Sonja De Becker gelooft rotsvast in de toekomst van de landbouw in Vlaanderen. Alleen is het landbouwbeleid dringend aan herziening toe. Sonja wie, denkt u? Wel, deze 49-jarige Vlaams-Brabantse volgde eind vorig jaar Piet Vanthemsche op als voorzitter van de Boerenbond. En ze heeft een uitgesproken mening. Over landbouw, de Ruslandboycot en dierenwelzijn.

Voor de buitenwereld was het een verrassing dat de onbekende Sonja De Becker de vrijgekomen stoel van Piet Vanthemsche innam, maar dat was het niet binnen de Boerenbond. De Becker studeerde in 1990 af als licentiate in de Rechten en ging meteen aan de slag op de juridische afdeling van de landbouworganisatie. In die jaren beklom ze alle trappen van de ladder tot ze in 2013 ondervoorzitter werd. Dat ze op termijn voorzitter zou worden, was toen al duidelijk. Alleen de timing was sneller dan verwacht.

Welke raad heeft uw voorganger meegegeven?

Blijf jezelf en doe het op je eigen manier. Een verstandige raad. Ik heb enkele sessies mediatraining gevolgd, en ook de lesgever zei me: ‘Je behoudt best je authenticiteit’.

Piet Vanthemsche zei me dat u een goede en harde onderhandelaar bent.

(lacht) Dat zeggen wel meer mensen. Ik zeg wat ik denk, ik hou mijn richting aan en ik ga voor resultaat. Weliswaar altijd met respect voor de andere mensen aan tafel.

U bent zelf dochter van boeren.

(knikt) Mijn ouders hadden een gemengd landbouwbedrijf in Erps-Kwerps, de streek van de witloof. Dat was ook onze hoofdactiviteit. Ik had een fantastische jeugd, ik hield van het leven op de boerderij. Je maakt zoveel avontuurlijke dingen mee. Al was school wel altijd prioriteit. Als ik tijd over had, stak ik een handje toe.

Onze boeren slagen er niet in hun toegenomen kosten door te rekenen in de prijs.

Hebt u nooit overwogen de zaak over te nemen?

Neen, dat was niet mijn ambitie. Ik wou studeren. Ik was de eerste van ons gezin die naar de unief ging. Het bedrijf was ook niet overneembaar, want het lag in woongebied. Je had er geen mogelijkheden tot uitbreiding of modernisering.

Het zijn niet de mooiste tijden voor boeren in Vlaanderen. Wat is vandaag het grootste pijnpunt?

De moeilijke prijsvorming. In zowat alle land- en tuinbouwsectoren staat de prijs onder druk. Terwijl dat de essentie is van ondernemen: een leefbaar inkomen hebben. Verschillende factoren spelen mee. De grond die onder druk staat en duur wordt. En de zwakke positie van de boeren in de totale keten. Onze boeren slagen er niet in hun toegenomen kosten door te rekenen in de prijs van hun product.

Wat al jaren het probleem is.

Dat is een moeilijke uitdaging. Wij investeren veel in overleg met de andere schakels van de keten, zoals toeleveranciers en afnemers. Zij moeten beseffen dat een keten maar zo sterk is als de zwakste schakel. Maar ik kijk ook naar Europa dat uiteindelijk verantwoordelijk is voor landbouwbeleid. Europa heeft alle instrumenten van oude marktbescherming losgelaten, maar is vergeten een nieuw kader te creëren dat de markt corrigeert als die niet werkt.

Maak dat eens concreet.

Producenten moeten zich kunnen indekken tegen risico’s zoals prijsschommelingen op de wereldmarkt. Je kan bijvoorbeeld een verzekeringssysteem opzetten dat door Europa financieel ondersteund wordt en zo betaalbaar is. Wie dan toetreedt, verzekert zich tegen prijsdalingen onder een bepaald niveau.

sonja-2Worden de boeren in de steek gelaten door Europa?

Het landbouwbeleid faalt, ja. Dat is destijds opgericht met twee doelstellingen. Eén: het voorzien van voldoende en betaalbaar voedsel voor de consument. Daar is men in geslaagd. En twee: het verzekeren van een redelijk inkomen voor de producent. Daar slaagt men niet meer in.

Vandaag is de melkprijs historisch laag. Is dat een gevolg van het afschaffen van de quota vorig jaar?

Dat is één aspect. Al willen wij niet terug naar de tijd van de quota. Een ander aspect is de sputterende wereldeconomie. De vraag vanuit China valt daardoor lager uit dan verwacht. Ook de Ruslandboycot heeft een grote impact.

Je merkt ook een verschuiving van de vraag naar bijvoorbeeld sojamelk. Heeft dat een impact?

Waarschijnlijk wel, maar niet zo groot. Die vraag verschuift geleidelijk. Onze boeren moeten daarop kunnen inspelen. Dat is een kwestie van innoveren.

Is die flexibiliteit niet het probleem? Het lijkt toch onwaarschijnlijk dat onze boeren na twee jaar nog altijd zo met die Ruslandboycot worstelen?

Je kan op twee jaar tijd geen landbouwbedrijf volledig heroriënteren. Je moet beseffen dat het product waarmee boeren werken, levend materiaal is, en dus in se al niet flexibel. Nochtans is zeker de jonge generatie er zich goed van bewust dat ze wendbaar moet zijn. En ze is dat ook. Maar de impact van die boycot is echt wel groot, in bepaalde sectoren zijn de prijzen tot 36 procent gedaald. Onze boeren betalen cash de prijs van een politieke beslissing, en dat is onaanvaardbaar voor ons.

Als je afhankelijk bent van export naar instabiele landen, weet je toch dat dit een gevolg kan zijn.

Je moet dat genuanceerd bekijken. Als je een opportuniteit hebt zoals de Russische markt, dan kan je dat niet laten liggen. Anderzijds heb je wel een punt dat we ons door die afhankelijkheid kwetsbaar hebben opgesteld. Zowat een derde van onze peren ging naar Rusland. Dat is een belangrijke les voor de toekomst: we moeten onze eieren in verschillende manden leggen. We merken wel dat het veroveren van nieuwe afzetmarkten een werk is van lange adem. Het is niet omdat er een protocol gesloten wordt in Brazilië of Canada dat we meteen kunnen exporteren. En als we dan exporteren naar nieuwe markten, is dat vaak aan te lage prijzen. Daarom blijven we ook hopen op een snelle heropening van de Russische markt.

Wij zijn voor een totaalverbod op onverdoofd slachten. Dat moet wel Europees geregeld worden.

Vanuit groene hoek wordt de toekomst van de Vlaamse landbouw al eens in vraag gesteld. Hoe ziet u dat?

Ik geloof rotsvast in de toekomst van onze land- en tuinbouw. Wij zijn de spil van een sterke agrovoedingsketen, en dat is de grootste economische sector in Vlaanderen. Wij spelen ook een belangrijke maatschappelijke rol, in het onderhoud van het landschap bijvoorbeeld. Maar je kan niet zeggen: dit of dat is het model van de toekomst. Land- en tuinbouwers moeten hun eigen concept uitwerken, en wij moeten dat ondersteunen.

Wat vindt u van het debat over een totaalverbod op het onverdoofd slachten van dieren?

Kijk, onverdoofd slachten heeft verhoogd dierenleed tot gevolg. Dat moet vermeden worden. Daarom zijn wij voorstander van een totaalverbod zonder uitzonderingen. Dat moet wel op Europees niveau geregeld worden. Als je dat enkel in Vlaanderen invoert, snij je in je eigen vel. Je zet je eigen economie buitenspel en je stimuleert transport van dieren naar buurlanden die onverdoofd slachten wel toelaten. Net zoals landbouw in hoofdzaak een Europese bevoegdheid is, zou ook dierenwelzijn dat moeten zijn. Ik vind trouwens ook dat de consument het recht heeft te weten of het vlees dat hij koopt afkomstig is van dieren die verdoofd geslacht zijn of niet. Dat label mag gerust op de verpakkingen.

Is de Vlaamse bemiddelaar op dit thema, uw voorganger Piet Vanthemsche, al langsgekomen?

Nog niet. Ik heb begrepen dat hij na het Offerfeest zijn werkzaamheden zou starten. Ons standpunt neemt trouwens niet weg dat wij ook voorstander zijn van een hernieuwde dialoog met de religieuze gemeenschappen. Een akkoord met hen zou de beste oplossing zijn.

De jacht, ook een vorm van onverdoofd slachten, zou ook wel eens in het vizier kunnen komen.

Er zijn wat dat betreft al maatregelen genomen om praktijken die niet oké zijn, aan banden te leggen. Maar wij zijn niet de belangenorganisatie van de jagers.