Wat krijg je als je Jacques Sys (69), hoofdredacteur van Sport/Voetbalmagazine en gepokt en gemazzeld in de voetbal- en wielerwereld, en Imke Courtois (31), de charmantste aller voetbalanalisten, aan een rijkgevulde tafel samenbrengt? Een heerlijke mix van bezadigde wijsheid en wilde frisheid. “Dat is een zeer pertinente bemerking, Imke!” Vandaag deel 1 van het grote nieuwjaarsdebat: de lente van 2020. De titel voor Club, de Champions League voor Liverpool en Tadej Pogačar is een topper!

Door senior writer Frank Buyse

Imke: Vroeger was wielrennen iets wat oma en opa opzetten om hun middagdutje te doen. Om dan 10 kilometer voor de streep wakker te worden. Sinds ik zelf fiets volg ik de koers meer. Ik heb zelfs vorig jaar een hele Tourrit uitgekeken. De meest saaie Tourrit ever, hoorde ik achteraf (lacht). Waarom wachten die zo lang om aan te vallen, Jacques?

 

Jacques Sys en Imke Courtois.

Jacques: Ik vraag me dat ook wel eens af. Door de oortjes wordt het steeds tactischer. Al is tactiek in het wielrennen toch veel minder belangrijk dan in het voetbal. Het blijft een afvallingswedstrijd.”

Imke (meteen enthousiast): En je hebt ook van die waterdragers die de kopmannen moeten naar voor brengen! Episch vind ik dat! Maar het zou niets voor mij zijn, zo’n onderdanige rol.

Jacques: In het voetbal zijn ‘dragende’ en ‘dienende’ spelers minder afgelijnd. De zelfoverschatting die voetballers zo typeert, heb je minder bij wielrenners. Een renner als Iljo Keisse ambiéért ook niets meer dan 200 kilometer aan de kop te sleuren. Het is allemaal duidelijker: als Peter Sagan je 20 kilometer voor de finish lost, kan je gewoon niet mee. Klaar.

Imke (steeds enthousiaster): Sagan, heerlijke sportman! Wielrenners zijn sowieso meer gedisciplineerd dan voetballers, maar Sagan straalt zoveel meer uit! De max!

Jacques: Sagan heeft het wielrennen weer kleur gegeven. Maar toch heb ik nog steeds moeite met het hypocriete in de wielersport. Het is en blijft een gesloten wereldje. Toen ik mijn eerste Tour volgde, viel ik achterover van de verhalen ’s avonds aan tafel over doping, over koersen verkopen … En de vanzelfsprekendheid waarmee de journalisten er niet over schreven … Het voetbal is toch zuiverder.

Imke: Mogen we dat nog zeggen, na afgelopen jaar?

Jacques: Ik bedoelde zuiverder inzake doping. Want er is in Propere Handen natuurlijk ook glashard gelogen.

Imke: Was het ook niet de bevestiging van wat we allemaal wisten? Het is een maatschappelijk probleem. Ik kijk ook nog steeds op dezelfde manier naar het voetbal. Ik geniet nog evenveel. Ik geloof nooit dat spelers op het veld bewust een bal door de benen laten. Het zit allemaal meer in de bestuurskamers. Maar er zullen nog lijken uit de kast vallen, denk ik.

Jacques: Zoals in het dossier-Bart Vertenten. Men sloot toch niet zomaar zo lang die refs op?

Imke: Vind ik ook.

Jacques: Maar wíl men wel iets veranderen? Standard heeft al lang weer Mogi Bayat in de armen gesloten. Niemand geeft een voorbeeld. Of zijn de belangen te groot? Macht en geld. In de wielersport zijn de financiële verschillen ook minder groot. Man United tegenover Club Brugge is niet te vergelijken met Ineos tegenover Deceuninck-Quick.Step. In het wielrennen moeten alle inkomsten van sponsoring komen, hé. Door de mondialisering is de koers ook niet meer van ons. Toen we met Sport ’70 begonnen …

Imke: Toen was ik dus min achttien jaar!

Gilbert zal ermee moeten leren leven, dat Milaan-Sanremo de enige klassieker is die hij nooit zal hebben gewonnen. (Jacques Sys)

Jacques: … hadden we veel meer Belgische vedetten … Eddy Merckx voorop. Ik moet zeggen dat ik momenteel wel Mathieu van der Poel een fenomeen vind. Die is ook deze winter, met alle respect voor Aerts en co, in het veldrijden véél te goed voor de rest. En ik verwacht ook heel veel van hem op de weg, in de voorjaarsklassiekers dan.

******

Imke: Wacht, vooraleer de echte wielerkenner het wielerjaar voorspelt, mag ik alvast mijn twee wielervragen stellen? Ten eerste: ik heb het voor jongeren, ik ben zeer benieuwd hoe Remco Evenepoel en die jonge Slovaak, Pogačar …

Jacques: … Tadej Pogačar, pas 21 jaar, een zeer groot talent, ja. Dat is een zeer pertinente vraag, Imke! Noteren! Hetgeen hij vorig jaar presteerde bleef toch een beetje onderbelicht. Tja, Evenepoel … de nieuwe Merckx …: ik huiver altijd als ik zo’n vergelijkingen hoor en zie. Ridicuul! Ik heb het al getweet: laat Evenepoel eens met gerust met die vergelijkingen. Evenepoel heeft die tweet meteen geliket! (lacht). Mensen die zo’n vergelijkingen maken weten niet waarover ze spreken. Merckx won alle klassiekers, rondes, won nog zo’n zeventien, geloof ik, zesdaagsen ook. In de huidige context is evenaren onmogelijk. Ik was verbaasd dat Merckx zelf zei dat Evenepoel de nieuwe Merckx kan worden. Evenepoel zal ongetwijfeld een mooie carrière uitbouwen – hij houdt de voeten op de grond én rijdt bij een goede ploeg – maar zelfs maar de ‘nieuwe Tom Boonen’ vind ik gevaarlijk. Men noemde Jasper Stuyven na een solo van 20 kilometer in Kuurne-Brussel-Kuurne ook al de ‘nieuwe Boonen’ … En Museeuw was na een solo van 30 kilometer ook meteen de nieuwe Eddy Merckx. Het is typisch aan het wielrennen, die vergelijkingen.

Imke: En ten tweede: haalt Wout van Aert zijn niveau terug?

Jacques: Wat mij betreft was, naast het uurrecord van Victor Campenaerts, omwille vooral van diens maniakale voorbereiding in Namibië, hét wielermoment van 2019 Van Aert die viel in Parijs-Roubaix en dan zomaar het gat dichtreed. Het was verbluffend hoe Van Aert zich als wegrenner heeft ontwikkeld vorig jaar.

Imke: Het is ook afwachten of hij 100 % hersteld geraakt van zijn zware val in de Tour.

Jacques: Dat is waar. Maar als dat lukt, gaan ze altijd rekening moeten houden met Van Aert. Al vind ik in die generatie Van der Poel nog beter. Dat is uitzonderlijke klasse, ongeziene atletische mogelijkheden. Die zal er staan in de voorjaarsklassiekers. Dat vind ik trouwens nog het meest positief aan het wielrennen: Evenepoel, Van Aert en Van der Poel zijn niet alleen de exponenten van een nieuwe lichting, ze verkopen zich ook goed en analyseren juist. Het zijn waardige ambassadeurs.

Imke: Ik denk dat binnen vijftien jaar van die drie Evenepoel het meest zal hebben gewonnen.”

Jacques: Denk ik ook. Evenepoel, Van der Poel, Van Aert, in die volgorde. Die drie zijn ook zóveel beter dan de tussengeneratie Stuyven-Naessen-Lampaert-Teuns … Allemaal goeie subtoppers die hooguit eens een BK of een Tourrit winnen. Maar ik zie ze geen klassiekers winnen.

Imke, opspringend: Die zijn meer voor Pogačar!

Ik was believer van Kompany zijn project. Intussen overheerst evenwel medelijden. (Imke Courtois)

Jacques, glimlachend: Ik verwacht een heel sterk jaar van Pogačar, ja. De klimklasseiers liggen hem zeker. Hij is explosief én heeft een groot uithoudingsvermogen. Maar er zijn wel meer buitenlandse toppers. Alaphilippe voorop natuurlijk, Fuglsang … Philippe Gilbert zal ermee moeten leren leven, dat Milaan-Sanremo de enige klassieker is die hij nooit zal hebben gewonnen. Hij moet op de Poggio, waar anderen beter zijn, weggeraken, Gilbert blijft vooral de koning de koning van de korte helling. Én je moet die Poggio ook zeer kunnen afdalen. En hij is weer een jaartje ouder … neen … Ik ben wel benieuwd naar Greg Van Avermaet, vorig jaar toch minder. Hij is een kampioen van de geleidelijke opbouw, eerst een aantal seizoenen net niet, dan een topseizoen, en nu is hij weer de man van ‘net niet’. Maar wel veel ereplaatsen, hij staat vandaag nog bovenaan op de UCI-ranking. Hij speelt in Milaan-Sanremo maar zeker in de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix weer mee.

Imke: Wat mogen we nog verwachten van Peter Sagan? Hij rijdt altijd zo heerlijke agressief, hou ik van.

Jacques: Sagan brengt kleur. Hij wil altijd iedereen dood rijden, uiteindelijk de essentie van wielrennen. Rik Van Looy zei dat altijd: ik wil iedereen doodrijden. Sagan heeft een minder jaar achter de rug, wellicht ook door wat privéproblemen. Maar zoveel klasse, die komt dit jaar terug.

******

Jacques: Of Club tegen de laatste voorjaarsklassieker op 26 april, Luik-Bastenaken-Luik, al lang kampioen zal zijn? Club wordt in elk geval wel kampioen. Ze hebben zo’n grote kern en ze kunnen zoveel variëren dat hen niets kan overkomen. Club kan alleen zichzelf kloppen. Ze missen eigenlijk alleen nog een echte killer.

Imke: Ze worden zelfs zonder zo’n spits kampioen. Ik dacht lang dat Gent en Standard dichtbij gingen blijven maar als je nu de kloof ziet … Ik kijk nochtans ontzettend graag naar AA Gent. Hun middenveld, hun aanvalscombinaties … Bezus en Chakvetadze zitten daar op de bank, hé. Alleen verdedigend is het te weinig.

Jacques: Ik heb heel veel respect voor Jess Thorup. Als coach en als mens. Maar Club zal in de play-offs nooit meer worden bijgehaald. Clement heeft die groep zó goed in de hand …

Imke: Het vertrek van Pozuelo vorig seizoen managede hij ook top.

Van der Poel vind ik nog beter dan Van Aert. Dat is uitzonderlijke klasse, ongeziene atletische mogelijkheden. Die zal er staan in de voorjaarsklassiekers. (Jacques Sys)

Jacques: Zou Genk nog play-off 1 halen? Ik denk het wel. Wolf zet er iets neer, vind ik. Opgeleid door Jürgen Klopp, voor mij de beste trainer ter wereld die onnavolgbaar zijn passie in een club kan planten.

Imke rekent: “PO 1: Club Brugge, Antwerp, Gent, Standard, Charleroi en Genk, jep.”

Jacques: Karim Belhocine verricht, verder bouwend op de fundamenten van Mazzu, bij Charleroi uitstekend werk.

Imke: Ik geef dus Anderlecht op, ja. Al was ik blij dat Kompany terug kwam naar België, ik heb nooit geloofd in die combinatie manager-speler. Ik bleef wél lang een believer van zijn project. Intussen overheerst evenwel medelijden.

Jacques: Er is zoveel fout gedaan. 48 kernspelers maar geen evenwichtige ploeg, hoe kan dat nu? Er zijn onder Roger Vanden Stock en Herman Van Holsbeeck ongetwijfeld veel zaken fout gelopen maar Marc Coucke is intussen wel twee jaar aan de macht, hé. En ik word nu toch ook stilaan moe van Vincent Kompany. Die werd zo overschat … Alsof God de Vader uit de hemel neerdaalde. Het falen van Kompany is voor mij dé teleurstelling van 2019.

Imke: Wanneer weet ik niet, maar Club wordt in elk geval kampioen. Al komen er nog play-offs. Waar ik trouwens groot voorstander van ben. Voetbal is toch entertainment? Als speler zou ik ook niet graag hebben dat men mijn voorsprong halveert, maar ik zie nu wel het bredere plaatje. Het is in België tenminste elk jaar spannend.

Wanneer weet ik niet, maar Club Brugge wordt in elk geval kampioen. (Imke Courtois)

Jacques: Ik ben wel tegen de halvering van de punten. Als je het per se spannend wil maken, kan je de punten beter meteen delen door vier (lacht).

Imke: In Engeland is de spanning er nu al uit. Ik ben blij dat het in Spanje, Italië en Duitsland nog eens een leuke titelstrijd wordt.

Jacques: En toch wordt het in Italië opnieuw Juventus, denk ik.

Imke: In Spanje Barcelona.

Jacques: Al is het een Oost-Duitse club, coach Julian Nagelsmann doet het met Leipzig fantastisch. Maar toch wordt Bayern München opnieuw kampioen. Omwille van de ervaring en Lewandowski.

Imke: Ik kijk nu al uit naar de 1/8ste finale in de Champions League Real Madrid-Manchester City. Eden Hazard tegen Kevin De Bruyne! Maar Liverpool wint wel opnieuw de Champions League.

Jacques: Liverpool is een onstuitbare machine en een ploeg die heel evenwichtig in elkaar zit.

Imke: Wat de Europa League betreft: Club Brugge en AA Gent hadden met Manchester United en AS Roma makkelijker tegenstanders kunnen loten in de 1/16de finales maar in deze fase gaat het toch om de affiches? Ik had ook wel eens tegen Rashford willen voetballen. Ik geef ze toch allebei een kans.

Jacques: Vooral Club Brugge is niet kansloos, denk ik.