Hilde Van Mieghem gaat in tweede reeks van ‘Als je eens wist’ dieper in op partnergeweld: “Ik ben hier nog altijd niet van gerecupereerd”

1701
Hilde Van Mieghem focust in de nieuwe reeks op partnergeweld: “Het tragische van al dat geweld is enorm aangrijpend. En het is zo alomtegenwoordig.” (foto VRT)
Hilde Van Mieghem focust in de nieuwe reeks op partnergeweld: “Het tragische van al dat geweld is enorm aangrijpend. En het is zo alomtegenwoordig.” (foto VRT)

Na de aangrijpende en spraakmakende eerste reeks van Als je eens wist over kindermishandeling verlegt Hilde Van Mieghem de focus naar partnergeweld. “Vooraf dacht ik dat kindermishandeling het allergrootste taboe was, maar het taboe omtrent partnergeweld is nog vele malen groter en complexer.”

De telefoons van hulplijn 1712 en Tele-Onthaal stonden roodgloeiend na seizoen 1 van de Canvas-documentaire Als je eens wist . Een duidelijk bewijs van de noodzaak om gevoelige thema’s op televisie aan te raken en taboes te doorbreken. Nu keert documentairemaker Hilde Van Mieghem terug met een nog groter taboe: partnergeweld. De doos van Pandora gaat opnieuw open. “Ik had niet verwacht dat er zo massaal gereageerd zou worden op die eerste reeks. Ik denk dat het nu nog veel erger zal zijn.”

Die eerste reeks heb je gemaakt omdat je zelf slachtoffer was van kindermishandeling. Hoe kom je nu bij partnergeweld terecht?

Om eerlijk te zijn wilde ik een tweede seizoen over kindermishandeling maken. Je kunt veel dieper ingaan op die problematiek. Bij Canvas zagen ze dat niet zo zitten. Toen is het idee gerijpt om iets te maken over intrafamiliaal geweld. Kindermishandeling komt namelijk vaak voor in gezinnen waar ook partnergeweld gepleegd wordt. Zo’n gezin is dan doordrongen van geweld. Dat leidt dan ook automatisch naar een derde reeks, over kinderen die ouders of broers en zussen mishandelen, die ik hopelijk ook nog mag maken. Die drie reeksen hebben een grootste gemene deler: mensen die zijn beschadigd van in de kindertijd. Ze kiezen voor wat ze kennen: zich slecht gedragen, vernederen en mishandelen. Vaak met het idee dat ze zelf niks waard zijn.

Na die eerste reeks heb je je maanden teruggetrokken in Italië om te bekomen van wat je had gemaakt. Hoe voel je je nu?

De impact is enorm, misschien wel groter dan de eerste keer. Na die eerste reeks kreeg ik psychologische begeleiding omdat oude wonden werden opengereten. Nu heb ik die begeleiding niet, waardoor ik voel dat het langer blijft hangen. Ik ben hier nog altijd niet van gerecupereerd. Het tragische van al dat geweld is enorm aangrijpend. En het is zo alomtegenwoordig. Eén op de vijf vrouwen is slachtoffer van intrafamiliaal geweld, net als één op de zeven mannen. Toch sluit iedereen de ogen voor zulk geweld, ook de overheid. Partnergeweld wordt gezien als iets uit de privésfeer. Dat is bullshit, want het belangt ons allemaal aan. De maatschappelijke kost is enorm. Het kost ons miljarden aan medische hulp, verslavingen, werkloosheid, ziekteverzuim. Partnergeweld is een pest in ons land, een vieze etterende zweer die dringend uitgekuist moet worden. Maar helaas zwijgen we er in Vlaanderen liever over. Want je mag zogezegd je vuile was niet buitenhangen. Bovendien is het not done om je te bemoeien met het huwelijk van iemand anders. Bullshit! We verklikken de buren wel voor de fiscale fraude die ze plegen, maar zwijgen als we zien of denken dat een buurvrouw of -man wordt neergeslaan door zijn of haar partner.

Ik probeer al meer dan twintig jaar iets te maken over intrafamiliaal geweld.”

De reacties na je eerste reeks waren overweldigend. Ik neem aan dat je er constant over aangesproken werd.

Dat is een van de redenen waarom ik na al deze interviews weer naar Italië vertrek. Ik werd er zoveel over aangesproken op straat, maar ik kon dat helemaal niet aan. Ik kan dat niet dragen, het leed van heel de wereld op mijn schouders. Mensen zien mij als aanspreekpunt over kindermishandeling, en als expert, wat ik ondertussen ook wel ben. Maar ik kan dat niet aan.

Wat je doet is nochtans van gigantisch belang, zeker in coronatijden.

Het is inderdaad een heel actueel onderwerp, al was ik er al mee bezig voordat corona uitbarstte. Uit onderzoek weten we dat het aantal gevallen van intrafamiliaal geweld met dertig procent is gestegen. Het is een goede zaak dat de ogen daarvoor nu geopend worden. Tegelijkertijd is het schrijnend dat er nu pas aandacht voor is. Ik ben er ook zeker van dat die aandacht na corona weer wegzakt, terwijl de overheid en de maatschappij er nu alles aan moeten doen om dit taboe bespreekbaar te maken.

Je bent hier natuurlijk al veel langer mee bezig en intrafamiliaal geweld bestaat ook al sinds mensenheugenis. Waarom komt dit nu pas op televisie?

Omdat de tijd er nu pas rijp voor is. Ik probeer hier al meer dan twintig jaar iets over te maken. Maar in het tijdperk na Dutroux kon je hier niet mee op de proppen komen. Je kon simpelweg niet gaan vertellen dat intrafamiliaal geweld aan de basis ligt van zulke aberraties. Men wilde niet zien dat de basis van zijn geweld in zijn eigen kindertijd lag. Net zoals dat het geval was voor Hitler of andere dictators. Deels door #MeToo begint ook nu pas een praatcultuur te ontstaan. Mensen willen hier nu over spreken. En dan nog heb ik bij Canvas twee jaar lang moeten vechten voor dit programma. Op de VRT heerste het idee dat zulk geweld voornamelijk voorkwam in marginale families. Ze geloofden niet dat dit in alle lagen van de bevolking gebeurde.

Als je eens wist, vanaf dinsdag 9 maart op Canvas en via VRT NU (integraal).