Het is een understatement te zeggen dat Ecolo een omstreden partij is in Vlaanderen. Georges Gilkinet, de vicepremier van de Franstalige groenen, betreurt dat imago en wil dat veranderen. Vandaar dit gesprek. Zonder taboes. Over de delicate koolstoftaks en de even delicate kilometerheffing, over bier en basket, over België en Europa, over zijn relatie met N-VA en veel meer.

(foto’s Christophe De Muynck)

Het is donderdagavond in het station Brussel-Noord. Ik arriveer stipt op tijd met de trein uit Brugge. “Sinds ik bevoegd ben, komt er geen enkele trein te laat”, knipoogt Georges Gilkinet. Het is een goedgemutste minister die me ontvangt in de gerenoveerde hal. De 49-jarige Namenaar wil zich niet verstoppen voor Vlaamse media. Dat is een verschil met vroegere Franstalige excellenties. “Ik wil minister zijn van álle Belgen”, benadrukt hij. Hij staat erop het interview in het Nederlands te doen. “U moet mij wel vergeven dat het niet altijd perfect zal zijn.”

Gilkinet is de man die het spoor weer aantrekkelijk moet maken. Nóg aantrekkelijker, corrigeert hij. “Ik neem graag de trein. Wat werken, kranten lezen, naar buiten staren, mensen ontmoeten: mooi toch. Het is bovendien veilig en milieuvriendelijk. Ik vind het spijtig dat dat niet meer elke dag lukt. Ik heb nu een chauffeur. Vreemd, hè. Zeker voor een ecologist. Maar bon , dat is het lot van een vicepremier. Los daarvan: er zijn ook problemen. Die wil ik aanpakken.”

Een retour Brugge-Brussel kost 28,60 euro. Is dat niet hét probleem?

( blaast ) Vindt u dat echt zó duur? Vergelijk dat eens met de wagen. U moet alle kosten in rekening brengen, hè: brandstof, slijtage, verzekering en parking. Er zijn bovendien goedkope rittenkaarten én kortingen voor doelgroepen. Er is ook het comfort. U kan na het werk een pintje drinken met de collega’s. Dat kan niet als u met de wagen bent.

Mag dat op de trein?

Waarom niet? Ik ben niet van plan alcoholcontroles in te voeren. Dat is trouwens mijn bevoegdheid niet. ( lacht ) Maar oké, voor wie geen korting heeft, is de trein niet goedkoop. Akkoord. We werken aan een plan om de tickets goedkoper te maken in de daluren.

Komt er ook een tweede gratis railpass?

Laat ons eerst de evaluatie van de eerste maken. Eén op de drie Belgen heeft die aangevraagd. Dat is positief. Veel mensen hebben de trein ontdekt of herontdekt. We zullen in april weten hoeveel mensen de ritten echt gebruikt hebben. Dan kunnen we dat samen met de NMBS grondig evalueren. Pas daarna kan ik zeggen of dat een vervolg moet krijgen.

Georges Gilkinet: “Ik heb nu een chauffeur. Vreemd, hè. Zeker voor een ecologist.” (foto Christophe De Muynck)
Georges Gilkinet: “Ik heb nu een chauffeur. Vreemd, hè. Zeker voor een ecologist.” (foto Christophe De Muynck)

 

De regering zal vijftien miljard euro extra investeren. Europa móet dat toelaten.

Ook wifi kan zorgen voor meer comfort.

Dat is geen prioriteit. Dat draagt een serieuze kostprijs en bovendien hebben de meeste reizigers toegang tot 4G. ( op dreef ) Ik wil vooral méér treinen: dat is mijn prioriteit. In elk station moet om de dertig minuten een trein stoppen. In de grote steden moet dat om de tien minuten zijn. Om het comfort te verhogen, wil ik stiltewagons en familiewagons inzetten. In andere landen is dat een succes.

De vlucht Brussel-Londen is goedkoper dan de treinrit. Wat vindt u daarvan?

Dat is onbegrijpelijk. Het internationale treinverkeer zou wél goedkoper moeten. Dat is echter niet makkelijk, want dat is geliberaliseerd. Deze regering wil wel het vliegverkeer correcter belasten. Kerosine is heel vervuilend. Het kan niet dat dat vrijgesteld is van belasting.

U wil een kerosinetaks. Kan België dat alleen invoeren?

Neen. Dat moet op Europees niveau gebeuren. Maar ik maak me sterk dat dat zal lukken. De groenen zitten al in zes regeringen. Wij zullen wegen op dit dossier.

De Europese Unie wil ook dat België het spoor vrijmaakt voor private bedrijven. Wat vindt u daarvan?

Ik vind dat geen goede zaak. Kijk naar het Britse voorbeeld: dat loopt daar niet zo goed, hoor. Europa laat wel toe dat we nog voor tien jaar het personenvervoer exclusief aan de NMBS gunnen. We zullen dat ook doen. Er komt dus de komende tien jaar geen liberalisering. Dat geeft ons tijd om de toekomst voor te bereiden.

Baas zijn van het spoor, is dat een kinderdroom?

( lacht ) Neen, ik wou verslaggever worden van de Tour. Die droom is helaas niet uitgekomen. Ik was wel gefascineerd door treinen. En nog. Door nachttreinen bijvoorbeeld. Of de Oriënt Expres: die zou ik graag eens nemen.

U bent wel even sportjournalist geweest?

Ja, voor een lokale zender. Dat was naast mijn werk. Ik was coördinator van de jeugdverenigingen. Het is daar dat ik Jean-Marc Nollet ( nu Ecolo-voorzitter, red. ) heb leren kennen. Hij was toen al minister en bevoegd voor kinderopvang. Hij wou mij op zijn kabinet.

Was u zelf goed in sport?

Ik was niet slecht. Basket is mijn sport. Al was ik beter in voetbal, vrees ik. Ik heb het niet slim aangepakt. Op dezelfde dag speelde ik eerst voetbal en dan basket. Natuurlijk was ik dan vermoeid. ( lacht ) Mijn vrouw had meer succes. Zij is nog kampioene van België geweest.

Straf!

( knikt ) Ze speelde voor Saint-Servais Namur. Ik herinner me dat nog goed. Hebt u even tijd? ( vertelt enthousiast anekdotes ) Basket is belangrijk in het leven van mijn gezin. Ook mijn kinderen spelen het.

Uit welk gezin komt u?

Ik ben geboren in Namen. Wij waren niet arm en niet rijk. Mijn vader was leraar Frans en geschiedenis. We hadden véél boeken thuis. Mijn moeder werkte voor een vrouwenbeweging. Dat waren twee geëngageerde mensen. Elke zondagmiddag keken we naar de politieke debatten op televisie. Ik heb hun waarden overgenomen: interesse in de wereld, opkomen voor sociale gelijkheid en respect voor anderen.

Zijn ze fier dat u minister bent?

Mijn vader is al bijna dertig jaar gestorven. Zou hij fier zijn? ( even stil ) Ik denk dat wel. Welke vader zou dat niet zijn? Mijn moeder leeft nog. Zij is fier, ja. Al zegt ze dat niet veel. Ze toont dat vooral. ( zacht ) Dat maakt me wel gelukkig. Elk kind wil zijn ouders fier maken, zeker?

U hebt grote ambities, maar weinig tools. Mobiliteit is vooral regionale materie. Is dat niet frustrerend?

Neen. Frustratie is iets wat ik niet ken. Ik wil vooruit met de tools die ik heb. Vlak na mijn aanstelling heb ik de premier het nummer van zijn partijgenote Lydia Peeters ( Vlaams minister van Mobiliteit, red. ) gevraagd. We hebben intussen al drie keer samengezeten. Dat is hoe ik aan politiek doe. We moeten samenwerking stimuleren.

Georges Gilkinet: “Frustratie is iets wat ik niet ken. Ik wil vooruit met de tools die ik heb. We hebben geen tijd te verliezen als we de planeet willen redden.” (foto Christophe De Muynck)
Georges Gilkinet: “Frustratie is iets wat ik niet ken. Ik wil vooruit met de tools die ik heb. We hebben geen tijd te verliezen als we de planeet willen redden.” (foto Christophe De Muynck)

U zal werk hebben. Brussel wil een slimme kilometerheffing om het fileprobleem op te lossen. Vlaanderen noemt dat een platte belastingverhoging.

( grijnst ) Ik zeg niet dat ons land perfect werkt. Er zijn zeker dingen die beter kunnen.

Kan Brussel dat invoeren als Vlaanderen en Wallonië dat niet willen?

Dat zal moeilijk zijn. Dat is voor iedereen wel duidelijk, denk ik. Ik hoop dat de regeringen opnieuw aan tafel gaan zitten. Ik wil daarbij helpen. ( op dreef ) We moeten gezamenlijk oplossingen zoeken, met respect voor elkaars visie, zonder de mitraillette boven te halen. De problemen in Brussel zijn groot: de filevorming, de luchtvervuiling. Maar dat zijn niet alleen Brusselse problemen. Die moeten overal aangepakt worden. ( even stil ) We spraken daarnet over mijn vroegere dromen. Het is mijn droom voor de toekomst dat de regeringen van dit land beter samenwerken.

Moet mobiliteit een onderdeel zijn van de komende staatshervorming?

Dat kan. Maar ik wil daar niet op vooruit lopen. Ik zal alvast niet wachten op de staatshervorming om mijn werk te doen. We hebben geen tijd te verliezen als we de planeet willen redden. We moeten onze mobiliteit nú duurzamer maken.

U bent ook vicepremier voor Ecolo. Waarom is uw partij zo omstreden in Vlaanderen?

Dat is een goede vraag. Dat imago doet me geen plezier. Misschien zijn we niet genoeg gekend? We zijn nog een jonge partij. Ik zou dat beeld graag veranderen. Maar misschien moet ik die vraag aan u stellen?

Dat u in de formatie weigerde te spreken met N-VA, heeft niet geholpen. Eén op vier Vlamingen stemt voor N-VA.

( feller ) Dat is niet de hele waarheid. Wij zijn uiteindelijk wél aan tafel gaan zitten met N-VA. Het is trouwens Bart De Wever die zei dat hij nooit met de groenen wou samenwerken. En dat is zijn goed recht. Wij hebben een andere visie op de samenleving. Dat mag toch nog gezegd worden? Dat is democratie.

Dat uw jongerenafdeling Theo Francken afbeeldde als een nazi, heeft ook niet geholpen.

( zucht ) Ik heb ook domme dingen gedaan toen ik jong was. Dingen die ik beter niet doe. Enfin , dat is verleden tijd. Ik heb geen zin om die discussie op te rakelen. We zitten nu met zeven partijen in een regering die positieve doelstellingen delen: dit land een toekomst geven, zorgen voor een leefbaar klimaat, duurzame jobs creëren en respect tonen voor elkaar. N-VA heeft andere ambities.

Nog een laatste voorbeeld. Dat staatssecretaris Sarah Schlitz haar beleid alleen in het Frans wou toelichten, helpt ook niet.

Dat was een vergissing. Dat klopt. Zij heeft zich ook geëxcuseerd. Ik begrijp dat dat mensen kwaad kan maken. Dat was zeker niet haar bedoeling. Ze is intussen volop Nederlandse les aan het volgen. Dat zal geen tweede keer gebeuren.

Het budget, is dat de achillespees van de regering?

Weet u: ik ben een optimist. Ik zie zelden achillespezen. Maar oké, na covid wordt het budget zeker een moeilijke zaak. Ik kijk ook naar Europa. Na de financiële crisis werd het begrotingsbeleid herzien. Dat moet opnieuw gebeuren. Europa moet toelaten dat de lidstaten investeren.

U wil de strakke begrotingsregels loslaten?

Ik hou niet van het woord loslaten. Europa moet de regels aanpassen. Er zijn investeringen nodig om uit deze crisis te komen. Dat staat niet gelijk aan verspilling, hè.

Dat is wat veel mensen vrezen.

( onverstoord ) We moeten slim en productief investeren. Elke euro moet drie euro opbrengen. Dat is de enige manier om de relance op gang te brengen. De regering zal de publieke investeringen tegen 2030 optrekken naar vier procent van het bbp. Dat betekent voor deze legislatuur vijftien miljard euro extra. Europa móet dat toelaten.

Als u het budget op orde wil, zal u ook nieuwe inkomsten nodig hebben.

Het regeerakkoord is duidelijk: er komen géén nieuwe taksen, behalve de effectentaks. Wij zullen ons daaraan houden.

Mijn vader is al bijna dertig jaar gestorven. Zou hij fier zijn? Ik denk dat wel.

Uw partij wou toch een rijkentaks?

Maar nu zitten we in een coalitie. En dat betekent compromissen sluiten.

En de koolstoftaks van uw partijgenote Zakia Khattabi dan? Haar voorstel werd meteen afgeschoten door de liberalen. Zal dat er komen?

Neen. Dat staat niet in het regeerakkoord. We zullen wel een globale fiscale hervorming doorvoeren. De strijd tegen vervuiling zal een belangrijk onderdeel zijn. Maar de totale belastingdruk mag niet verhogen. Dat is afgesproken. Ik kan daar verder niet op vooruit lopen. Die hervorming is een werk van lange adem.

U bent dan toch niet zo radicaal als uw imago?

( lacht ) Ik ben voluntarist, maar ook realist. Ik wil doen wat mogelijk is. ( slaat plots op tafel ) En er is véél mogelijk. Groen is goed voor mens en planeet: dát willen wij deze legislatuur aantonen. Weet u wat onze achillespees wordt? De tijd. Het zal vlug 2024 zijn. Ik hoop dat we tijd genoeg hebben om alles te realiseren. Het is daarom dat ik niet wil stilstaan bij dingen waar ik geen vat op heb.

Over tijd gesproken: u wordt vijftig jaar. U zal niet kunnen vieren, zeker?

Neen. Al had ik dat anders ook niet gevierd, hoor. Ik was liever tien jaar jonger geworden. ( lacht ) Ik mis het wel om met vrienden een pint te drinken. Maar dat is niet mijn grootste bezorgdheid. Mag ik iets over mijn kinderen vertellen?

Ga uw gang.

Zij zijn 18 en 21. Ze studeren aan de universiteit. Ik kan u zeggen: ze zien af. Zij, en al hun leeftijdsgenoten. Ze brengen de mooiste jaren van hun leven in isolatie door. Beangstigend is dat. Ik vrees echt voor de mentale gevolgen van deze crisis op de bevolking. ( op dreef ) Het is voor hén dat we straks moeten investeren. Het is voor hén dat we keihard moeten werken om het virus te verslaan.

De regering houdt een strenge lijn aan, behalve op vlak van reizen. Waarom wordt dat niet verboden? Reizigers brengen het virus mee.

( aarzelend ) Dat is niet makkelijk. We moeten enerzijds de pandemie bestrijden, we zijn daarin goed bezig, maar anderzijds ook een mate van vrijheid behouden. Dat is een moeilijk evenwicht.

Ik blijf het onbegrijpelijk vinden. Ook premier Alexander De Croo (Open VLD) kon mij vorige week geen bevredigend antwoord geven.

Geen enkel Europees land verbiedt het reizen. We raden het wel ten stelligste af. Ik vind het dom om nu naar een rode zone te reizen. We hebben ook een verplichte test ingevoerd. Dat is de lijn van het overlegcomité. ( stil ) Ik geef toe: dit is een moeilijk thema. Maar het komt goed: we gaan nu volop vaccineren.