Zopas zijn in Brussels Expo de deuren voor het 94ste Autosalon van Brussel open gegaan. Dat staat dit jaar helemaal in het teken van ‘connectiviteit’. Maar wat is een ‘connected car’ nu eigenlijk?

Automobielconnectiviteit betekent de start van een nieuw tijdperk. Tot op heden stonden auto’s los van hun omgeving, maar in de toekomst komt er interactie tussen beide. Twintig jaar geleden zorgde het internet al voor een heuse revolutie in de computerwereld. In de komende jaren zal het internet ook voor een revolutie in de auto zorgen. Auto’s worden een actief onderdeel van het internet en dat levert de bestuurder een waaier van voordelen op.

Door auto’s te connecteren gaan zowel het comfort, de veiligheid als de efficiëntie van de mobiliteit van morgen erop vooruit. Connectiviteit is meer dan op de openbare weg kunnen surfen op het net. De voorruit wordt alvast het belangrijkste display in een auto. Alle voertuiggegevens én andere data uit de omgeving zullen in het gezichtsveld van de bestuurder worden geprojecteerd.

Nu digitalisering het leven van steeds meer mensen verandert, lijkt connectiviteit goed op weg een megatrend te worden in de automobielindustrie. Overigens spelen auto’s zelf een belangrijke rol in de manier waarop deze digitalisering zich verspreidt. Dat is de reden waarom vernuftelingen aan oplossingen werken die zowel heel intuïtief als uiterst gesofisticeerd zijn. Een voorbeeld daarvan is ‘MySpin’, een systeem dat iPhones en Android smartphones integreert in het voertuig en waarbij het telefoondisplay van het voertuig wordt weergegeven. Dat maakt het gebruik van apps in de auto gemakkelijker, veiliger en handiger.

Geconnecteerde navigatie

Internet in de auto kan nu ook zonder behulp van mobiele telefoons. Eigentijdse navigatiesystemen kunnen nu al het dichtsbijzijnde Franse of Italiaanse restaurant vinden. In de toekomst zullen overigens ook bestuurders van elektrische wagens niet langer moeten zoeken naar laadpalen omdat het systeem hen naar de dichtsbijzijnde laadpaal leidt of hen helpt een parkeerplaats in de buurt te reserveren. Als de navigatiesoftware ziet dat een twee kilometer lange afdaling leidt naar een bebouwde kom, kan het de auto laten weten over te schakelen naar de ‘fuel-efficiency-modus’ om de accu op te laden. Op die manier kan tot 15 procent brandstof bespaard worden. In de toekomst zullen deze navigatiegegevens worden aangevuld met tot-op-de-minuut exacte verkeersinformatie. Dit soort geconnecteerde navigatie, waarbij auto’s gebruik maken van gegevens van het internet is dé toekomst voor personenwagens.

Internet in de auto kan ook zonder behulp van mobiele telefoons.
Internet in de auto kan ook zonder behulp van mobiele telefoons.

Geen eenrichtingsverkeer

Ook de datasnelweg in de wagen is geen eenrichtingsverkeer. Auto’s zullen niet alleen gebruik maken van het internet, ze zullen ook zelf informatie verstrekken aan hun omgeving. “Als we auto’s in de cloud willen connecteren, is databescherming een absolute vereiste. De voordelen wegen ruimschoots op tegen de mogelijke risico’s”, klinkt het bij autotechnologiebedrijf Bosch. Auto’s zullen in de toekomst sensoren op zichzelf worden die informatie vanuit hun omgeving verzamelen en deze uitwisselen met elkaar of met een server. Deze zogenaamde ‘zwevende’ autogegevens leveren informatie voor zeer dynamische kaarten en verhogen tegelijk de veiligheid.

Terwijl een bestuuder niet verder kan kijken dan de eerstvolgende bocht, weet het navigatiesysteem dat zich na die bocht een ijsplek of de staart van een file bevindt. Het systeem kan de bestuurder een waarschuwing geven of automatisch beginnen afremmen. Op dit moment zijn er al een aantal toepassingen waarbij auto’s communiceren met de buitenwereld. Een voorbeeld daarvan is eCall dat inmiddels verplicht is binnen de Europese Unie. Zodra er zich een ongeval voordoet, belt de auto automatisch de hulpdiensten. Het opbellen wordt geactiveerd door dezelfde sensoren die de airbag bedienen. eCall kan de tijd die hulpdiensten nodig hebben om van de plaats van het ongeval te bereiken in plattelandsgebieden met 50 procent en in stedelijke gebieden zelfs met 40 procent verminderen. Geautomatiseerde, geconnecteerde voertuigen kunnen de verkeersstroom met 80 procent verbeteren en een veilige, vlotte mobiliteit voor oudere personen garanderen. Studies tonen aan dat het aantal verkeersdoden met 90 procent kan dalen bij een geleidelijke automatisering van de auto.