Chef nieuws Sandra Rosseel: “Misschien moeten we met zijn allen meer de nadruk leggen op wat ons gelukkig maakt”

218

Goeiemorgen,

Hoe lang is het geleden dat iemand nog aan jou gezegd heeft dat hij of zij gelukkig is? En hoe lang is het geleden dat je zelf nog tegen iemand hebt gezegd dat jij gelukkig bent?

Het zijn twee best wel confronterende vragen, vind ik. De lancering van ons nieuwe dz magazine twee weken geleden zorgde voor heel wat gelukkige mensen bij ons op de redactie, mezelf inbegrepen. Maar los daarvan was het best al een hele tijd geleden dat iemand uit mijn omgeving luidop durfde te verklaren dat hij of zij gelukkig was. Met uitzondering van kinderen, die gelukkig wel nog zonder meer laten weten wat hen blij maakt. Gesprekken met volwassenen daarentegen gaan al te vaak over wat we allemaal moeten missen, en nog meer over angst wat de toekomst zal brengen. Angst voor de stijgende levenskosten – van de exploderende energierekeningen tot het steeds duurder wordend winkelkarretje. Angst dat ons leven nooit meer ‘normaal’ zal worden. En hoewel de aangekondigde versoepelingen van de coronamaatregelen deze week wel voor wat blijheid zorgden, is dat gevoel niet te vergelijken met de euforie die er heerste toen de versoepelingen na de eerste lockdown werden aangekondigd. We hebben ondertussen wel al geleerd dat we, zeker wat corona betreft, het vel van de beer niet mogen verkopen voor hij geschoten is, maar toch… Soms lijkt het alsof heel wat mensen niet meer durven hopen.

Het is een gevoel dat nog versterkt wordt wanneer ik verhalen lees over de deelnemers aan het Konvooi van de Vrijheid. Wat in Canada ontstond als protest tegen de verplichte vaccinatie van vrachtwagenchauffeurs, is ondertussen uitgegroeid tot een verzameling van mensen die ontevreden zijn om allerlei redenen. Het draait niet langer alleen maar om de aanpak van de pandemie, maar om veel meer. Met één constante: het zijn quasi allemaal mensen die het gevoel hebben dat ze niet gehoord worden, dat niemand naar hen wil luisteren.

Pasklare oplossingen zijn er niet, dat weten we ook al langer. En voor heel wat mensen is het leven momenteel bijzonder zwaar. En toch vraag ik me af of we het elkaar niet extra moeilijk maken, door te veel de focus te leggen op de problemen en te weinig op de goeie dingen in ons leven, hoe klein en futiel die soms ook zijn.

“Er is geen enkel probleem dat niet opgelost kan worden”, waren wijze woorden die ik onlangs hoorde op een begrafenis van iemand die me dierbaar was. Het zijn woorden waar iedereen die achterblijft zich nu aan optrekt, woorden die hoop geven in tijden die hopeloos lijken.

De kracht van een zin, het blijft een wonderlijk iets. En het doet me mijmeren: wat als we nu met zijn allen meer de nadruk leggen op wat ons gelukkig maakt? Ik begin: mijn metekindje dat met een monsterscore doorstoot naar de volgende ronde van de biologie-olympiade. De collega die zomaar trakteert met taart. Het eerste sneeuwklokje van het jaar dat zijn opwachting maakt. De verbazing en blijdschap bij Hanne Desmet toen ze haar bronzen medaille pakte. De zoon die zich tegen me aan komt vleien in de zetel… Zelfs zonder diep na te denken kan ik meteen een hele reeks voorbeelden opsommen. Ik glimlach en koester die momenten nog eens in gedachten. En nu is het aan jou…

Maak er een prachtige zondag van,

Reageren? Sandra.rosseel@roularta.be