Delfine Persoon is de beste vrouwelijke bokser van deze planeet. Wereldkampioene Lichtgewichten in alle bonden. Nochtans: niet boksen, maar ballet was haar eerste passie. Met gescheurde kousenbroeken tot gevolg. Wij hebben afspraak aan een keukentafel te velde in de West-Vlaanders. De 30-jarige boerendochter straalt passie en grinta uit, maar kan ook een tint treurnis niet verbergen. Dat innerlijke litteken: die echte erkenning die uitblijft.

Boksen is dé oersport. De moeder aller sporten. In oude tijden diende de scheidsrechter enkel als arts om de dood van de verliezer vast te stellen. Eén tegen één, zowat alles mag, en de beste wint. Heerlijk helder. Dacht ik toch. Als Delfine Persoon me inwijdt in de geheimen van de sport, blijkt het iets gecompliceerder, iets maffioser. Of toch in sommige landen. “Als je in Argentinië niet met knock-out wint, is de kans groot dat je bestolen wordt door de jury op punten. Dat is niet eerlijk, neen. Nu, dat is maar in enkele landen zo. In België oordelen juryleden en scheidsrechters wel neutraal.”

Dat versterkt het belang van de plek van de kamp. Maar die toewijzing verloopt op een vreemde manier, toch?
(knikt) Ofwel bereik je een financieel akkoord met je uitdager, ofwel moet je met een gesloten enveloppe naar de WBC (meest prestigieuze boksbond, red). Dan wint het hoogste bod. Toen ik twee jaar geleden Erica Farias uit Argentinië wou uitdagen voor de wereldtitel, vloog mijn trainer eerst naar de WBC-conventie in Bangkok om hen ervan te overtuigen dat ik die kans moet krijgen, en vervolgens, als dat gelukt was, naar het WBC-kantoor in Mexico met een gesloten enveloppe. Je mag je enveloppe ook opsturen, maar dat vertrouwden wij niet. Je voelt ergens wel aan dat er zou kunnen gefoefeld worden. Wij hadden het hoogste bod en de kamp vond plaats in Zwevezele.

Vind je telkens makkelijk geld voor je bod?
Ik heb het geluk dat ik Paul Degroote tegen het lijf ben gelopen. Zijn bedrijf Degroote Trucks & Trailers is mijn grote sponsor. Zonder Paul zou ik geen WBC-kampioen zijn. Of toch niet in eigen land. Van de overheid krijg ik niets. Bloso subsidieert enkel atleten die kans maken op de Olympische Spelen. Maar daar is boksen enkel voor amateurs.

“Boksen is sportiever dan je zou denken. Als iemand tegen de grond gaat, geef je haar geen extra klap.”

Is boksen een eerlijke sport?
Dat vind ik wel. Boksen is sportiever dan je zou denken. Medelijden mag je niet hebben met je tegenstander. In het heetst van de strijd is het elk voor zich. Maar als iemand tegen de grond gaat, geef je haar geen extra klap.

Zou niemand dat doen?
(lacht) Dat zou ik niet zeggen. Ik zou het niet doen. De scheidsrechter komt ook tussen. En na de kamp vraag ik de tegenstander altijd of alles oké is.

Hoe heb jij je hart verloren aan deze sport?
Ik was vijf toen ik ballet deed. Elke week kwam ik thuis met een gescheurde kousenbroek. Doe maar wat anders, zei mijn moeder. Ik heb dan jaren judo gedaan. Dát was mijn sport. Tot ik 22 was en rugproblemen me dwongen te stoppen. Maar ik wou blijven sporten. Ik heb even getennist, maar ik wou terug naar een gevechtssport. Tijdens de politieopleiding heb ik het boksen leren kennen. Dat bleek niet zo belastend voor mijn rug. En dat ging goed. Je doet eens een kamp en je wint. En dan doe je verder (Persoon verloor in haar carrière amper één kamp, red).

Was je sport ook een uitvlucht om niet op de boerderij van je ouders te moeten werken?
Als ik kon, dan vluchtte ik weg (lacht). Die boerderij is niets voor mij. Mijn ouders zouden ook niet willen dat één van hun drie dochters de zaak overneemt. Boeren hebben geen mooi leven vandaag. Mijn ouders werken van 6 uur tot 22 uur. Ik heb misschien een zwaar leven, maar ik zou het niet willen ruilen voor dat van hen. Er zit ook weinig toekomst in de stiel.

Jij combineert het boksen met een voltijdse job bij de spoorwegpolitie. Dat lijkt mij ook niet ideaal?
Dat is zwaar. Elke kamp heb ik wel een of andere blessure en vaak heeft dat te maken met te weinig rust. Anderzijds mag ik niet klagen. Als ik moet kampen, houdt men daar rekening mee in de dienstregeling. Maar vrije tijd heb ik zelden of nooit. Ik werk en ik train. En ik help mijn kampen inrichten. Maar goed, ik kan moeilijk mijn bokscarrière tien jaar uitstellen. Het is nu dat ik moet doorbijten.

Je ouders zouden wel een gat in de lucht springen mocht je stoppen.
Dat is zo. Zeker mijn mama ziet af. Zij heeft echt schrik dat er mij iets zou overkomen. Zij kan het boksen niet goed plaatsen als sport. Ze komt ook niet graag kijken. Of ik schrik heb? Neen. Ik weet dat ik perfect voorbereid aan een kamp begin.

Wereldkampioene Delfine Persoon: "“De dag dat ik geklopt word op mijn waarde, stop ik.”
Wereldkampioene Delfine Persoon: ““De dag dat ik geklopt word op mijn waarde, stop ik.”

Moet je masochist zijn om te boksen?
Moet je dat niet in elke sport zijn? Ik hou ervan om tot het uiterste te gaan. Mensen denken soms dat boksen niet meer is dan kloppen op elkaar. Dat is niet juist. Op technisch en tactisch vlak moet het niet onderdoen voor judo of tennis.

Hoe lang wil je nog verder doen? Jij hebt alles gewonnen wat er te winnen valt.
Zolang ik het graag doe. Anders kan je die opofferingen niet brengen. Boksen is mijn uitlaatklep. De dag dat ik geklopt word op mijn waarde, stop ik. De bokssport is cru: als je verliest, zak je ver terug en kan het twee jaar duren eer je weer voor de titel mag challengen. Dan zal het tijd zijn om afscheid te nemen. Voor de erkenning moet ik niet verder doen (lacht groen).

Voel je onvoldoende erkenning?
Ik ben al zoveel keer met mijn neus tegen de muur gelopen dat die erkenning niet meer hoeft. Toen ik in 2011 Europees kampioen werd, repte niemand daar een woord over. En dan vorig jaar (zucht). Voor het eerst nummer één op de wereldranglijst, wereldkampioen in alle bonden: dat was mijn jaar. Ik had Sportvrouw van het Jaar moeten worden. Alle respect voor Nafi Thiam, maar zij was derde geworden op het Europees kampioenschap zevenkamp.

Zit er te weinig sportverstand in onze sportjournalistiek?
(aarzelend) Zij kijken door een paardenbril. Alleen voetbal, wielrennen, tennis en misschien atletiek tellen. Je ziet dat ook aan de sporten die de VRT uitzendt. Zou mijn kamp voor de wereldtitel echt zoveel minder kijkers lokken dan een gewone veldrit? Dat wil ik wel eens zien. In De Zevende Dag kreeg ik eens de vraag of de bokssport wel te promoten is. (feller) Waarom niet? Onze club zit vol jongeren. Maar we kunnen niet uitbreiden omdat we geen subsidies krijgen. En als ik moet vechten, is de zaal direct uitverkocht. Dat moet ik ook zeggen: van de mensen in West-Vlaanderen voel ik veel erkenning.

“Ik droom er wel van om zelf iets te ondernemen in de fitness. Werken met mensen. Dat boeit me.”

Je bent dit jaar opnieuw genomineerd, net als zeilster Evi Van Acker en judoka Charline Van Snick. Ga je naar het gala?
Nee, ik wil die teleurstelling niet opnieuw meemaken. Mijn trainer ook niet. Weet je, vorig jaar was ik de enige verliezer die aanwezig was. De andere kandidaten weten blijkbaar goed op voorhand wie wint. Maar ja, ik heb geen managementbureau, ik kom maar uit een kleine sport. (zacht) Ik zou beter zwijgen. Ik wil niet al mijn ruiten ingooien.

Wat wil jij doen na je carrière?
Ik voel me goed bij de politie. Al weet ik niet of ik dit heel mijn leven wil doen. De shiften zijn zwaar. Ik heb een diploma lichamelijke opvoeding, maar het onderwijs zou niets voor mij zijn. Ik droom er wel van om zelf iets te ondernemen in de fitness. Werken met mensen. Dat boeit me.

Het Sportrapport van Delfine Persoon

Als kind was mijn idool …
Ulla Werbrouck. Alle respect!

Vandaag heb ik grote bewondering voor …
Marieke Vervoort. Je moet hard zijn als je die prestaties kan leveren met een lichaam dat pijn doet.

Mijn mooiste sportmoment?
De eerste keer WBC-kampioen op 20 april 2014.

Mijn grootste ontgoocheling?
Het missen van de unieke WBC-conventie in Las Vegas door het sportgala vorig jaar. Ik zou er naast Floyd Mayweather aan tafel zitten en op de foto gaan met Muhammed Ali. Die kans krijg ik niet meer.