Wout van Aert blikt met terug op het voorbije wielerjaar: “Echt rustig leven als ik in België ben, kan niet meer”

1529
Begin augustus: Van Aert wint op verbluffende wijze een snikhete Strade Bianche. De start van een dolle week met winst in Milaan-Sanremo én het begin van grand cru-jaar. (foto Getty Images)© Getty Images
Begin augustus: Van Aert wint op verbluffende wijze een snikhete Strade Bianche. De start van een dolle week met winst in Milaan-Sanremo én het begin van grand cru-jaar. (foto Getty Images)

LILLE – Hij werd verkozen tot Sportman van het Jaar en dat kwam natuurlijk niet zomaar uit de lucht gevallen. Wout van Aert (26) was, met of zonder corona, de grote smaakmaker van het voorbije wielerseizoen. Dé Belg van de voorbije twaalf maanden blikt voor ons terug op een bewogen 2020 en kijkt vooruit naar een veelbelovend 2021. “Ik heb al vaak gedacht: ik ben nu bekend in België en erger zal het niet meer worden.”

Januari, de eerste krachtexploot van Remco

Remco Evenepoel wint in Argentinië zijn eerste van vier rittenkoersen die hij rijdt. Dat iemand van 20 jaar in de Ronde van Polen drie minuten van wereldtoppers als Fuglsang en Yates wegrijdt, vindt iedereen intussen de normaalste zaak van de wereld.

Van Aert: “Ik probeer me, als ik aan Remco denk, altijd in te beelden wat ik deed toen ik zo oud was. Dat kan je niet vergelijken. Ik was net prof geworden, won de Ronde van Luik en was volop aan het crossen. Ik deed het goed, maar in een andere wereld waarin Remco nu presteert. Weet je wat ik mooi aan hem vind? Hij wint San Juan, maar krijgt kritiek dat de beste renners er niet waren. Hij wint in Algarve tegen goeie coureurs, maar krijgt kritiek dat het máár Algarve is. Hij wint in Polen, toch een WorldTour-koers, maar krijgt opnieuw kritiek dat de besten er niet waren. Ik weet alleen dat ik de week ervoor in de Strade Bianche ook tegen Fuglsang gekoerst heb en hem dan wel geklopt heb, maar ik liet hem niet op 50 kilometer van de meet achter en ik smeerde hem geen drie minuten aan. Ongezien.”

Februari, de geboorte van Wout II

Wout van Aert wint de cross in Lille, zijn eerste zege na zijn val in de Tour van 2019. Vertelde Mathieu van der Poel recent: “Lille was volgens mij het kantelpunt voor Wout.”

Klopt wel. Zo’n zege is toch echt een bevestiging, ook al voelde ik dat ik goed bezig was. Lille was, de week na het WK, een bonus voor ik me op het wegseizoen zou richten, maar ik was wel heel gemotiveerd om nog eens voor eigen volk te kunnen crossen. Het moment zelf heb ik dat geminimaliseerd, maar als ik achteraf zie hoe ik van dat moment heb genoten, was die zege echt nodig en gaf het me de nodige rust.”

Maart, de start van een nieuw wielertijdperk

Lockdown in het peloton en ook een verandering in de wielerjournalistiek. De Zoom-interviews doen hun intrede.

Er zijn veel voordelen aan. Ik kan, zoals nu, gewoon rustig in mijn zetel zitten. Het vraagt veel kleinere inspanningen dan een live-interview. Het is ook makkelijk om verschillende interviews te kunnen koppelen. De stap is natuurlijk kleiner geworden. Daardoor krijg ik meer interviewaanvragen, heb ik de indruk. Dat dit vooral aan mijn toegenomen bekendheid ligt? (grijnst) Dat is misschien wel de belangrijkste reden en heb ik over het hoofd gezien. Ook aanvragen van niet-wielergerelateerde media komen voortdurend binnen, maar dat zijn wel de interviews waar we het strengst op filteren. Voor wielerinterviews proberen we altijd tijd te maken.

April, De intrede van ‘den Fons’

Vriendin Sarah raakt in verwachting. ‘Fonske’, de ‘werktitel’ van de baby, wordt begin 2021 verwacht. Eén van de woorden van 2020 wordt enkele maanden later geboren: een collega had het tijdens een loopsessie over ‘het WVA-effect’. Bleek dat zijn vriendin zwanger was en hij daardoor nóg sneller liep dan anders…

(proest het uit) Wel een leuke anekdote, moet ik zeggen. Het is best wel gek als je daar bij stilstaat. Laat ons zeggen dat ik al vaak dacht: ik ben nu bekend in België en erger zal het niet meer worden. Maar dit jaar heb ik een paar keer mogen ervaren dat het nog een stapje meer kan zijn. Echt rustig leven als ik in België ben, kan niet meer. Maar dat hoort erbij en ergens is dat ook een goed teken, besef ik.

Het is belangrijk om de jeugd ook niet te vergeten en in 2021 een nieuwe start te maken.”

Mei, de verdienstelijke Ronde

Mathieu van der Poel wint De Container Cup. Astana wint de Ronde van Italië op Zwift en Greg Van Avermaet wint de Ronde van Vlaanderen op rollen.

Dat virtuele wielrennen is niet mijn ding, maar het was wel een goeie manier om de sport wat levendig te houden en de sponsors in beeld te krijgen. De Ronde was natuurlijk iets nieuws. Het was belangrijk voor de ploeg en mezelf om erbij te zijn, ook al werd het geen hoogvlieger. Ik was niet goed getraind en kan me daarvoor toch net iets minder opladen. (grijnst) Voor alle virtuele koersen die erna kwamen, heb ik het excuus gebruikt dat ik de Ronde al gedaan had.

Juni, West-Vlaamse bergkoningen

Tal van profs kronen zich op Strava tot King of the Mountain (KOM). Vooral De Melkerie van Yves Lampaert, Tim Declercq en co is heel actief.

Ik vind dat iets leuks en zeker voor jullie iets extra’s om ons te volgen. Zelf ben ik nog niet zo gek te krijgen om een aanval op een bepaald segment te plaatsen. Ik gebruik Strava vooral om een bepaalde training te analyseren en klimtijden te vergelijken. Maar ik heb nog maar zelden bewust een KOM proberen aan te vallen. Dat laat ik met plezier aan mijn West-Vlaamse vrienden over. (lacht) Die hebben daar blijkbaar veel tijd voor.

Juli, de verloren wielergeneratie

Op 1 juli vindt in Dikkebus de eerste Belgische koers postcorona plaats, maar heel wat jeugdrenners hebben in 2020 amper kunnen koersen.

(knikt) Dat is ook voor ons jammer om te zien. Het is begrijpelijk en logisch dat profsport een andere behandeling dan jeugdsport kreeg, maar het is belangrijk om de jeugd ook niet te vergeten en in 2021 een nieuwe start te maken. Die jongens zijn de toekomst van de wielersport. Ik kan me goed voorstellen dat een groot deel van die gasten de motivatie en goesting om te koersen heeft verloren en daar zullen automatisch talenten bij zijn. Dat is niet goed, alleen ben ik zelf niet bij machte om daar iets aan te veranderen.

Augustus, de G5 van het wielrennen

Wout van Aert wint de Strade Bianche en Milaan-Sanremo, het begin van een straf seizoen. Hij is de wielerfiguur van 2020, al minimaliseren we als Belgen daarmee de prestaties van Pogacar, Roglic en Alaphilippe.

Elk jaar opnieuw is het moeilijk om zo’n titel uit te reiken. Het zou beter zijn om vijf renners te kiezen. Het is onmogelijk om mij met Pogacar en Primoz te vergelijken, want we zijn totaal andere renners. Ik laat het aan jullie over om te beslissen, al valt het natuurlijk te begrijpen dat de wil in België groot is om mij op kop van dat lijstje te zetten.

De wegrit in Imola was mijn sterkste wedstrijd van het jaar, ook al werd ik geen wereldkampioen.”

September, De jacht op de regenboog

Op het WK in Imola brengt Wout van Aert de kok van de Belgische ploeg in contact met de diëtiste van Jumbo-Visma. De kok geeft door wat hij gaat klaarmaken, waarna de diëtiste zegt hoeveel gram hij van alles moet voorzien. Veelzeggend voor het nieuwe wielrennen, maar vooral veelzeggend voor het professionalisme van Van Aert en Jumbo Visma.

Absoluut. Als ploeg staan we heel ver op dat vlak. Ik geloof ook heel hard in het systeem om perfect opgeladen te zijn voor een eendagskoers of om in de Tour elke dag weer in energiebalans te zijn. Er zitten heel veel slimme mensen achter dat systeem. Als de kok van de Belgische ploeg onze recepten volgt – dat zijn eigenlijk vrij normale recepten – is het heel makkelijk voor mij om dat te kopiëren. Het zou ook raar zijn om daar zo fanatiek mee bezig te zijn en het op het WK ineens met de natte vinger aan te pakken. Ik ben dus heel blij dat de wielerbond daarin meegegaan is en we het zo hebben kunnen doen. En los daarvan. De wegrit in Imola was mijn sterkste wedstrijd van het jaar, ook al werd ik geen wereldkampioen. Na de tijdrit (ook zilver, red.) besefte ik dan weer dat dit een discipline is waarin ik nog stappen kan zetten. En dat zal ook nodig zijn om Ganna in Tokio en Brugge te verslaan.

Oktober, het voortbestaan van de cross

In Gieten vindt de eerste klassementscross van het onthoofde veldritseizoen plaats. Een winter zonder supporters, zonder vips en met verlaagde startgelden.

De cross is minder groot dan het wegwielrennen en deelde daarom iets harder in de klappen, maar aan de andere kant zijn er nog altijd veel crossen die wel doorgaan en er zijn nog altijd heel veel mensen met het veldrijden bezig. Het komt ook nog steeds op tv. Het concept van zondagnamiddag, met zijn allen voor de buis, blijft overeind. Ik vrees niet dat dit de voorbode van het einde van de cross is.

November, De hand van Marc

Van Aert viert zijn terugkeer in het veld. Marc Lamberts, vroeger de man achter Jurgen Van den Broeck en nu ook de trainer van Primoz Roglic, zegt: “Wout heeft me al een paar keer verbaasd en hij mag me blijven verbazen.”

Marc was mijn eerste coach en nog altijd degene met wie ik dagdagelijks samenwerk. Dat zegt al genoeg. Ik bereikte in mijn carrière al heel veel verschillende dingen en hij is daar altijd één van de architecten van geweest. Marc houdt ook van uitdagingen, net zoals ik. Er alles aan doen, dat hebben we allebei. Hij in zijn specialiteit en ik in de mijne. Ik zou niet willen ruilen. Marc is één van de redenen achter mijn succes.

December, Wout, het kijkcijferkanon

Ook Mathieu van der Poel keert terug in het veld. Floris De Tier, ex-ploegmaat van Van Aert en nu van Van der Poel, zegt: “Als er geen corona was geweest, zouden er deze winter toeschouwersrecords gebroken zijn.”

Dat zou best kunnen. Dat komt vermoedelijk, omdat Mathieu en ik nu ook op de weg bij de sterkste renners zijn. Daardoor zouden er nog meer mensen naar de cross gekomen zijn. Als ze morgen publiek toelaten, willen de mensen er gewoon bij zijn en zullen ze niet aan corona denken. Dat is de realiteit. Maar net daardoor ben ik ervan overtuigd dat de cross zich wel zal kunnen herstellen.