit, dit maken we gewoon niet meer.

Deze boeiende dag sluiten we af met een gezellige avond in de rooftopbar van het hotel. Hoewel minder idyllisch dan de tempels, kunnen we hier ook wel echt van genieten.
Trauma’s in de woestijn
Dag twee start in horizontale positie in de zon, zoals het een echte all-inner betaamd. En toch: we pauzeren onze ontspansessie aan het zwembad kortstondig en trekken de Egyptische woestijn in voor een heuse quadsafari. Hoe graag ik het ook anders had gezien, ik ben geboren met maar weinig avontuurlijke botten in mijn lijf. Gooi daar een traumatische quadervaring in Athene bovenop, en je hebt een schrik voor het leven vast. Daar sta je dan… Maar na de bemoedigende woorden van mijn reisgenoten – “Ge gaat er spijt van hebben als je het niet doet!” – neemt mijn FOMO (de angst om iets te missen, red.) de bovenhand en installeer ik mij alsnog op de robuuste vierwieler.

Met gespannen spieren, geklemde handen en gefocuste blik laten we het zand opwaaien en rijden we tot er enkel nog woestijnduinen rondom ons te zien zijn. Toegeven, het is een niet te missen ervaring, zelfs voor de angsthazen zoals ik. We worden getrakteerd op fenomenale vergezichten op de Rode Zee. Die rotsige afdalingen en spierpijn aan onze billen door het hobbelige parcours nemen we er wel bij. En mijn reisgenoten hadden gelijk: ik zou écht spijt gehad hebben als ik had gepast voor dit uitstapje. Al smaakte die eerste gin-tonic terug op vaste grond in het hotel wel extra goed.
Praktisch
We maakten deze reis op uitnodiging van Corendon, ter gelegenheid van de 25ste verjaardag van de reisorganisatie.
www.corendon.be
Xanadu Makadi Bay. (foto PS)
Corendon vliegt vijf keer per week rechtstreeks van Brussel naar Hurghada. De vlucht duurt ongeveer vijf uur.
Temperatuurgewijs is de herfst, winter of vroege lente de beste periode om Egypte te bezoeken. In de zomermaanden stijgt het kwik al snel tot 40 à 50 graden in de schaduw.
De excursies kan je ter plaatse boeken.
Tijd voor een streepje stadsgevoel, vinden we zelf. Onze gids neemt ons de volgende dag mee naar Hurghada, één van de bekendste badsteden in de regio. Leuk stadje met gekleurde huisjes en geurende (vis)markten, maar van authenticiteit blijft er helaas niet veel meer over. Hurghada werd eind vorige eeuw door investeerders stevig opgesmukt om toeristen te lokken. We bezoeken de Al Mina-moskee, waar we bijleren over de traditionele (en religieuze) waarden en normen die hier nog zeer hoog in het vaandel worden gedragen. Tot slot mogen we ook hier weer de voetjes aan tafel schuiven. Over het eten in deze streek trouwens niks dan lof. Elke dag opnieuw krijgen we vrolijke bordjes vol gegrild vlees, kruidig plaatbrood, tajines met groenten en verse hummus voor onze neus, daarvoor alleen al zou ik terugkeren.

Paradijselijke onderwaterwereld
Onze laatste dag vertoeven we op zee. Elke waterrat weet dat Hurghada het walhalla is voor duikers en snorkelaars, dus die kans mogen we niet laten liggen. Onze piratenboot brengt ons eerst naar Orange Bay, een op toeristen gericht eilandje waar we ons even kunnen wentelen in de tropische sfeer die er hangt. Met de tenen in het zand en hangend in een verrassend comfortabele zitzak aanschouwen we talloze vakantiegangers die Instagramwaardige foto’s proberen te nemen op de zorgvuldig geplaatste schommel midden in de zee. Ah Egypte, het blijft een dankbare plek om het thuisfront jaloers te maken met zonnige clichébeelden.
Na de rust, tijd voor actie. Zwemvliezen aan onze voeten, snorkelbrillen op ons hoofd. We drijven boven de prachtige onderwaterwereld. Zo eentje waar ik al van droom sinds die ene Kleine Zeemeermin-obsessie. We drijven boven het kleurrijke koraal en al minstens even kleurrijke vissen. Dit is nog maar mijn tweede snorkelbeurt, dus ik prijs mezelf gelukkig dat het meteen een hoogvlieger is. Het is soms triest om te zien dat het koraal op sommige plaatsen al is afgestorven, voorzichtigheid is dus zeker de boodschap. Wie het nog avontuurlijker wil, kan hier ook diepzeeduiken. Zelfs voor beginners is het al serieus de moeite, twee van mijn reisgenoten hebben het alvast uitgetest.

Luilekkerleven
Met een zoute nasmaak op onze lippen dineren we die avond in een ander all-inhotel in de buurt, ook uit de portefeuille van Corendon. Het Meraki Resort is een adults only hotel, zeker een aanrader voor wie fan is van een iets rustigere sfeer. We eten er heerlijk en kunnen genieten van een zonsondergang uit de boekskes. Een oranje-roze gloed die de horizon kleurt, het gekir van spelende locals op de achtergrond en de warme zeebries bezorgen ons een soort van vroegtijdige heimwee, zo eentje die wel vaker komt opduiken op de laatste avond van een mooie vakantie.
De laatste dag van onze reis kunnen we doorbrengen in de stijl die de oprichters van het allereerste all-inhotel wellicht in gedachten hadden. Opstaan, rijkelijk ontbijten, ligstoel aan het zwembad inpalmen en – vanaf het sociaal acceptabel lijkt – een eerste cocktail bestellen. Het luilekkerleven kan soms echt schoon zijn…. (Phebe Somers)
