Pokémon Go verovert momenteel de wereld. Bij elk park of monument zie je wel iemand staan met z’n smartphone. Nog niet geprobeerd? Deze 10 tips voor beginners helpen je op weg!

03242016-169

Met Pokémon Go wordt de droom van elke Pokémonfan werkelijkheid: je kan in je eigen buurt op zoek naar Pokémon. Door middel van je GPS en augmented reality zie je plots Slowpoke op je smartphone verschijnen in je favoriete park. Wil je ook Pokémon Go eens proberen? Check dan zeker onze 10 tips voor beginners!

1. Start je avontuur met Pikachu

Geen urban legend: je kan je avontuur starten met Pikachu! Helaas ben ik deze tip zelf  te laat te weten gekomen. Bij het begin van je spel krijg je één van de volgende Pokémon: Charmander, Bulbasaur of Squirtle. Als je één van hen 4 keer negeert én hen dus niet vangt, komt Pikachu tevoorschijn. Tadaaa!

IMG_03412. Zo vang je Pokémon

Als er een Pokémon vlakbij is, krijg je een melding op je smartphone en verschijnt hij op je scherm. Klik op de Pokémon en hij verschijnt in je omgeving. Gooi een Pokéball om hem te vangen. Vaak zie je ook groene blaadjes opwaaien op de kaart, dat betekent dat er op deze locatie een Pokémon in de buurt is.

Rond de Pokémon verschijnen ook cirkels: groen is een makkie, geel al wat moeilijker en rood is erg moeilijk.

3. Laat de app altijd openstaan

Als je op stap bent, zet dan de app altijd open. Als de app op de achtergrond draait, krijg je geen meldingen van Pokémon in de buurt. Ook je stappen worden niet geregistreerd, wat belangrijk is voor je eitjes. Je zal dus moeten rondlopen met je smartphone in de hand (ofwel steek je ‘m gewoon zo in je broekzak of tas).

IMG_0344

4. Traceer Pokémon in je buurt

Op je speelscherm zie je rechts onderaan een balkje met drie Pokémon. Klik op dat balkje en je ziet welke Pokémon in de buurt zijn. Aan de hand van de voetstappen kan je zien hoe ver een Pokémon van je verwijderd is. Eén stapje is dicht, drie stapjes iets verder. Als je de Pokémon nadert, verminderen de stapjes. Als de Pokémon grijs zijn, wil dit zeggen dat je deze nog niet gevangen hebt.

5. Sla geen PokéStops over

PokéStops – bij ons in de buurt vooral kapelletjes en Jezusbeelden – geven je free stuff, zoals Pokéballs, eieren en snacks voor je Pokémon. Klik de PokéStop aan, op de kaart verschijnt een ronde foto van het monument/kapel/streetart/… en swipe over de foto.

7. Zorg dat je batterij voldoende opgeladen is

ashmetbatterij

(Bron beeld)

Je wil namelijk niet dat je smartphone uitvalt nét wanneer Jigglypuff op je scherm verschijnt. (Geloof me). Zorg dat je batterij helemaal opgeladen is. De app laat je batterij énorm snel leeglopen. In de app zelf kan je de optie ‘batterijbesparend‘ aanvinken, wat ook al wat scheelt. Heb je een powerbank voor je smartphone? Meedoen!

8. Offline kaarten van Google Maps

Pokémon Go werkt met Google Maps, maar dat constant laden van de kaarten is slecht voor je batterij én je data. Een trucje kan zijn om de kaart van jouw stad te downloaden via Google Maps. Hoe? Open Google Maps, ga via Instellingen naar ‘Offline gebieden’, klik op de ‘+’ rechts onderaan en klik op ‘downloaden’. Sommige gebruikers merken groot verschil, anderen niet. Gewoon eens zelf proberen dus.

9. Een Pokémon die je al hebt? Vang hem toch maar!

Catch ’em all, maar echt: allemaal! De meest voorkomende Pokémon – zoals Pidgey en Rattata – duiken érg vaak op. Maar dat geeft niet, pak ze toch maar! Zelf Pokémon die je al hebt, leveren je telkens evolution candy op. Je kan deze Pokémon ook terugsturen naar de professor in ruil voor nog meer candy.

10. Speel op verschillende tijdstippen en plaatsen

Andere tijd = andere Pokémon. Als je ‘s morgens vroeg op stap gaat, kom je gegarandeerd andere Pokémon tegen dan ‘s avonds. Maar waar moet je naartoe trekken? Pokémon zijn meestal te vinden in de buurt van hun natuurlijke habibat, water Pokémon vind je bijvoorbeeld bij water, gras Pokémon in parken. Bepaalde types vind je zelf op het … kerkhof. Ook aan drukke plaatsen – bijvoorbeeld stations of grote bedrijven – heb je meer kans om Pokémon te spotten.