Na twee maanden voelt Philippe Clement zich al helemaal thuis in The Championship: "De beleving van de mensen hier is fantastisch, zowel thuis als uit." (foto Getty)

“Ik heb geleerd mijn eigen weg te volgen”: twee maanden Championship: waarom Philippe Clement deze stap geen seconde betreurt

Terwijl de Jupiler Pro League de winterstop inging (en pas volgende week herstart), speelde Philippe Clement rond de jaarwisseling met Norwich City FC in de Championship zowat om de drie dagen een wedstrijd – zelfs op nieuwjaarsdag. Tijd dus voor zijn eerste grote interview als hoofdcoach van The Canaries. “Ik heb geleerd mijn eigen weg te volgen.”

De voorbije acht jaar werkte Philippe Clement (51) alleen maar voor topclubs – in België, Frankrijk en Schotland. Het zorgde dan ook voor verbazing toen hij in november tekende bij de in degradatienood verkerende Engelse tweedeklasser Norwich City FC. Velen zagen daar een kans in om in de gunst te komen bij beleidsbepalers in de Premier League, de grootste voetbalcompetitie ter wereld. Maar dat zal je hem niet horen zeggen. “Ik ben iemand die altijd zijn buikgevoel volgt”, zegt hij. “Je hebt mensen die hun carrière plannen en die weg dan rigide volgen, maar zo ben ik nooit geweest. Bij Club begon ik als beloftetrainer met het idee: dit ga ik de volgende dertig jaar doen, want ik doe dit graag. En toen ik hoofdtrainer werd bij Waasland-Beveren zeiden jij en veel van jouw collega’s dat ik gek was om naar een trainerskerkhof te gaan. Het is helemaal anders gelopen.”

“Eerlijk gezegd ben ik na de revalidatie van mijn heupoperatie dat eerste gesprek met Norwich ingegaan met het idee: dit wordt niets. Maar ze hebben mij daar meteen gepakt met hun eerlijkheid. Ze waren supergeïnteresseerd en elke keer weer kreeg ik een goed gevoel over de samenwerking en de jonge, ambitieuze mensen, die toegaven dat ze fouten hadden gemaakt en op zoek waren naar een bepaald type trainer.”

Welk type zochten ze?

“Omdat ze in de zomer een groot aantal nieuwe spelers hadden aangetrokken en veruit de jongste ploeg van de Championship waren, zochten ze iemand die jonge spelers op korte termijn beter kon maken. Dat is een deel van de job die mij altijd aangesproken heeft. Het gesprek met de eigenaars overtuigde mij van de ambitie van de club. Zij namen 21 jaar geleden in de VS een kleine baseballploeg over en bouwden die uit tot iets groots. Door hard te werken, de juiste mensen verantwoordelijkheid te geven en ook geduld te hebben, iets wat in deze business hoe langer hoe minder het geval is.”

Ben je tevreden over de eerste twee maanden?

“Ik ben pas helemààl tevreden als we àlle wedstrijden winnen. (lacht) Het belangrijkste is dat de mensen in de club heel tevreden zijn. Ze zien weer een ploeg die vecht, energie uitstraalt, ondanks de vele geblesseerden.”

Wat zeggen de data over jouw werk?

“Deze week hadden we met de data-analisten een review van de voorbije tien wedstrijden en op veel vlakken is er een grote positieve evolutie. Om het simpel te houden: meer kansen gecreëerd, minder kansen toegestaan en meer punten gewonnen.”

Hoe is het om in de bakermat van het voetbal langs de lijn te staan?

“De beleving van de mensen hier is fantastisch, zowel thuis als uit, en de benadering is positief, niet tegen iemand maar meer voor een ploeg. We spelen in goeie, grote stadions met veel volk, dus het is hier leuk werken. De meeste van de 24 clubs hebben een verleden in de Premier League. Maar bij ons is dat een onderschatte competitie. Vincent Kompany gaf ons het goeie voorbeeld door van Anderlecht naar Burnley in de Championship te gaan!”

In welke zin ben je geëvolueerd sinds je vier jaar geleden de Jupiler Pro League verliet?

“Ik ben heel blij dat ik de stap naar het buitenland heb gezet. Het is op elke vlak verrijkend om uit je eigen kleine, vertrouwde bubbel te komen. Ik heb vooral geleerd niet meer alles zelf te willen doen, meer te delegeren. Daar heb je wel goeie mensen rond je voor nodig en ook dat is hier tot nu toe een meevaller. Dat laat toe om efficiënter en met meer helicopterview te werken.”

Hoe ervaar je de prestatiedruk en de kritiek in het buitenland?

“Ik denk dat ik qua omgaan met druk wel een goeie ervaring heb opgedaan bij Club.” (lacht)

Juist, onder de leiding van Bart Verhaeghe en Vincent Mannaert!

“Alleen winnen is er goed genoeg, maar zo steek ik zelf ook in elkaar. Daarom is het zo’n mooi verhaal geworden. Ook in mijn spelerscarrière heb ik nooit gevoeld dat iemand anders voor meer druk kon zorgen dan ik op mezelf zette. Als jonge speler was ik daar wel gevoeliger voor. Ik heb altijd voor alles hard moeten werken, moeten vechten. Soms ben ik tegen de muur gelopen en dan vond ik de kracht om erdoorheen te gaan en weer beter te worden. Bij de jeugd is er nooit iemand geweest die dacht dat ik ooit in eerste klasse ging spelen, laat staan in de nationale ploeg en in de Premier League. En toen ik als trainer begon, kreeg ik het etiket dat ik daar te braaf voor was. Ik heb geleerd mijn eigen weg te volgen en mij niet bezig te houden met wat anderen denken.”

“Ik denk dat ik qua omgaan met druk wel een goeie ervaring heb opgedaan bij Club”

Je twee vorige buitenlandse avonturen eindigden telkens met een ontslag. Daar lijk je ons toch niet ongevoelig voor.

“Neen, op het moment zelf doet dat pijn, omdat je keihard werkt, iets aan het uitbouwen bent en dan het idee krijgt dat er in de club andere oorzaken zijn waarom de resultaten niet goed zijn. Maar je leert ook dat dit nu eenmaal bij het vak hoort. Er zijn nog weinig stabiele plaatsen. Toen ik thuis zat en naar een wedstrijd van AS Roma aan het kijken was, vroeg mijn vrouw: ‘Wie is die trainer? Ik ken die van ergens.’ Ik legde haar uit dat het Claudio Ranieri was, een goeie, door iedereen zeer gerespecteerde trainer. Ik keek op mijn gsm waar hij overal gewerkt had en telde 23 clubs. Waarop mijn vrouw zei: ‘Kijk, jij kunt daar zo slecht van zijn wanneer je ontslagen wordt, maar hoe dikwijls heeft die mens dat al niet meegemaakt?’” (lacht)

Hoe is het leven in Norwich?

“Goed! We vonden een tof huis, landelijk gelegen op twintig minuten van de stad. Norwich zelf is een beetje een Brugge-achtige stad met oude kastelen, water, gezellige straatjes en restaurantjes. We voelen ons hier echt thuis.”

Hoe is het om met twee kunstheupen door het leven te gaan?

“Raar, omdat ik nooit pijn meer heb. Precies alsof het onderste gedeelte van mijn lichaam van iemand anders is. Het probleem was aangeboren. De kam rond mijn heup was niet volgroeid en de heup zelf was geen bolvorm maar ellipsvormig. Iemand met zulke heupen wordt tegenwoordig afgekeurd in het profvoetbal. Ik had al veertig jaar last en heb tijdens mijn carrière veel afgezien. Maar door door te zetten, heb ik ook heel veel mooie momenten kunnen meemaken.”

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier