Na een bijzonder succesvol eerste seizoen scoort nieuwsanker en tv-maker Fatma Taspinar ook met reeks twee van ‘Mij overkomt het niet’. Dat moet ego’s strelen, zou je denken, maar zo zit de 37-jarige Mechelse naar eigen zeggen niet in elkaar. “Het programma doet praten en nadenken, en dat is voor mij het allerbelangrijkste.”

Op een doordeweekse donderdag wandelt Fatma Taspinar Bar Marie, haar keuze voor onze Ontbijtbabbel, binnen met een pijnlijke grimas op haar gezicht. Ze heeft net haar hand verbrand bij het pannenkoeken bakken. De EHBO-kit wordt opgedoken en een zalfje en een zwachtel later is het sympathieke nieuwsanker klaar voor het interview. Nog een geluk dat de kleur van haar verband bij die van haar outfit past, bedenk ik, want na het interview moet ze stante pede naar de VRT om het journaal te presenteren. Dat journaal is overigens niet de aanleiding van ons gesprek. Wel de opnieuw goede kijkcijfers van ‘Mij overkomt het niet’.

Die reeks loopt nog volop. Ben je tevreden met het resultaat?

Ja, ik ben best tevreden, maar ik vrees wel dat dit het laatste seizoen zal worden. Het is namelijk niet evident om nieuwe verhalen te vinden. Mensen die je voor deze reeks zoekt, vallen meestal moeilijk te overtuigen omdat zij in een bepaalde rol van dader geduwd worden. De maatschappij verwacht van hen dat ze laten zien dat ze zich schuldig genoeg voelen. Dat er ook bij de daders of veroorzakers veel verdriet komt kijken en dat die mensen zelf ook enorm afzien, is soms moeilijk te aanvaarden.

Is het niet jammer dat zo’n programma dan verdwijnt? Het maatschappelijk belang lijkt me nochtans groot genoeg.

Absoluut, maar je kunt mensen niet dwingen om mee te werken aan een programma omwille van het maatschappelijk belang. En ik heb tijdens de research gemerkt dat het haast onmogelijk is om een nee om te buigen naar een ja. Dan houdt het programma een keer op. Maar jammer vind ik dat niet. Ik denk dat we ons punt in deze twee seizoenen ook wel hebben kunnen maken. Bovendien ben ik alweer bezig met iets nieuws, iets dat ook maatschappelijke relevantie heeft. Anders zou ik er overigens niet aan beginnen.

Ben je je na deze twee seizoenen nu meer bewust van het feit dat een ongeluk in een klein hoekje zit?

Oh zeker weten! Ik heb zelf geen kinderen, maar heb zes broers en zussen en mijn ouders hebben tien kleinkinderen. En het is in onze familie ook al gebeurd dat een kind van de trap valt, godzijdank niet met fatale afloop zoals bij de grootmoeder in aflevering 2 van de reeks. Maar dat zet je wel aan het denken. Voornamelijk over verkeersongevallen, in mijn geval. Die zijn zo snel gebeurd en kunnen echt iedereen overkomen.

Je bent afgelopen week 37 geworden. Sta je waar je moet staan, carrièregewijs dan?

Goh, daar heb ik eigenlijk nooit bij stilgestaan. Andere mensen vinden misschien dat ik ver sta, omdat ik nieuwsanker ben en tv-programma’s maak. Maar zo voelt dat voor mij niet aan. Alles is heel organisch gegroeid in mijn carrière. Al moet ik zeggen dat ik de kansen die op mijn pad kwamen nooit uit de weg ben gegaan. Ik droomde als kind niet van een carrière als nieuwsanker of als journalist. Nieuwsanker ben ik eerder toevallig geworden, toen ik hoorde dat Lieven Verstraete iets anders ging doen. Ik heb dan zelf gevraagd of ik mee mocht doen aan de screentests. Zo ben ik daarin gesukkeld (lacht).

Ben je eigenlijk zelf een fervent tv-kijker? Welk programma kan je aanraden?

Ik moet bekennen dat ik bijna nooit tv kijk. Ik zal nooit in de zetel ploffen en beginnen te zappen. Ik lees liever een boek. Wat ik wel al helemaal heb gezien, is De twaalf. Dat staat integraal op VRT NU. Ik heb zelf ook al wat assisenzaken gevolgd als justitiejournalist en moest onlangs nog een debat modereren in de assisenzaal van Gent. Dus zo’n rechtbankserie interesseert me wel, zeker omdat het een keertje vanuit het standpunt van de juryleden verteld wordt. Er zitten overigens wel een paar foutjes in de reeks, dingen  die in een echte assisenzaak nooit zouden gebeuren, maar het is natuurlijk fictie. Dus dat hoeft niet realistisch te zijn.

Mij overkomt het niet, elke maandagavond om 20u40 op Eén.