Vlaams minister-president Jan Jambon (N-VA) geeft toe dat hij op 30 mei 2018 een kort gesprek heeft gehad met de Slovaakse ambassadeur naar aanleiding van de zaak-Chovanec. Vorige week had Jambon gezegd dat hij nooit over het dossier was ingelicht. “Ik heb overhaaste uitspraken gedaan, ik heb nooit de intentie gehad om de waarheid te verdraaien. Waarom zou ik?” De voormalige minister van Binnenlandse Zaken beklemtoont dat zijn kabinet geen enkele fout heeft gemaakt.

Door Vincent Vanhoorne

Lees hier ook de column van redactiedirecteur Pascal Kerkhove: “Het is zalig om geloofd te worden. Het is ook riskant, want vaak loert net dan de binnenweg naar de leugen om de hoek.”

Er was deze week flink wat commotie over wat Jan Jambon, in 2018 minister van Binnenlandse Zaken, al dan niet wist over de zaak-Chovanec, de 38-jarige Slovaak die na een hardhandig politieoptreden in een cel op de luchthaven van Charleroi in een coma geraakte en enkele dagen later overleed. Volgens Jambon was hij van de zaak niet op de hoogte, maar huidig minister van Binnenlandse Zaken Pieter De Crem (CD&V) zei deze week in de Kamercommissie dat het kabinet-Jambon wel degelijk was ingelicht. Nu dinsdag moet Jambon daarover uitleg geven in het parlement, maar gisteren organiseerde hij in zijn thuisbasis Brasschaat een persconferentie.

Grofheden aan het licht
“De zaak dateert van 2018, maar de vreselijke camerabeelden kwamen maar deze zomer aan het licht. Dat is cruciaal”, zegt Jambon. “Wat daarop te zien is, tart elke verbeelding. Ik heb mij onmiddellijk afgevraagd: herinner ik mij iets van de feiten? Wat ik op die beelden zag, was voor mij totaal nieuw. In mijn huidige functie heb ik geen toegang meer tot de info van mijn toenmalig kabinet, toch heb ik geprobeerd om alles te reconstrueren. Toen de beelden plots in de media kwamen, heb ik met een aantal mensen gebeld om te verifiëren of ze bij iemand een belletje deden rinkelen. Niemand maakte de link tussen die beelden en het dossier van 2,5 jaar eerder. Ik heb deze week dan ook heel oprecht gezegd dat ik mij daar niets van herinner. Als ik ooit had geweten van een zaak met een dergelijk flagrant politieoptreden, zou ik mij dat vandaag herinnerd hebben. Media en politiek hebben de link gelegd, maar de grofheden zijn pas 2,5 jaar later aan het licht gekomen. Toen de Slovaakse ambassade op 26 februari 2018 een onderhoud vroeg over de feiten, heeft mijn kabinet info opgevraagd bij de politie. Uit het verslag van het hoofd van de luchthavenpolitie bleek op geen enkele manier dat er sprake was van manifeste fouten. Het verslag deed ook in niks denken aan de camerabeelden die deze zomer zijn uitgebracht. Mijn toenmalige medewerker wees erop dat er een gerechtelijk onderzoek loopt. Dat is nu het cruciale element in dit verhaal. Vanaf dat moment is het geen zaak meer van de minister van Binnenlandse Zaken. Hij moet zich op dat moment terughoudend opstellen.”

Terroristische aanslag
De Slovaakse ambassadeur Vallo kwam twee keer langs op het kabinet-Jambon om de zaak te bespreken. “Hij is op 2 maart 2018 ontvangen door twee van mijn medewerkers. Ik was zelf in het buitenland”, aldus Jambon. “Uit de reconstructie die wij jongste dagen hebben gedaan, is gebleken dat er op 30 mei een opvolgingsbezoek is gebeurd aan mijn kabinet waarbij ik hem zelf ook kort heb gesproken. Ik herinner mij die vergadering niet meer. Ik kon toen ook geen bijkomende info meegeven omdat er een gerechtelijk onderzoek loopt. De dag voordien was er een terroristische aanslag in Luik. De ochtend van 30 mei eiste IS die aanslag waarbij drie doden vielen op. Ik sprak de ambassadeur kort en vertrok daarna meteen naar Luik, samen met premier Michel. De zaak-Chovanec was in handen van het gerecht en mijn aandacht ging die dag naar de aanslag in Luik. Wellicht herinner ik mij daardoor dat korte gesprek twee jaar later niet meer. Ik betreur dat ten zeerste, want daardoor heb ik verklaringen in de pers afgelegd die na reconstructie niet blijken te kloppen. Ik beklemtoon met de hand op het hart dat ik nooit, maar dan ook nooit de intentie heb gehad om de waarheid te verdraaien. Waarom zou ik? Ik heb daar geen enkel belang bij. Ik erken dat ik een overhaaste uitspraak heb gedaan waardoor ik mezelf in nesten heb gewerkt. De essentie is dat het dossier door mijn kabinet volledig correct behandeld is. Er is geen fout gemaakt. Ik neem de volledige verantwoordelijkheid voor mijn medewerkers die in dit dossier correct gehandeld hebben. Ik hoop voor de familie van het slachtoffer dat het gerecht deze zaak nu zo snel mogelijk uitklaart.”

Jambon neemt de verantwoordelijkheid voor zijn communicatiefout, maar hij aanvaardt naar eigen zeggen niet dat mensen met de kennis van nu beschuldigingen in het rond sturen. Hij zegt dat de aantijgingen hem heel hard hebben aangegrepen.


Kan Jambon op post blijven?

Door Paul Cobbaert

Het lijkt erop dat Jambon voorlopig op post kan blijven. De PVDA is de enige partij die voluit om zijn ontslag vraagt. Groen doet dat iets voorzichtiger. De partij hoopt dat de Vlaamse minister-president de eer aan zichzelf houdt. De coalitiepartners in de Vlaamse regering, Open VLD en CD&V, schuwen voorlopig de forse uitspraken. Opvallend ook: Vlaams Belang, de grootste oppositiepartij, vraagt geen ontslag.

Vlaams minister-president Jan Jambon (N-VA) hoeft voorlopig niets te vrezen van zijn coalitiepartners. Open VLD wil zelfs niet reageren op de persconferentie. “Wij wachten het debat van dinsdag in het parlement af”, zo klinkt het bij de partijwoordvoerder. Jambon moet zich dinsdag verantwoorden in de commissie Binnenlandse Zaken van het federaal parlement. CD&V-voorzitter Joachim Coens wil wel iets kwijt. “De minister-president heeft enkele zaken verduidelijkt en dat is goed. Maar dat is niet genoeg. Een persconferentie geven, is één iets. Ik wacht graag het debat van dinsdag af. Daar moeten nog zaken uitgeklaard worden. De Vlaamse regering? Op dit moment zie ik geen probleem voor het functioneren.”

Zij willen ontslag
De PVDA is de enige partij die zonder omwegen om zijn ontslag vraagt. “Het is nu honderd procent zeker dat Jambon persoonlijk op de hoogte was van de zaak”, zegt Vlaams fractieleider Jos D’Haese. “Hij heeft gelogen over zijn betrokkenheid en verandert voortdurend zijn versie van het verhaal. De minister-president is niet meer te vertrouwen. Zo iemand hoort geen regering te leiden.”

Groen-fractieleider Björn Rzoska is iets voorzichtiger. “Wij vragen voorlopig niet openlijk om zijn ontslag, maar ik durf toch te hopen dat de minister-president eens goed voor de spiegel gaat staan en daarna de eer aan zichzelf houdt. Dit wordt onhoudbaar. Er is een man overleden, hè. Laat ons dat vooral niet vergeten. En het is de minister van Binnenlandse Zaken die verantwoordelijk is voor de politie. Dat was toen Jan Jambon. Hij had méér moeten doen. Bovendien staat hij elke dag op met een ander verhaal. Hij blijkt nu toch de ambassadeur te hebben ontmoet.”

Zij wachten af
Meryame Kitir, de federale fractieleider van SP.A, wil het debat van dinsdag afwachten vooraleer forse uitspraken te doen. “Ik heb geen antwoord gekregen op mijn vragen. Hij steekt zich weg achter het gerechtelijk onderzoek, maar dat had hem niet mogen weerhouden om toch een tuchtonderzoek in te stellen naar wat daar gebeurd is. Dat is een grote fout. Ik ben benieuwd naar zijn uitleg dinsdag in het parlement.”

Voor Vlaams Belang, de grootste oppositiepartij, lijkt de kous wel af. “Jan Jambon heeft vooral voortvarend en slecht gecommuniceerd”, zegt voorzitter Tom Van Grieken. “Hij heeft daarmee in zijn eigen voet geschoten. De imagoschade is groot. Maar wij vragen niet om zijn ontslag. Hij is ten andere geen minister van Binnenlandse Zaken meer. Dinsdag? Wellicht zal hij hetzelfde vertellen. Ik ben wel benieuwd naar het resultaat van het gerechtelijk onderzoek.” (Paul Cobbaert)

(foto’s Belga)